Elke week luncht NRC mee bij een bedrijf. Deze week: Sunny Cars.
Rik is op zoek naar zijn broodje. Makkelijk zal dat niet voor hem worden.
Naam bedrijf: Sunny CarsLocatie: HaarlemBranche: ToerismeJaaromzet: 198 miljoenAantal werknemers: 73Kosten lunch: Gratis voor alle medewerkers
‘Work with a smile‘ staat op het gele keycord van brand and content marketeer Manon Prins (35). Ze neemt ons mee naar de tiende verdieping van een kantoorpand ergens in Haarlem. De tiende verdieping ziet er ook uit als een kantoorpand ergens in Haarlem. Op de bar ligt een bestellijst voor broodjes. Daar kunnen medewerkers van Sunny Cars voor half elf doorgeven wat ze willen eten. ‘Eat with a smile‘ staat bovenaan het A4’tje. Gevolgd door een emoji met dichtgeknepen oogjes en een tongetje.
We krijgen koffie. Op het koffiekopje staat een woordgrap: A Roma, een verwijzing naar koffiearoma en een van de locaties waar Sunny Cars auto’s verhuurt. Frans van Lavieren (44) – één meter zeventig en een stem als een fanatieke corpsstudent – is de brand and campaign marketeer. „Woordgrapjes zijn echt ons ding”, zegt Frans. Met de meest recente campagne, ‘Uno, Dos, No Stress‘, is hij „heel blij”. De woordgrappen worden bedacht door een extern reclamebureau. Als hij op vakantie gaat zet hij ook een woordgrap in zijn out of office-mail: „Ik zet ‘m even in z’n vrij en stap over een week weer in”, bijvoorbeeld. „In alles wat we maken zit een knipoog naar autorijden”, zegt Frans.
De werknemers van Sunny Cars noemen elkaar ‘Sunnies’. De Sunnies lunchen in shifts, zodat altijd iemand de telefoon kan aannemen bij de klantenservice. Managing director Suzanne Al (50) komt de keuken in. Ze is net vijftig geworden. Ze vindt het „best wel een ding om te zeggen”. De bestelde broodjes worden gebracht door de uitbater van de brasserie op de begane grond. Ilias Elgharnati (32) zet twee dienbladen vol pistoletten op de bar. Suzanne neemt meestal rosbief, Frans is meer van de tuna melt of hete kip.
Key Account Manager Rik Sluiter (47) staat te dralen bij de dienbladen. „Ik kan mijn broodje niet vinden”, zegt Rik. Hij had een witte pistolet rosbief aangevinkt op de bestellijst, maar er ligt een bruine pistolet rosbief. Als hij die bruine pakt heeft een andere collega zo meteen misschien geen broodje. Zijn andere pistolet – bruin, eiersalade – heeft hij wel al gevonden. Rik gaat even naar Ilias, tien verdiepingen lager, een witte pistolet rosbief halen. We gaan mee.
Het is druk in de brasserie, Rik moet in de rij. Eenmaal aan de kassa legt hij uit wat er boven is gebeurd. Ilias zegt „rosbief, wit” tegen twee jongens die broodjes staan te smeren. Binnen anderhalve minuut heeft Rik het goede broodje in zijn handen. In de lift bespreken we hoe hij het zo aan gaat pakken. Stel: de bruine pistolet rosbief is aan het einde van de lunch toch over, voor wie is die dan? Rik heeft genoeg aan twee broodjes, zegt hij.
De bruine pistolet rosbief gaat terug op het dienblad. Frans en Suzanne verdenken Rik ervan dat hij expres een verkeerde bestelling heeft doorgegeven zodat het artikel over hem gaat. Volgens Rik is dat niet waar, hij schenkt een groot glas Optimel-passievrucht in.
Aan tafel gaat het over voetballende kinderen. Alle Sunnies hebben voetballende kinderen. De zoon van Frans scoorde dit weekend een hattrick. Hij fluit ook weleens een wedstrijd, maar in coachen heeft hij geen zin: „Dan moet je die kinderen echt didactisch wat bijbrengen en gaan die ouders allemaal vragen aan je stellen.” Rik kan dat beamen, hij is hulpcoach bij een jeugdvoetbalteam. „Je bent de meeste tijd kwijt aan die ouders managen”, zegt Rik.
Het is opeens druk in de kantine. De eerste klantenservice-lunchshift komt binnen. Veel klantenservice-Sunnies gaan buiten een rondje lopen. Jas aan, broodje in de hand. Het dienblad op de bar is bijna leeg. Rik had gelijk: de bruine pistolet rosbief is weg.
Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken