Home

Tot 5,5 jaar cel geëist tegen verdachten Drentse kunstroof: ‘Ik vermoedde wel dat het niet helemaal koosjer was’

Het Openbaar Ministerie eiste dinsdag gevangenisstraffen tot 5,5 jaar tegen de drie verdachten van de kunstroof uit het Drents Museum in Assen, vorig jaar. Als het aan justitie ligt krijgen twee van hen een strafkorting. Zij bezorgden de gouden helm uit Roemenië onlangs terug na een deal met justitie.

is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.

Telefoongegevens, pintransacties, online zoekacties, reserveringen, kentekenregistraties, camerabeelden, gereedschappen, dna-materiaal, glassplinters en goudschilfers. Als uit het politieonderzoek Aurum (Latijn voor ‘goud’) één ding duidelijk wordt, is het dit: onopgemerkt een museum beroven in Nederland is waarschijnlijk een illusie.

Een spoor van flinke voetstappen in verse sneeuw lieten de drie mannen eveneens achter. Dinsdag moesten ze verschijnen voor de rechtbank in Assen. Zij worden verdacht van de diefstal van vier Roemeense kunstschatten uit het Drents Museum, waaronder de 2.500 jaar oude gouden helm van Coțofenești. De Roemeense Nachtwacht, is de vaak gemaakte vergelijking wat betreft de culturele waarde van de helm.

Amper 50 seconden waren de drie binnen toen ze vorig jaar in de nacht van 25 januari hun slag sloegen. Op beelden van beveiligingscamera’s is te zien hoe ze de nooduitgang van buiten met een breekijzer forceren, de binnendeur opblazen met een explosief, om vervolgens af te stormen op de vitrines met daarin de helm en drie gouden armbande die eveneens werden meegegrist. Deze mannen wisten waarvoor ze kwamen. De meegebrachte voorhamers deden daarna de rest.

‘Goed georganiseerd en doordacht’, zo zal de officier van justitie de inbraak kwalificeren. Al was er dus minder goed nagedacht over al die, al dan niet digitale afdrukken die tijdens de voorbereidingen waren achtergelaten.

Die leidde het grootschalig opsporingsteam snel naar de drie verdachten, Chesley W. (37) Bernard Z. (35) en Jan B. (21). Ze komen alle drie uit Noord-Holland, en werkten allen voor een schildersbedrijf. De oudste twee hebben al een flink strafblad, de jongste nog niet.

Diplomatiek conflict

Zo vlot als de waarschijnlijke daders werden gevonden, zo moeizaam verliep de zoektocht naar de buit. Van de gouden helm en de armbanden ontbrak elk spoor. De verdachten zwegen. Ondertussen raakten Nederland en Roemenië verwikkeld in een diplomatiek conflict. De directeur van het Nationaal Historisch Museum in Boekarest, dat de voorwerpen uit het Dacische rijk in bruikleen gaf, werd zelfs ontslagen vanwege vermeende veronachtzaming. Uiteindelijk betaalde Nederland Roemenië 5,7 miljoen euro – de verzekeringswaarde van de kunstschatten – ter compensatie.

Justitie keek ook naar alternatieve scenario’s. Zo werd een Roemeen opgespoord die enkele dagen voor de roof zonder kaartje en wat verdwaasd met een sporttas door het Drents Museum had gezworven. Hij had het gebouw vanwege de tentoonstelling over het Dacische Rijk aangezien voor een Dacia-dealer, zou hij verklaren. Met de inbraak bleek hij niets te maken te hebben.

Nee, dan Chesley W. Met zijn vriendin en twee jonge kinderen was hij twee weken voor de inbraak in Drenthe en in het Drents Museum. ‘Naar de hunebedden’, zou hij zelf zeggen. Maar cultuur, zo verklaarden zijn moeder en stiefvader, was niet echt hun ding. Met het opgestapelde bewijs als drukmiddel besloot justitie de advocaten van de verdachten oktober vorig jaar te benaderen voor ‘oriënterende gesprekken’ over ‘procesafspraken’. Oftewel: een deal. Voor de verhalen in de media, over bijvoorbeeld motorbendes en externe opdrachtgevers, waren geen aanwijzingen. Dus moesten de mannen wel weten waar de topstukken waren.

Onderhandelingen

Wat volgde was ‘een langdurig en intensief traject van onderhandeling’, verklaarde de officier dinsdag. Maar zo eendrachtig als de drie mannen volgens het OM te werk gingen tijdens hun misdaad, zo verschillend stellen zij zich op in het strafproces. Jan B. en Chesley W. telden hun knopen. Zij waren het, die er door tussenkomst van hun advocaten voor zorgden dat justitie twee weken geleden de gouden helm en twee van de drie armbanden aan de internationale media kon tonen als teruggevonden schatten.

Als het aan justitie ligt, krijgen de twee mannen in ruil daarvoor een strafkorting van een derde deel. Ze krijgen ook aftrek voor de ingrijpende opsporingsmiddelen die werden ingezet. Hun foto’s en volledige namen werden verspreid ten behoeve van hun aanhouding. En Jan B. werd het mikpunt van een stevige undercoveractie. Agenten deden zich voor als gangsters die de buit wel wilden kopen. Heus, ze waren te vertrouwen. Als ze hem wilden ‘rippen’, lag hij al wel in de kofferbak met een gat door zijn kop.

Blijft over voor de twee, als het aan justitie ligt: een gevangenisstraf van iets meer dan 3,5 jaar. Plus de toezegging dat justitie geen ontnemingszaak begint en het museum geen schadevergoeding indient. De deal was dat de twee alle kunstschatten van tevoren zouden overhandigen. Maar de derde armband is nog steeds spoorloos. Justitie zegt te geloven dat de mannen niet weten waar die is.

Niet helemaal koosjer

Hoe anders is de opstelling van Bernard Z. Hij weigerde een deal, en verklaarde dinsdag zelfs ten tijde van de roof niet eens in het museum te zijn geweest. Volgens hem was justitie wel op zoek naar de kunstschatten, ‘maar niet naar de waarheid’.

Hij erkende hand- en spandiensten te hebben verricht, zoals het regelen van auto’s, kentekenplaten en kleding. ‘Ik vermoedde wel dat het niet helemaal koosjer was, maar van een museum en kunstschatten wist ik niets’, verklaarde hij. Justitie is er echter van overtuigd dat hij wel degelijk actief betrokken was bij de inbraak. Hij krijgt daarom geen strafvermindering. De eis, in zijn geval: 5,5 jaar cel.

Donderdag krijgen de advocaten van de verdachten de gelegenheid voor hun pleidooi. Pas in het vonnis zal de rechtbank duidelijk maken of die akkoord gaat met de deal tussen de twee verdachten en het OM.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next