Home

Zo is het om onder Dick Schreuder te werken

Dick Schreuder staat zondag met NEC in de bekerfinale en laat Nijmegen dromen van Champions League-voetbal. Waarom lijken alle spelers onder hem fitter dan ooit? En wat maakt de werkwijze van de uitvinder van Dickie-taka zo bijzonder? Bram van Polen, Marciano Mengerink en Gervane Kastaneer geven een inkijkje. ‘Voor een aanvaller is voetballen onder Dick Schreuder een natte droom.’

Mengerink speelde bijna zijn gehele leven in de top van het Nederlandse amateurvoetbal, maar werkte toch samen met Schreuder, Johan Plat en Anthony Correia. ‘Toevallig werken drie van mijn oude trainers volgend seizoen in de Eredivisie, maar voor mij was Dick echt by far de beste.’ Hij vindt het ergens wel zuur dat hij Schreuder al aan het begin van zijn carrière is tegengekomen. Lachend: ‘Het is een beetje alsof je eerste relatie met Kim Kardashian is, dan is het daarna allemaal toch een stukje minder.’

Mengerink voetbalde zelf als jonkie bij SV Zutphen en nam het daar op tegen het SDV Barneveld van Schreuder. Hij herinnert zich nog dat hij hem toen al vrij luidruchtig vond langs de zijlijn. Hij wist niet dat het ietwat opgewonden standje best gecharmeerd van hem was. ‘Dick is een keer naar Zutphen komen rijden voor mij en ik weet vooral nog dat hij écht heel goed was voorbereid. Over zijn visie, over hoe hij wilde spelen; daar was ik best wel van onder de indruk.’

Zelfs als hij zou zeggen: Klim in die lantaarnpaal, dan doe je dat, omdat je gelooft dat hij er goed over heeft nagedacht

Mengerink maakte de overstap naar het team van Schreuder en werkte meer dan zes jaar met de trainer uit Barneveld. Later trof hij hem bij het Engelse Barnet als assistent-trainer van Edgar Davids en zouden Mengerink en Schreuder succesvol samenwerken bij VV Katwijk. Hij omschrijft hem als duidelijk, transparant, iemand die mensen kan raken en bovenal zeer veeleisend is. ‘Ik heb in die zesenhalf jaar weinig complimenten van hem ontvangen’, lacht hij. ‘Hij zat me altijd achter de broek aan en was hard voor me. Andere jongens vroegen weleens aan mij: “Hoe trek je dat de hele tijd?” Alleen, ik had dat juist nodig om alles uit mezelf te halen.’ 

Kastaneer maakte Schreuder anderhalf jaar mee bij PEC Zwolle en werd samen met hem kampioen op het derde niveau van Spanje met CD Castellón. ‘Ik had een pure haat-liefde-relatie met hem’, lacht de aanvaller van het Maleisische Terengganu FC. ‘Maar ik heb vooral superveel respect voor hem.’ Het eerste woord dat bij hem opkomt bij Schreuder is eerlijkheid. ‘Hij zou nooit een mes in mijn rug steken.’ Kastaneer heeft in zijn carrière vaak twijfels gehad of trainers wel overtuigd waren van hun eigen visie. ‘Zo van: Snap je jezelf wel?’ Volgens Kastaneer leeft Schreuder voor zijn manier van voetballen en raak je als speler overtuigd dat iedere oefening of training uiteindelijk zal bijdragen aan zijn speelstijl. ‘Zelfs als hij zou zeggen: Klim in die lantaarnpaal, dan doe je dat, omdat je gelooft dat hij er goed over heeft nagedacht.’ 

Dick Schreuder in zijn jaren als trainer in Katwijk.

Energie

Bij de elftallen van Schreuder valt vooral de tomeloze energie bij de spelers op. Zelfs routiniers als Bryan Linssen en Tjaronn Chery blijven bij NEC gáán. Mengerink heeft het zich ook weleens afgevraagd: hoe krijgt Schreuder het bij iedere club voor elkaar dat de spelers bereid zijn om zo veel energie te leveren? ‘Dat is the million dollar question’, lacht hij. ‘Hij verwacht dat spelers tijdens wedstrijden en trainingen constant aanstaan.’ Ook Bram van Polen, die hem anderhalf jaar bij PEC Zwolle meemaakte, gebruikt de term altijd aanstaan. ‘Tijdens de trainingen sta je geen moment stil, zelfs tussen oefeningen door blijf je lopen. In alle oefeningen zitten heel veel schakelmomenten. Gaat er een bal uit, bam, dan gooien ze er weer een andere bal in. Hij blijft de boel met zijn assistenten ook constant aanjagen.’ 

Alle drie geven ze aan dat Schreuder eist dat je meegaat in zijn energie. Als hij ziet dat een speler het niet kan opbrengen, is hij ook vrij hard. Mengerink: ‘Bij Katwijk heb ik hem na drie weken voorbereiding de beste speler eruit zien gooien, maar de kern krijgt hij wel altijd zover.’ Kastaneer heeft een gelijke ervaring: ‘Hij heeft toen bij Zwolle ook drie boys weggestuurd.’

De eerste drie weken van de voorbereiding had ik chronisch spierpijn

Van Polen, Mengerink en Kastaneer geven allemaal aan dat ze zich in hun gehele carrière ook nooit zo fit hebben gevoeld als onder Schreuder. ‘Ik speelde heel weinig in Zwolle’, zegt Kastaneer. ‘Soms zat ik twee of drie weken op de bank en had ik daarna een interland met Curaçao. Dan voelde ik me door zijn trainingen toch ongelooflijk fit en kon ik daar negentig minuten blijven gaan.’

Source: VI Nieuws

Previous

Next