nieuwsbriefMachtige Tijden
Machtige Tijden Een maand geleden riepen Geert Wilders en Gidi Markuszower het kabinet op Trump en Netanyahu te kandideren voor de Nobelprijs voor de Vrede. Nu is de wereldeconomie in gevaar, dreigt de NAVO om te vallen en is regimeverandering in Iran verre van bereikt.
Het valt erg op: zelden betrekt iemand in het publieke debat de betekenis van al het Trump-drama op de reputatie van uiterst rechts als stroming, ook niet in Nederland. Inzake Iran veranderde de Amerikaanse president zichzelf binnen 24 uur van barbaar in vredesduif. Eerst voorzag hij de uitschakeling van „een hele beschaving” om na een fragiele wapenstilstand „a big day for world peace!” uit te roepen. Het viel nog mee dat hij de Nobelprijs voor de Vrede niet claimde.
Je weet dat zijn grensoverschrijdende uitlatingen doorgaans intimidatie zijn. Je weet dat hij even onberekenbaar als roekeloos kan zijn. Het neemt de bespottelijkheid van zijn gedrag niet weg. Het kan best dat we over twee weken horen dat hij het einde van de Perzische beschaving alleen maar even heeft uitgesteld.
En zie de schade van vijf weken oorlog in Iran: olieprijzen op recordhoogte; wereldwijde tekorten aan brandstof en kunstmest door de afsluiting van de Straat van Hormuz; de NAVO in een bijna-doodervaring; het internationaal recht grootschalig geschonden; het aanzien van de VS vergaand geschaad. Dus het lijkt me logisch dat dit in een gezonde democratie ook politiek wordt gewogen: wat betekent dit voor het aanzien van uiterst rechts? Voor politici, ook in Nederland, die Trump en/of zijn oorlog eerder omarmden?
Want bij alle verschillen tussen landen en hun radicaal-rechtse partijen zijn er ook overeenkomsten tussen Trump en zijn bondgenoten in Europa.
Hun taal is propaganda: duidelijkheid, versimpeling, overdrijving, herhaling. Hun stijl is beschuldigend: politieke tegenstanders die zouden aansturen op vernietiging van de eigen samenleving. Ze hebben moeite met tegenmacht: rechters, ambtenaren, maatschappelijke organisaties of adviseurs schakelen ze liever uit. Ze relativeren het belang van klassieke vormen van conflictbeheersing: democratie, diplomatie, de rechtsorde. Ze geloven dat militair geweld behalve destructieve kracht ook overtuigingskracht heeft.
En Trumps keuze voor deze oorlog, woensdag beschreven in The New York Times, legt bloot wat dit met een landbestuur doet. Want als grote woorden een wapen zijn en tegenmacht alleen rituele betekenis heeft, kan de leider alle vormen van deskundigheid en conflictbeheersing negeren en louter op basis van zijn intuïtie een desastreuze oorlog beginnen.
In de jaren negentig beleeft Italië een naoorlogse doorbraak in Europa: mediamagnaat Silvio Berlusconi brengt radicaal-rechts aan de macht. In 2002 doorbreekt Pim Fortuyn in Den Haag de greep van de traditionele partijen op de landspolitiek. Hierna bekleedt de PVV van Geert Wilders tweemaal een machtspositie: in 2010-12 als gedoogpartner van Rutte, in 2024-25 als grootste coalitiepartij in het kabinet-Schoof. Hij haakt beide keren snel af. Het belemmert niet dat uiterst rechts in 2025 verder groeit: PVV, JA21, FVD en BBB behalen 46 zetels – bijna een derde van de Kamer.
Intussen heeft Trump in 2016 voor het eerst sinds WOII uiterst rechts aan de macht gebracht in de VS. Hij wint in 2024 opnieuw. Na zijn inauguratie, begin vorig jaar, is Thierry Baudet (FVD) tegen PowNed uitgelaten: „Trump doet in Amerika wat FVD wil met Nederland.” Als Wilders in de zomer van 2025 het kabinet laat vallen, verklaart een woordvoerder van het Witte Huis tegen persbureau AFP dat Trump de PVV-voorman ziet als zijn bondgenoot.
Na de eerste Amerikaans-Israëlische bombardementen op Iran, op 28 februari, richt Trump zich tot het Iraanse volk. Een „welvarende, glorieuze toekomst” is „binnen handbereik”, zegt hij. „Neem de regering over als we klaar zijn. It is yours to take.”
De Leidse hoogleraar Afshin Ellian waarschuwt: „Nederlandse overheid, ga niet aan de verkeerde kant van de geschiedenis staan.” Rechts stemt in met de aanvallen. „Tussen hoop en vrees voor de moedige Iraniërs”, schrijft Annabel Nanninga (JA21). „Laten we pal staan voor de Iraanse burgers die snakken naar vrijheid”, aldus Chris Stoffer (SGP). Henk Vermeer (BBB) ziet uit naar „een vrij, democratisch en vreedzaam nieuw Iran.” BBB-afsplitser Mona Keijzer geeft af op een iftar op de Dam: „In Iran hopen ze op en bidden ze voor vrijheid. Hier geven we ons stapje voor stapje over aan onvrijheid.” FVD heeft een ledendag en zwijgt over de oorlog.
Het meest enthousiast is Geert Wilders (PVV). Als het kabinet oproept tot terughoudendheid om escalatie te voorkomen, volgt hij de benadering van Ellian en gaat los op premier Rob Jetten, die hij een „totale zwakkeling” noemt. „Negeer hem, jaag op de ayatollahs en bevrijd Iran!” Enkele dagen later laakt ook de Israëlische ambassadeur in Den Haag in De Telegraaf de eerste reactie van Jetten, die naïef zou zijn geweest.
Het kabinet past zijn reactie aan, en toont alsnog „begrip” voor de Amerikaans-Israëlische aanvallen. Het kan niet voorkomen dat het op 3 maart onder uit de zak krijgt van de rechterflank.
Ruben Brekelmans (VVD) vraagt zich in het Vragenuurtje af waarom het zolang duurde voordat het kabinet „steviger bewoordingen” hanteerde. André Flach, SGP, is „zwaar teleurgesteld” over die eerste reactie. Wilders roemt „de helden uit Amerika en Israël”. De fractie van PVV-afsplitser Gidi Markuszower „wil eigenlijk zelfs militaire steun geven”.
In een later debat, op 12 maart, verzoeken Wilders en Markuszower het kabinet in een motie aan te sturen op de Nobelprijs voor de Vrede voor Trump en Netanyahu. Weer later noemt de Amerikaanse ambassadeur in Den Haag Trump in het AD „de grootste vredestichter van deze tijd”. Toch waarschuwt Jesse Klaver (GL-PvdA) al op 12 maart dat „blind aanlopen achter Netanyahu en Trump een buitengewoon slecht idee is voor de belangen van Nederland”. Het resoneert amper in het publieksdebat.
Elke zaterdag ontleedt Tom-Jan Meeus in zijn nieuwsbrief de politieke week - en laat zien wat bijna niemand ziet
Trump zelf heeft op 9 maart gezegd dat de oorlog vrijwel is volbracht. Maar de Straat van Hormuz zit potdicht, de internationale schade groeit, en gaandeweg verliest hij zichzelf in schelden en tieren. Eerste Paasdag: „Open the Fuckin’ Strait, you crazy bastards, or you’ll be living in Hell.” Twee dagen later kondigt hij het einde van de Perzische beschaving aan.
Hij krijgt nu scherpe kritiek van prominente influencers uit eigen kring. Een recent vertrokken hoge medewerker van de Director of National Intelligence zegt dat Trump met zulke verklaringen niet Iran „maar Amerika in gevaar brengt”. Intussen beschrijft oud-CIA-topman en Midden-Oostenkenner Paul Pillar, die de grondslag van de eerste bombardementen al „astonishingly weak” noemde, dat Trumps grootste risico wel eens kan zijn dat Israël een ander einddoel heeft. Israël wil geen regimeverandering maar regimeontwrichting. Voor dat doel heeft Israël, anders dan de VS, belang bij continuering van de oorlog, voorziet Pillar.
Hulpverleners in een Libanees dorp na een Israëlisch bombardement.
Trump, in het nauw gedreven, heropent het debat over Groenland en verscherpt zijn aanvallen op de NAVO. Zijn verwijt, dat NAVO-landen hem in Iran in de steek lieten, is inhoudelijk zwak: Trump lichtte zijn bondgenoten niet eens in voordat hij de aanval opende. Een bekend Trump-tactiekje, zegt de Amerikaanse oud-diplomaat Jeremy Shapiro: „Als het fout gaat, geeft hij de zwakste schakel de schuld.”
Ook is de vraag of hij zich een uittreden kan permitteren. Voor de Amerikaanse defensie-industrie, invloedrijk door zijn presentie in politiek gevoelige kiesdistricten, is er alles aan gelegen Europa als afzetgebied te behouden. Tegelijk heeft Europa niet de middelen om zonder de VS de militaire steun aan Oekraïne voort te zetten.
En dus is Den Haag opnieuw bezig Trumps rotzooi op te ruimen. Na debatten over koopkrachtverlies door Trumps oorlog en de uitzending van een fregat naar de Middellandse Zee, wil het kabinet nu meehelpen de Straat van Hormuz vrij te houden na stopzetting van de vijandelijkheden. „We bekijken of zo’n missie kan worden vormgegeven”, zei Jetten woensdag tegen de NOS.
Het houdt vast verband met het beladen bezoek van het koninklijk paar en Jetten aan het Witte Huis, al lijken me de bezwaren daartegen overtrokken. Trump roept zelden bewondering op maar hij is president van de VS, en diplomatie is geen blijk van vriendschap of instemming. Diplomatie is conflictbeheersing: een elementair (en imperfect) instrument om bij oplopende spanningen niet meteen naar de wapens te hoeven grijpen.
Iets anders is of Den Haag, en dan vooral radicaal-rechts, niet in de spiegel moet kijken. Ik weet het: in Den Haag is de waarheid in handen van de meerderheid. En een ruime meerderheid in de Kamer is rechts, dus de kans op zelfreflectie is niet enorm.
Maar bekijk wat Kamerleden voorzagen en wat er daarna gebeurde. Trump die heldhaftig zou zijn, die voor de bevrijding van de Iraanse bevolking zou vechten, die de Nobelprijs voor de Vrede verdiende – misvatting na misvatting na misvatting.
En zo brachten Trump en zijn bondgenoten onbedoeld elementaire zwaktes in hun benadering van politiek en bestuur in beeld. Was het andersom geweest, dan hadden ze op radicaal-rechts hun opponenten allang met de grond gelijkgemaakt. Dus het zou geen kwaad kunnen als radicaal-rechts nu ook eens aan de beurt komt in het publieksdebat en de nationale vergaderzaal. Big day for reality!
Opmerkingen, aanmerkingen, observaties, tips? Elke reactie is van harte welkom. Mail me – t.meeus@nrc.nl – of stuur een persoonlijk bericht op mijn LinkedIn.