Home

Het raadslid wil ‘haar werk doen’, de ondernemer ‘een gezuiverde naam’ en de rechter ziet: deze twee gaan niet nader tot elkaar komen

Zitting In een volle rechtszaal botsen vastgoedondernemer Marcel Melis en Volt-raadslid Juliet Broersen, die hem vergeleek met de misogyne influencer Andrew Tate. Wat begon met een Parool-artikel over Amsterdamse verhuurpraktijken, mondt zo uit in een zaak over reputatieschade versus meningsvrijheid.

Lijsttrekker Juliet Broersen van Volt Amsterdam tijdens een landelijk partijcongres in Utrecht.

Halverwege de zitting buigt de rechter zich naar eiser en gedaagde. „Voor we verder gaan”, zegt ze, „wil ik weten: hoe is het voor u om hier te zijn?”

Eiser Marcel Melis mag eerst. „Ik ben blij dat er eindelijk duidelijkheid komt over wat wel en niet gezegd kan worden door politici.” Het doel van de vastgoedondernemer is helder: „Ik ben hier om mijn naam zuiver te houden.”

Aan de andere kant van de partijenbank zit Volt-politicus Juliet Broersen. „Ik ben best emotioneel,” zegt ze. „Ik probeer mijn werk als raadslid zo goed mogelijk te doen en vind het heel vervelend dat ik me daarvoor nu moet verantwoorden in de rechtszaal.” Ze maakt zich zorgen „over wat dit betekent voor mensen in de lokale politiek, voor de vrijheid die zij voelen om zich uit te spreken. En als ik kijk naar wat mij dit allemaal heeft opgeleverd: over of vrouwen zich nog wel geroepen voelen de politiek in te gaan.”

Het kort geding tussen Melis en Broersen, maandagmiddag in de rechtbank in Lelystad, vereist extra stoelen. Beide partijen hebben een flinke achterban meegenomen, de houten bankjes zitten vol. Al snel wordt duidelijk dat wat een civiele procedure bij de voorzieningenrechter vaak beoogt – nader tot elkaar komen – vandaag niet gaat lukken. De advocaten (twee mannen bij Melis, twee vrouwen bij Broersen) vallen elkaar geregeld in de rede. Beide partijen houden de ander verantwoordelijk voor de vele haatreacties. Op de publieke tribune klinkt af en toe gemor.

De vraag waar het deze middag om draait, is of uitspraken van de Amsterdamse Volt-lijsttrekker Broersen onrechtmatig waren. De spanning, zo merkt rechter M. Schoenaker op, zit hier tussen de vrijheid van meningsuiting van het gemeenteraadslid en het kunnen aankaarten van misstanden, met aan de andere kant het recht op de bescherming van Melis’ goede naam. De vastgoedondernemer dagvaardde de 29-jarige fractievoorzitter en haar partij omdat ze hem in een raadsdebat vergeleek met de misogyne influencer Andrew Tate en fragmenten daarvan op sociale media plaatste. Hij eist een rectificatie.

Sociale media

Het begon allemaal met een artikel in Het Parool, half januari. Het stuk beschrijft hoe Melis, eigenaar van tientallen panden in de hoofdstad, huursters om toegang tot hun sociale media vroeg als voorwaarde voor een contract. Twee anonieme vrouwen vertelden in het artikel dat dit ze „een akelig gevoel” gaf. Misschien was het, zei een van hen, een manier om duidelijk te maken „dat hij macht over ons heeft”.

Een paar maanden eerder was de vastgoedondernemer overigens ook in het nieuws: in het najaar van 2025 werd hij door de gemeente op de vingers getikt, nadat was gebleken dat hij alleen verhuurde aan „Nederlandse, werkende dames”. Vanwege dat discriminerende beleid kreeg hij een boete van 10.000 euro.

Een paar dagen na de Parool-publicatie bracht Broersen de kwestie in de gemeenteraad ter sprake. „Ik kreeg een beetje Andrew Tate-vibes”, zei ze over Melis. „Een hijgerige huisbaas zoals andere media hem inmiddels noemen. Huursters moeten dealen met het ongemak en het viezige gevoel. Of je gaat akkoord met inbreuk op je privacy, of je hebt geen huis.” Naar aanleiding van het artikel vroeg ze de wethouder naar mogelijkheden om op te treden. „Vrouwen zijn sowieso vaker de dupe als ik kijk naar met wat voor soort van seksuele intimidatie zij soms te maken krijgen in een stad met zo’n enorme woningnood.”

Melis noemt de toegang tot sociale media maandag in de rechtbank een „aanvullend screeningsmiddel”. Het diende volgens hem om de veiligheid van huurders – die veelal in woongroepen woonden – te bevorderen. Het optreden van Volt ziet hij als een „campagnestunt” om „zieltjes te winnen”. „Ik vind het heel oneerlijk. Hoe kan een politica ’s ochtends opstaan en mij zo beschadigen? Ik ben de netste huurbaas van Amsterdam, denk ik.” Even later: „Als er iemand respectvol met vrouwen omgaat, dan ben ik het.”

‘Nodeloos krenken’

Advocaat Bertil van Kaam betoogt dat de associatie met Tate („een internationaal wegens verkrachting en mensenhandel vervolgde vrouwenhater”) de indruk wekt dat zijn cliënt zich bezighoudt met seksueel geweld of intimidatie. „Heel schadelijk,” zegt Melis daarover. „Ik word voor van alles uitgemaakt. Zakelijk heb ik er last van: investeerders willen niet met me in zee.”

Volgens advocaat Jacqueline Schaap is van ‘nodeloos krenken’ door Broersen geen sprake. Melis legt haar woorden in de mond die ze nooit heeft uitgesproken, zegt ze, en ze merkt op dat hij aan „mansplaining” doet door zelf te beoordelen hoe vrouwen zijn huurvoorwaarden ervaren. „Hij denkt dat hij het voor vrouwen goed geregeld heeft.” (Melis: „Klopt.”)

Schaap wijst ook op de ruimte – en verantwoordelijkheid – van Broersen om maatschappelijke misstanden aan te kaarten, in dit geval het verhuurbeleid in Amsterdam. „Dat mag zij doen als raadslid. Sterker nog: dat móét ze in een democratische samenleving.”

De rechter constateert aan het eind van de zitting dat de partijen er vandaag niet uit gaan komen. „Dat kunnen we overslaan. Op 24 april hoort u hoe wij erover denken.”

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next