Home

Drie hoofdeconomen over de olieschok – en wat die betekent op de korte én lange termijn

Om klanten en banken houvast te bieden in onzekere tijden, maken de hoofdeconomen van ABN Amro, ING en de Rabobank scenario’s over de gevolgen van de Iran-oorlog. Inflatie omhoog, rente omhoog, huizenprijzen gedempt. ‘Je weet nooit zeker of er een tipping point ontstaat.’

is verslaggever macro-economie bij de Volkskrant. Hij volgt de wereld van de aandelenbeurzen, de grootbanken en het monetaire beleid.

Zodra Nick Kounis die zaterdagochtend eind februari wakker werd en zag dat de Verenigde Staten en Israël hun bombardementen waren begonnen op Iran, wist hij: dit wordt weer een weekendje doortrekken.

Zijn belangrijkste taak: voor de bank, en voor alle klanten van de bank, in kaart brengen op welke manieren een mogelijke afsluiting van de Straat van Hormuz de olie- en gasprijzen zou opstuwen, en wat daarvan de gevolgen zouden zijn voor de wereldeconomie.

Dat president Donald Trump beweert dat niemand had verwacht dat Iran tot de blokkade zou overgaan, is iets waar Kounis hartelijk om moet lachen. ‘Elke Iran-expert kon je vertellen: deze reactie is net zo logisch als zwaartekracht. Natúúrlijk sloot Iran de Straat af.’

En dus trommelde Kounis alle specialisten bij het economische bureau op om de modellen aan te zwengelen en toekomstscenario’s op te stellen.

Scenario’s

Kounis, een goedlachse Brit, is de hoofdeconoom van ABN Amro. Hij legt graag uit en raakt niet in paniek van een economische schok meer of minder. Eigenschappen die hij deelt met zijn collega’s Marieke Blom (van ING) en Otto Raspe (van de Rabobank).

Zij sturen alle drie de onafhankelijke onderzoeksinstituten van hun bank aan. Vrij van de commerciële overwegingen van het moederschip, duiden zij de ontwikkelingen in de wereld: als input voor de risico-inschattingen van de bank zelf, maar ook voor klanten en het brede publiek.

Daarom stellen zij die scenario’s op: over hoe ver de inflatie zal oplopen, hoe hard de economie zal afkoelen, hoe de Europese Centrale Bank (ECB) hierop zal reageren met rentebesluiten, en hoe die beslissingen dan weer doorwerken in werkgelegenheid en woningmarkt.

Maar hoe duid je zoiets onvoorspelbaars en irrationeels als de Iran-oorlog? Hoe komen zij tot hun verhoogde inflatieverwachting? En wat weten zij over de langetermijngevolgen van dit conflict?

Drie gevolgen en hoe zeker we daarover kunnen zijn.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Gevolg 1: de inflatie loopt op, zoveel is duidelijk

Voor de zekerheid: nee, deze economen pretenderen niet te weten hoe de oorlog verder zal verlopen. Kounis, bij een lunch op de Zuidas met een tonijn-zalmsalade: ‘Dat kún je helemaal niet precies weten, dus het zou silly zijn om te doen alsof. Zelfs Trump zelf weet niet eens wat zijn volgende stap is, hoe hij de oorlog wil stoppen, of welke doelen hij wil bereiken.’

Toch betekent dat niet, zegt ING-hoofdeconoom Marieke Blom in het ING-kantoor in de Amsterdamse Bijlmer, dat hun ramingen zinloze exercities zijn. Ook al zijn de verwachtingen van de eerste dagen van de oorlog alweer achterhaald. ‘In ons basisscenario gingen we uit van een kort conflict. Dat scenario was gedreven door economische rationaliteit en het militaire overwicht van de VS. Als die elementen zo hadden meegewogen als wij dachten, was de oorlog nu al afgelopen geweest.’

Dat hoort erbij als je scenario’s over de toekomst schetst, zegt Blom: ‘Mensen snappen heus wel dat wij de toekomst niet kennen en dus geen zekerheid kunnen bieden. Toch kunnen wij aan de hand van data wel goed inschatten hoe groot ongeveer de gevolgen zullen zijn op basis van wat we nu weten.’

Daarbij helpt het, zegt Rabobank-hoofdeconoom Otto Raspe op een bankkantoor in Den Haag (‘hier kan ik op de fiets naartoe’), ‘dat wij onze scenario’s niet baseren op dagelijkse uitspraken van Trump en dagkoersen, maar op verwachtingen over langere perioden.’

Kounis: ‘Wij focussen ons niet op de details van de oorlog, maar op de waarschijnlijke duur en impact van de olieschok.’

Geen twijfel

Over de inflatie kennen zij geen enkele twijfel, die loopt op. Een gevolg van de vervelende eigenschap van olie dat het zeer beperkt prijselastisch is: een klein beetje minder olie leidt onmiddellijk tot een veel hogere prijs, omdat de vraag naar olie lang op peil blijft.

Blom: ‘We komen nu in een situatie terecht dat ongeveer 10 procent van alle olie wereldwijd tijdelijk niet op de markt komt. En misschien wel zo lang dat de bestaande reserves het tekort niet kunnen opvangen.’ En dus zal de wereld minder olie moeten gebruiken. De vraag is, zegt Blom, ‘hoe duur de olie moet worden voordat de vraag ook daadwerkelijk daalt.’

De schattingen gaan nu uit van zo’n 140 dollar per vat, zegt Blom. Een kwestie van de modellen, ervaring, en ‘boerenverstand’. Met als bijkomende beperking: ‘niemand weet met zekerheid hoeveel olie er weg is, en voor hoelang.’

Zichtbare inflatie

Duurdere olie leidt direct tot hogere prijzen aan de pomp, ook al omdat de tankstations hun voorraad elke paar dagen moeten bijvullen, en ook de prijzen meerdere keren per week kunnen worden bijgesteld. ‘Die inflatie is heel zichtbaar, wat ook gevolgen heeft voor het vertrouwen van de consumenten’, zegt Kounis. ‘Een koelkast telt ook mee in het inflatiemandje, maar daarvan heeft niemand door als de prijs daarvan stijgt.’

Na de eerste schok aan de pomp en in het energiecontract, begint de inflatie door te druppelen in de rest van de economie. Via transportkosten, via energie-intensieve sectoren, via de grondstoffen die de producenten van eindproducten weer moeten inkopen, via de hogere prijzen voor kunstmest en uiteindelijk via hogere lonen.

Kounis: ‘Ik zeg niet dat je geen hogere lonen zou moeten willen, iedereen moet doen wat ie wil. Maar als de lonen stijgen, stijgen de arbeidskosten voor bedrijven. Dan moeten ze hun prijzen weer verhogen, en kom je in een typische loon-prijs-spiraal terecht.’

Naijlende effecten

Het is ook niet zo dat de inflatie in één keer voorbij is als de Straat van Hormuz weer open is. Hoe langer de Straat dicht is, hoe langer de effecten zullen naijlen, zegt Otto Raspe van de Rabobank. ‘Het verschilt per sector hoe snel je de prijseffecten gaat zien. Gelukkig hebben we over dit soort prijsschokken veel historische data, dus die kun je goed berekenen.’

De Rabobank maakt er overzichtelijke tabellen van. Als de olie 50 procent duurder wordt, leidt dat over 13 maanden tot 15,5 procent duurdere spelcomputers. Schoenen zijn over twee jaar 9,7 procent in prijs gestegen. Voor margarine betaal je over 19 maanden ruim een kwart meer.

Maar: een herhaling van de inflatie-explosie na de Russische inval in 2022 komt er niet, daarvan zijn de drie hoofdeconomen overtuigd.

De hoeveelheid gas die toen wegviel was groter dan nu, zegt Blom, ‘en Europa had geen alternatieve manier om dat binnen te halen. Nucleaire en waterkrachtcentrales waren in onderhoud, en de afspraak was de gasvoorraden tot 90 procent te vullen. Elk land ging voor zijn eigen hachje, die concurrentie dreef die prijs nog eens verder op.’

Kwam nog bij: covid was net voorbij, consumenten voelden al hun spaargeld in hun zak branden, ‘iedereen wilde weer de kroeg in’. Regeringen kwamen met enorme steunprogramma’s, de Europese Centrale Bank wilde na de covidcrisis de economie vooral stutten en was terughoudend met het verhogen van de rente na jaren van lage inflatie, en bedrijven konden hun hogere grondstoffenprijzen één op één doorberekenen aan de consumenten, want die stonden in de uitgeef-modus.

Allemaal inflatie-opdrijvende effecten die nu niet gelden.

Alles over economie vindt u hier.

Gevolg 2: De rente gaat omhoog

Die dubbelecijferinflatie van vier jaar geleden is een vers trauma voor de Europese Centrale Bank. Die is op aarde om de inflatie op 2 procent te houden. Daarin moet de bank geloofwaardig blijven; als mensen en bedrijven verwachten dat de prijzen meer stijgen, dan zullen zij uit voorzorg vast hun looneisen en prijzen verhogen, waardoor een zichzelf versterkende voorspelling ontstaat.

En dus benadrukken de bankiers van de ECB voor elke microfoon die ze maar kunnen vinden dat de bank klaarstaat om de rente te verhogen wanneer de inflatie-effecten de gehele economie binnensijpelen. Een hogere rente dempt immers de inflatie: lenen wordt duurder, bedrijven investeren minder, consumenten sparen meer.

De kans dat de ECB de rente zal gaan verhogen, wordt met de dag groter. Kounis: ‘De oorlog duurt nu al zo lang, en de energie-installaties zijn zo verstoord, dat langetermijneffecten niet meer zijn te voorkomen.’ De eerste scenario’s van de banken, waarbij ze ervan uitgingen dat de oorlog snel weer voorbij zou zijn (net als de 12-daagse aanvallen, vorig jaar juni), liggen inmiddels in de prullenbak.

De Rabobank en ABN kwamen vorige week met nieuwe, somberder scenario’s, al geldt ook daarin dat het conflict binnen afzienbare tijd zou moeten zijn opgelost. De inflatie loopt in dat geval op tot boven de 3 procent, de economische groei valt terug tot ongeveer 1,5 procent. En in die scenario’s wordt verwacht dat de ECB dit jaar twee keer de rente zal verhogen.

Alleen Blom van ING denkt dat de rente aan het eind van dit jaar even hoog is als nu.

Elke dag meer schade

Elke dag dat de oorlog nu langer duurt, loopt de economie meer schade op, zegt Blom. In het slechtste scenario leidt dat tot ‘een milde recessie’. Dat herbergt een risico: ‘je weet nooit zeker of er een tipping point ontstaat dat je nu nog niet voorziet, waarop de financiële markten onderuit gaan.’

Al met al zou de ECB daarom best eens ‘te heftig’ kunnen reageren, denkt Blom. Rentes op staatsobligaties, risicopremies op aandelen, ze lopen allemaal al op. De rente op tienjarige Nederlandse staatsobligaties ging afgelopen maand van 2,9 naar 3,1 procent, voor Italië geldt een stijging van 3,3 naar 3,9 procent.

Blom: ‘Dat heeft al een effect op de economie. Hoge rente remt overheidsbestedingen, remt bedrijfsbestedingen, laat huishoudens minder uitgeven.’ Dat brengt de ECB in een lastig parket. Want een renteverhoging nu heeft pas over een jaar effect op de economie. ‘Die remweg is waanzinnig. Dus als je in eerste instantie te sterk reageert, moet je later de andere kant op. Het meest logisch is dus om even af te wachten.’

Gevolg 3: de huizenmarkt koelt af

Zeg je hogere rente, dan denk je aan de woningmarkt. Bij een hogere rente kunnen mensen minder lenen, en dat heeft effect op de woningprijzen. Aan de andere kant: hogere rente komt voort uit hogere inflatie, en bij een hogere inflatie stijgen de lonen ook, wat juist tot meer ruimte om te lenen leidt.

Toch verwachten de banken dat de woningmarkt wel degelijk afkoelt dit jaar. ‘Vorig jaar stegen de huizenprijzen nog 8 procent’, zegt Raspe. ‘Voor dit jaar komen we op een stijging van 2,9 procent. Dat komt overigens ook doordat beleggers hun huurwoningen gaan verkopen. En meer aanbod dempt de prijs.’

Uiteindelijk zijn de modellen en de scenario’s rationele en logische manieren om een wereld vol onverwachte gebeurtenissen te vangen. En dus zijn ze verre van onfeilbaar. ‘Ik zei in januari nog tegen collega’s dat 2026 een rustiger jaar zou kunnen worden’, zegt Blom aan het eind van het gesprek. Met een glimlach: ‘Famous last words.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next