is schrijver en columnist voor de Volkskrant.
Ieder mens heeft meerdere kanten. Ieder probleem trouwens ook, maar dat krijg je veel politici niet aan het verstand gepeuterd. Zo kijk ik graag naar Mona Keijzer, die goochelt met haar kanten als een balletje-balletjespeler met bekertjes. Het ene moment is zij de trotse vicepremier van een kabinet dat asielzoekers eerst in de hoek drijft en vervolgens vaststelt dat er nog wel meer in die hoek passen, het volgende een kordate huismoeder, dan weer een de vrije pers verdacht makende opportunist en wanneer zij niet de baas mag zijn terwijl haar dat wel is beloofd, is zij de bedrogen geliefde bij wie het fundament onder haar bestaan – het vertrouwen in de goedheid van de mens – voorgoed is weggeslagen.
Maandag zat Keijzer bij Jeroen Pauw. Waardig keek ze terug op de BBB-alv waarin zij de partij had verlaten – voor een verslag van die bijeenkomst, het resultaat van een frontale botsing tussen de oeuvres van William Shakespeare en Yvon Jaspers, verwijs ik graag naar het frontlinieverslag in de Volkskrant van Yvonne Hofs.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Mona Keijzer sprak langzaam en onderbrak zichzelf soms met haar signature zucht, de zucht van de ijverige welwillende die aanhoudend wordt tegengewerkt door zeurpieten en backstabbers. Ze zat in een rouwproces. Ze was niet boos of depressief, want zo is ze niet. Wel had ze lang gehoopt op verzoening, want zo zit Mona Keijzer in elkaar: het is pas over als het over is.
Nu was het over. Want afspraak is natuurlijk wel afspraak. Of ze zich zou aansluiten bij Gidi Markuszower, wist Keijzer nog niet. Eerst verwerken. De dingen een plek geven. Het had er allemaal flink ingehakt. ‘Mijn onbevangenheid is op dat vlak wel wat verminderd.’ Maar ook: ‘Ik denk dat Nederland behoefte heeft aan een professionele, beschaafde rechtse partij.’ En zeg je professionele, beschaafde rechtse partij, dan zeg je Gidi ‘toch maar geen minister, want zorgwekkende contacten met een buitenlandse mogendheid’ Markuszower.
Die zat een dag later bij Eva Jinek, want: waarom ook niet. In dat gesprek kreeg Markuszower de ene van de pot gerukte quote na de andere voorgelegd – ongelukkig genoeg allemaal van zichzelf. Op archiefbeeld noemde hij een verkrachter een ‘Afrikaans beest’ en gilde dat er tribunalen moesten komen. Hij zat erbij als een kip die een omelet van eigen eieren krijgt geserveerd. De dader van de verkrachting bleek uit Leiderdorp te komen. ‘Dan had ik hem geen Afrikaans beest moeten noemen.’ En wat betreft die tribunalen: ja, maar nee, ja maar ja, stameldestamelprutteldepruttelde Markuszower, ik zei ‘eigenlijk’. Dat mocht niet vergeten worden.
Hij had niet eens een motie ingediend om een tribunaal op te tuigen. Maar inderdaad, beaamde hij: het was misschien wat hard, de toon kon anders. Hij geloofde dat de tijd van benoemen – iets waarin hij in het verleden ‘succesvol’ was geweest – voorbij was; Nederland was klaar voor de oplossing. Op de vraag of er een fusieclub op rechts moest komen, met Mona Keijzer als nieuwe, scorende spits, mompelde Markuszower dat hij niet zo van die term hield, ‘rechts’. Vanzelfsprekend: zelf is hij altijd heel secuur met woorden. Eigenlijk.
De kans bestaat dat de kant waar Mona Keijzers onbevangenheid zit daadwerkelijk zodanig is geraakt door de mest die Henk & Caroline over haar hebben uitgereden dat ze een tijdje moet herstellen. Zelf gok ik op een flukse triomf van haar andere kant, die van de rancune en het opportunisme en van de honger naar macht als kapitein-oplossingen op de roofschuit van Gidi Jekyll & Mr. Markuszower.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant