is redacteur van Zondag en televisierecensent van de Volkskrant.
Italië lost veel op. Het land is de beste therapie, vindt de gevallen Marco Borsato, die zijn ‘eerste keer naar buiten’ met vriend en topkok Sergio Herman in Florence (Herman: ‘Firenze’) doorbrengt. In Sergio in Italië (te zien op Videoland) gaan de twee op een jongensachtig culinair avontuur, ergo: wijsheden oprakelen als ‘goede basisingrediënten zijn de helft van het succes’ en op de melodie van Eros Ramazzotti’s Se bastasse una canzone ‘ik kan niet kakken voor de tweede keer’ zingen. Kwalitatief goed pistache-ijs hoort niet knalgroen te zijn, maar een beetje dof, een kleur die meer naar grijs neigt, wist je dat?
Vijf jaar geleden waren de mannen ook samen in Italië; nadien volgde een ‘heel woelige periode’ voor Borsato. Inhoudelijk wil hij over de zedenzaak – de zanger werd afgelopen december vrijgesproken van het onzedelijk betasten van een 15-jarig meisje, er was onvoldoende bewijs in het dossier – niet zoveel over zeggen. Maar: hij merkte dat hij lastig bij zijn ‘eigen, mooie ik kon’, de laatste jaren. Zijn wassen beeld in het Madame Tussauds was ‘weggereden en omgesmolten’. Het ene moment tillen ze je op het schild, het andere ‘zodelazeren’ ze je eraf – dat idee.
Nu gaat Borsato, verlicht, bevrijd, met zijn handen door de rozemarijn in de kruidentuin van de boerderij waar hij met zijn vriend verblijft. Hij praat in zinnen die met wat bombastische vioolpartijen eronder zo zijn comebackalbum kunnen vullen: ‘Ik ruik, ik hoor de vogels, ik ruik weer. Ik voel gewoon weer dat ik het randje van de postzegel te pakken heb’, en, eentje die ik hoop te gebruiken bij mijn eerstvolgende kater: ‘In de flipperkast van het leven heb ik wel af en toe de kanten geraakt.’
Ik moest denken aan een column van Volkskrant-collega Emma Curvers, die naar aanleiding van de zedenzaak opmerkte dat zowel binnen als buiten de rechtszaal ‘kwalijke stereotypen worden rondgepompt die het zicht op feiten, en de blik op hoe misbruik er meestal uitziet, vertroebelen.’ Sergio in Italië vertelt vooral het verhaal van een verkreukelde vent die, dixit, blij is dat de zon weer is gaan schijnen, dat hij de warmte weer voelt. Een martelaar.
Wat is het Italiaanse woord voor bliksemafleider?
Ik moest me ertegen wapenen, de Borsato die daar, in een van zijn onflatteuze, gewatteerde jacks, in een ijssalon aardig Italiaans stond te praten. Aandoenlijk. Mijn medelevenknop werd heel, heel zachtjes ingedrukt.
Tot Hermans onhandig begon over wat hij de ‘Borsato-touch’ noemde.
Nee, deze uitzending is niet veel meer dan een pr-campagne. Eentje waar ik niet voor wil vallen, hoe zonovergoten Italiano ook.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant