Home

‘De laatste zin uit Dante’s ‘hel’ is me altijd bijgebleven’

Dante Alighieri Boeken kunnen ons door donkere dagen slepen, weet masterstudent internationale betrekkingen Janne ten Barge (27). De goddelijke komedie van Dante is voor hem zo’n boek.

„In mijn leven zijn er regelmatig situaties waarin ik ineens merk dat een verhaal dat ik ooit heb gelezen een soort kader biedt om naar de werkelijkheid te kijken. Literatuur geeft je soms de mogelijkheid om analytischer naar het leven te kijken. In een roman ontmoet je personages die keuzes maken of eigenschappen hebben die sterk zijn uitvergroot.

Mijn fascinatie voor Dante’s Goddelijke komedie begon eigenlijk al toen ik twaalf was. Ik liep uit het treinstation van Trento, in Noord-Italië, waar we vroeger met mijn ouders op vakantie gingen. We stonden er elk jaar op een camping. Mijn wereld bestond toen vooral uit voetballen. Ik kwam uit de Achterhoek en kunst interesseerde me eerlijk gezegd nauwelijks.

Maar buiten het station stond een enorme fontein. Geen klassiek standbeeld, zoals je ze in Nederland vaak ziet – een generaal op een paard of een held op een sokkel – maar een groteske, bijna barokke scène: een soort helleput met figuren die in allerlei vreemde houdingen om elkaar heen kronkelden. Ik wist niet wat ik zag, maar het maakte indruk. Pas later ontdekte ik dat het de negen cirkels van de hel uit Dante verbeeldde.

Dat beeld bleef ergens in mijn hoofd hangen. Toen ik later vaker in Italië kwam, viel me op dat in bijna elke stad wel een Via Dante Alighieri bestaat. Op een gegeven moment vroeg ik me af: wie is die Dante eigenlijk? Toen ik 21 was, heb ik De goddelijke komedie gekocht.

De eerste poging om het te lezen was weinig succesvol. Het is een verhalend gedicht uit het begin van de veertiende eeuw, geschreven in een taal die voor ons ver weg voelt. Het staat vol archaïsche woorden en verwijzingen, en tegelijk is het een liefdesverhaal, een religieuze tekst en een felle maatschappijkritiek. Na een tijdje heb ik het weer weggelegd.

Toch bleef het idee me bezighouden. In Dante’s hel ontmoet je mensen die gestraft worden voor hoogmoed, hebzucht, woede of verraad. Langzaam begon ik dat minder te zien als een fantasiewereld en meer als een soort morele inventarisatie van menselijk gedrag; eigenschappen die je niet alleen in anderen, maar soms ook in jezelf herkent.

Jaren later liep ik in Rome door de Sixtijnse Kapel. Op de achterwand hangt Michelangelo’s Laatste oordeel, met rechtsonder een immense voorstelling van de hel. Toen dacht ik: ik moet dat boek nog eens lezen.Dat gebeurde uiteindelijk in een periode waarin ik mentaal slecht in mijn vel zat. Tussen mijn 23ste en 25ste voelde ik me behoorlijk ongelukkig.

Toen ik het boek opnieuw oppakte, kwam de laatste zin van de hel ineens binnen, over de personages die na hun tocht weer naar buiten gaan: ‘daarboven zagen we de sterren weer’. Dat beeld – dat je door iets donkers heen kunt gaan en daarna weer omhoog kunt kijken – is me altijd bijgebleven.

Sindsdien neem ik Dante vaak mee. De afgelopen jaren reisde ik regelmatig alleen, bijvoorbeeld naar de woestijn in Jordanië. Dan nam ik een boek mee en kon ik er volledig in verdwijnen. Soms sloeg ik Dante niet eens open, maar het voelde goed om het boek bij me te hebben.

Ik heb zelfs een kleine verwijzing naar De goddelijke komedie op mijn racefiets laten zetten, de omtrek van het hoofd van Dante. Het is bijna onzichtbaar; alleen als je er met een zaklamp op schijnt, licht het op. Een soort stille metgezel.

Wat me ook blijft fascineren, is hoe precies het werk in elkaar zit: drie boeken, opgebouwd uit canto’s die allemaal exact even lang zijn. Het lijkt bijna een wiskundig systeem. Tegelijk was het boek in zijn tijd een vorm van kritiek op de macht van de kerk en de politieke orde. Dat iemand dat alles in een gedicht wist te verwerken, blijft indrukwekkend.

Sinds die moeilijke periode zie ik het leven soms als een reeks finishlijnen. Ik ben marathons en triatlons gaan doen, en elke finish voelt een beetje als dat moment na Dante’s hel: dat je ergens doorheen bent gegaan en merkt dat er weer ruimte komt. Dat idee, dat misschien al begon bij die fontein in Trento toen ik twaalf was, draag ik nog steeds met me mee.”

In de rubriek ‘Teruglezen’ vertellen boekenliefhebbers over een werk dat in het verleden veel indruk op hen heeft gemaakt.

Literatuur

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next