Geschiedenis In Rivier van bloed duikt Michel Krielaars in het verhaal van de Wolga en vindt daar de sporen van een moordzuchtige Russische geschiedenis die het water van de rivier rood kleurt.
Isaak Levitan: Boven eeuwige vrede (1901)
‘Wie met de ziel van een volk in aanraking wil komen moet naar de oorsprongen zoeken’, citeert Michel Krielaars de Russische filosoof Nikolaj Rjorich, en dus reist hij de Wolga af, ‘de moeder van Rusland’ vanaf de bron tot aan de Kaspische zee.
In Moskou, voor het schilderij Boven eeuwige vrede van Isaak Levitan, begon het verlangen om de reis te maken. Historicus en NRC-journalist Michel Krielaars, van 2007 tot 2012 Rusland-correspondent voor deze krant, werd naar eigen zeggen geraakt door de immense verlatenheid, een kapelletje met omgevallen kruizen en de onmetelijke rivier de Wolga er achter. De melancholieke sfeer van het schilderij riep bij hem ‘een onstuitbaar verlangen’ op om de Wolga af te reizen, 3500 kilometer lang, „een rivier van verdriet en een rivier van glorie.”
Krielaars maakt de reis met op zak ‘een gouden vondst’, een Baedeker reisgids uit 1892, die hij in een boekwinkel in Moskou op de kop wist te tikken. „Als ik het land uit de Baedeker naast het hedendaagse Rusland zou leggen, zou ik kunnen zien wat er wel of niet veranderd was. Maar bovenal zou ik mogelijk ontdekken wat de constante factoren waren die het land al eeuwen in hun verlammende greep hielden.”
Michel Krielaars: Rivier van bloed. Een cultuurgeschiedenis van de Wolga. Pluim, 336 blz. €26,99
Aan boord van de Wolgakruiser ‘het Zwanenmeer’ volgt Krielaars de rivier van ‘slavernij en smarten’. Hij maakte twee reizen waarop hij dit boek baseert. De eerste in 2008 en nog een keer in 2019. Beide dus voordat Rusland in 2022 Oekraïne binnenvalt. Voor een cultuurgeschiedenis van de Wolga die Krielaars voor ogen had is dat geen groot bezwaar. De reis en de steden die hij bezoekt zijn niet meer dan een aanleiding om het vooral over de voormalige bewoners te hebben – schrijvers, schilders en componisten die daar hun sporen hebben achtergelaten en Krielaars helpen in zijn zoektocht naar de constante factoren in de Russische geschiedenis.
De Wolgareis gaat langs stuwmeren die zijn uitgegraven door dwangarbeiders, die daarbij bij bosjes stierven. Terreur en geweld en vooral het zwijgen zijn die constanten. De generatie die in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw de terreur en hongersnood overleefde, ‘de zwijgenden’, vertelde niet over de ellende en de dood, maar gaf de trauma’s wel door aan de volgende generatie. Zo leerden de Russen zichzelf te beschermen door weg te kijken. Het verklaart volgens Krielaars de hardheid en meedogenloosheid van de Russische samenleving. Het zwijgen na de Russische inval in Oekraïne, is daar ook een symptoom van.
Autocratie is de andere constante in Rivier van bloed, van Ivan de Verschrikkelijke tot en met Poetin. De vorst is zowel de soeverein als de eigenaar van het rijk, zo regeerden de tsaren en zo gedraagt Poetin zich, blijkt uit de verhalen van Krielaars. In het oude Moskou deden wetten er niet toe en gold de wil van de vorst. En in de negentiende eeuw is dat niet heel anders. Krielaars citeert het hoofd van de gendarmerie die tegen een gevangengenomen rebel zei: „Als je met mij te maken hebt heb je geen recht om je te beroepen op de wet. Evenmin kun je die gebruiken om jezelf te rechtvaardigen.”
Een eeuw later zet Lenins dictatuur van het proletariaat die lijn door. Tegenspraak was niet mogelijk en volgzaamheid werd geëist. Ook na de val van de Sovjet Unie in 1992 is dat nog steeds zo. Krielaars: „Zo lijkt tot op de dag van vandaag vrijwel iedereen in Rusland een slaaf te zijn.” Het belangrijkste kenmerk van een Sovjetmens is volgens Krielaars dan ook dat hem of haar geen ruimte voor zichzelf wordt gegund. „Beroofd van zijn individualiteit en daardoor niet in staat tot een betekenisvolle interactie met anderen, vereenzaamt hij, waardoor hij de perfecte onderdaan wordt in een dictatuur.” Hij citeert de Wit-Russische Nobelprijswinnaar Svetlana Alexejevitsj: „Wie uit een strafkamp komt, weet niet wat vrijheid is.”
Wat het land bindt is de Tweede Wereldoorlog, de heldenmoed van de voorouders, die met hun opoffering de wereld hebben behoed voor het nazisme. Ook Poetin tapt uit dat vaatje als hij de oorlog met Oekraïne verklaart als een strijd tegen het kwaad, tegen het nazisme. „Bij afwezigheid van een burgerlijke samenleving waarin overheid en burgers op democratische wijze samenwerken om orde en rechtvaardigheid in hun land te creëren is de oorlog het voornaamste wat de Russen met elkaar verbindt,” schrijft Krielaars.
Krielaars is een man die, als hij aan de reling uitkijkt over rivier en steden, onmiddellijk associaties heeft met schrijvers, schilders en muziek. Talloze namen dwarrelen door het verhaal, de trappen in Nizjni doen hem denken aan de Potjomkintrappen in Odesa in de film van Eisenstein. Bij het havenkantoor van de stad Tsjeboksary waant hij zich in een romantisch liefdesdrama van regisseur Nikita Michalkov. En in Rybinsk vraagt hij zich af waarom daar niet een standbeeld staat van filmpionier Joseph Michael Schenck, die op 15-jarige leeftijd het antisemitisme in Rusland ontvluchtte en later medeoprichter was van 20th Century Fox. Het aantal verwijzingen naar kunstenaars, schilderijen, boeken en films is indrukwekkend, maar de talloze korte anekdotes leiden soms ook af van het verhaal dat hij wil vertellen.
Rivier van bloed verschijnt middenin de oorlog met Oekraïne. In een recent radio-interview vertelde Krielaars dat hij wilde onderzoeken wat Poetin bezielde om deze oorlog te beginnen. Daar wringt het wat, want het land waar Krielaars destijds doorheen reisde, is sindsdien wezenlijk veranderd. De alinea’s over Oekraïne en Poetin zijn beknopt en de conclusies voelen soms gehaast. Zo schrijft hij in een verhaal over Ivan de Verschrikkelijke: „Opnieuw ligt een overeenkomst met het Rusland van Vladimir Poetin voor de hand.” Dat is een wel heel grote stap van 1550 naar nu. Het boek is dan ook geen recent portret van Poetin en zijn oorlog. Krielaars zoekt de verklaringen voor wat er nu speelt in het verleden want, zoals hij in het radioprogramma Nooit meer slapen zei, „Poetin is geen bedrijfsongeval, hij komt voort uit een lange geschiedenis van geweld.” Daar ligt ook de waarde van Rivier van bloed.
Wie op zoek is naar de historische verbanden en de geschiedenis waarin Poetin is geworteld kan bij Krielaars terecht. Niet voor niets luidt de ondertitel van het boek ‘Een cultuurgeschiedenis van de Wolga’. Hij duikt in het verhaal van de rivier en vindt daar de sporen van een moordzuchtige Russische geschiedenis die het water van de rivier rood kleurt. Op zijn reis is hij onder de indruk van de uitgestrektheid, de natuur en de samenzang aan boord, maar hij laat zich niet misleiden door de romantiek en de eindeloze vergezichten. Krielaars heeft niets met het gedweep met de Russische ziel. Hij ziet dat vooral als een excuus om „onverschillig toe te kijken hoe alles om je heen in de soep loopt.”
Het laatste boekennieuws met onze recensies, de interessantste artikelen en interviews