Ergens weggaan voor de regen, de rivier of de zee. Het gebeurt in Europa al vaker dan experts denken, ontdekte een Nederlandse onderzoeker. ‘Gecontroleerd terugtrekken is iets is wat we moeten gaan leren te doen.’
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.
Daar gaat hij, de oude Knoop. Met een slakkentempo van 12 meter per uur schuifelt hij ervandoor, weg van de kust. Geen wonder dat het zo traag gaat: hij is ook al 120 jaar oud en met zijn 720 duizend kilogram best zwaar voor zijn leeftijd.
Zo ging dat zeven jaar geleden, in het noordelijkste puntje van Denemarken. De vuurtoren genaamd Rudbjerg Knude (Knoop van Rudbjerg) dreigde door de zee te worden verzwolgen. Dus zetten ingenieurs het gevaarte op rails en duwden hem naar een nieuwe standplaats, 70 meter landinwaarts.
Steeds vaker gaan plaatselijke overheden ertoe over om bouwwerken, maar ook mensen met achterlating van hun woning of dorp, te verhuizen voor het oprukkende rivier- , zee- of regenwater. En het aantal mensen dat ermee te maken heeft groeit, constateert Deltares-onderzoeker Carolien Kraan met twee Duitse collega’s in vakblad Earth’s Future.
In totaal 44 ‘georganiseerde terugtrekkingen’ (‘managed retreats’, in jargon) turfden de onderzoekers in Europa, verspreid over landen zoals Frankrijk, Nederland en Denemarken. Daarbij zijn bij elkaar 8.700 huishoudens betrokken. Terwijl er onder wetenschappers toch zo’n beeld heerste van: verkassen vanwege het water, dat doen ze in Europa maar zelden, vertelt Kraan, in een vergaderzaaltje bij Deltares.
Het levert soms mooie plaatjes op. Heeft u een favoriet?
‘Dan denk ik aan het kerkje van het dorp Oterdum, aan de kust in Groningen. De zeedijk moest verbreed worden, het kerkje en het kerkhof eromheen moesten weg. Ze hebben dat opgelost door na de aanleg van de dijk de grafstenen terug te plaatsen op de dijk, precies boven de nog aanwezige graven. En ze hebben een heel mooi beeld neergezet, van een hand met dat kerkje erin.’
Is dat belangrijk: de ziel van zo’n plek op de een of andere manier redden?
‘Ik denk dat het mensen wel kan helpen. Als je ruimte moet maken voor het water, voelt dat natuurlijk als een verlies, zeker als er cultureel erfgoed of woningen moeten wijken. Bij Elst is op een gegeven moment een oude, al verlaten steenfabriek weggehaald, zodat er meer water door de uiterwaarden kon stromen. Daar hebben ze een deel van de schoorsteen laten staan, om te laten zien: ooit was hier iets anders.’
Uw instituut pakt nogal uit met dit onderzoek, met onder meer een interactieve website waarop je de projecten kunt opzoeken. Waarom?
‘Gecontroleerd terugtrekken is iets wat we moeten gaan leren te doen. Miljoenen mensen wonen op plekken die potentieel gevaarlijk zijn. Die kunnen we niet allemaal beschermen.’
Waarom niet? We kunnen toch hogere dijken bouwen?
‘Dijken en waterwerken zijn natuurlijk heel belangrijk, laat ik dat vooropstellen. Maar wat we nu al zien, ook in andere landen, is dat er gewoon plekken zijn waar het moeilijk is om het water tegen te houden. Bijvoorbeeld in Groot-Brittannië en Frankrijk door kusterosie van kliffen.
‘Wijken voor het water deden we altijd al. En nu wordt deze aanpak vaker gezien als een optie. Daarom vinden we het belangrijk om te bestuderen: hoe doe je dit op een verantwoorde manier, met respect voor de mensen om wie het gaat?’
Ook in Nederland?
‘Bij ons loop je ertegenaan dat als we dijken ophogen, ze ook veel meer ruimte innemen, omdat ze dan ook breder worden. Het Consortium Meegroeien (een denktank van wetenschappers, overheden, ngo’s en ontwerpers, red.) heeft berekend dat er in Zeeland tienduizenden bouwsels weg zouden moeten als je het water meer ruimte wilt geven. Maar als je de Zeeuwse Delta wilt beschermen met bijvoorbeeld stevigere dijken, moet je óók ongeveer dat aantal gebouwen verplaatsen of weghalen.’
Hoe krijg je mensen mee, als ze hun huis uit moeten voor het water?
‘Ik denk dat daar meerdere dingen voor nodig zijn, zo zien we in onze database. Ten eerste moeten mensen begrijpen waar het om draait, want er wordt natuurlijk veel van ze gevraagd. In sommige gevallen is dat makkelijker dan in andere: mensen die net een overstroming hebben meegemaakt, zullen meer begrip hebben voor het feit dat het ergens overstromingsgevoelig is.
‘En het gaat over vertrouwen in de overheid die dit organiseert. We documenteerden het voorbeeld van een dorp in Polen waar de lokale overheid op een gegeven moment aankondigde: dit is wat we gaan doen. Dat werd dus een heel moeizaam proces. Begrijpelijk. Niemand wil zomaar een brief op de deurmat vinden: we hebben besloten dat je je huis moet verkopen.’
Heeft u in uw database ook voorbeelden gevonden van hoe het wel moet?
‘In ons vakgebied staat de Noordwaard, in de Biesbosch, te boek als voorbeeld waar het redelijk goed lijkt te zijn gegaan. Het gebied moest overloopgebied worden voor de Merwede. Daarvoor moesten zo’n vijftig huishoudens wijken. Dat is uiteindelijk in behoorlijke harmonie gegaan.
‘Ik denk dat ondersteuning erg kan helpen. Het is één ding om te zeggen: je krijgt het geld van de woning die je hebt, zoek maar een nieuwe. Maar in onze database zien we ook projecten waarbij mensen bijvoorbeeld hulp krijgen bij het zoeken met naar een nieuwe woning, of het afsluiten van een hypotheek. Zoals in Enschede (waar een reeks huurhuizen in 2024 onbewoonbaar werd na extreme regen, red.): de mensen kregen extra begeleiding bij het vinden van een nieuwe woning bij dezelfde woningcorporatie.’
En de verschuivende vuurtorens of de grafstenen van Oterdum?
‘Dat zijn voorbeelden die in mijn optiek vooral laten zien hoe je respectvol kunt omgaan met je culturele erfgoed. Zulke voorbeelden laten zien dat verplaatsen niet alleen maar afscheid nemen betekent. Zo’n vuurtoren is een mooi symbool voor: soms moeten we ons verplaatsen.’
U heeft zelf een jaar in Miami gewoond, een laaggelegen stad die bekendstaat als zeer overstromingsgevoelig.
‘De uitdagingen in die stad zijn inderdaad bijzonder groot. Miami is gebouwd op karst, poreus gesteente. Op het moment dat het water op zee hoog staat, staat het aan land eigenlijk vrijwel meteen ook hoog. Er zijn nu al problemen met de laagst gelegen delen van Miami. Niet zozeer aan de kust, waar het land wat hoger is, maar juist meer landinwaarts, richting de Everglades.
‘In 2019, het jaar dat ik erheen verhuisde, was het een seizoen waarin er op een van de Florida Keys-eilanden een weg negentig dagen haast permanent onder water stond. Je zou zeggen: daar kun je dan eigenlijk niet meer wonen. Maar de plaatselijke bewoners gingen er anders mee om. Ze parkeerden de auto aan de hoofdweg, en pakten de kano naar hun huizen, die nog droog waren. Dat toont aan dat leefbaarheid ook draait om: waar wíllen mensen wonen?’
Leeft men in Miami in het besef dat de stad mogelijk ontruimd moet worden?
‘Voorlopig willen veel mensen er juist gaan wonen. Ook in Miami is er een wooncrisis, vastgoed is er heel duur. Je moet ook bedenken: het is er wel gewoon tien maanden per jaar lekker weer.’
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant