Home

De provincie zou zich voor het bedrijf inspannen. Maar ze leverde een wanprestatie, zegt de rechter

Limburg had grond nodig en kwam met de bezitter een ruil overeen, plus vergoeding voor de lagere waarde van dat andere perceel. Provinciale Staten stak echter een stokje voor de exploitatie van die grond door het bedrijf. De provincie moet de schade vergoeden, vindt het hof.

De zaak

De Provincie Limburg wilde een provinciale weg aanleggen (de N300) langs onder andere de Zuid-Limburgse gemeenten Heerlen en Kerkrade. Die loopt deels over grond die in eigendom was van een ontgrondingsbedrijf, dat zijn geld verdient met de verkoop van afgegraven zand en grind. Al vanaf 2006 overlegde de provincie met het bedrijf over het ruilen van grondpercelen, wat in 2011 resulteerde in een overeenkomst. De partijen spraken af dat de grond geruild zou worden en dat de provincie zich zou inspannen om het bedrijf een ontgrondingsvergunning te geven voor de grond die het in eigendom kreeg. Voor dit laatste moest de geldende bestemming worden gewijzigd. Als die vergunning ondanks de te verrichten inspanningen niet zou lukken, zou de provincie het bedrijf 250.000 euro betalen.

Vanaf 2016 keerden omwonenden zich tegen de aanstaande afgravingen, vanwege de verwachte geluidsoverlast, verkeersoverlast en fijnstof. De provincie schreef het ontgrondingsbedrijf daarom in 2016 dat de vergunning niet kon worden verleend, wegens „onvoldoende draagvlak bij de omwonenden voor de ontgronding”. Ze zou het bedrijf die 250.000 euro betalen, vanwege het verschil in grondwaarde bij de ruil. Maar daar ging het bedrijf niet mee akkoord. Na jaren van vergeefs overleg stapte het bedrijf in 2023 naar de rechtbank. De provincie zou een extra schadevergoeding moeten betalen omdat ze zich onvoldoende had ingespannen om de vergunning te verlenen.

De rechtbank oordeelde dat de Gedeputeerde Staten (het dagelijks bestuur van de provincie) de afspraak hadden gemaakt en gebonden waren aan de inspanningsverplichting – maar niet de Provinciale Staten (de gekozen vertegenwoordiging). Die laatste zouden het ruimtelijke ordeningsplan moeten vaststellen om de vergunning mogelijk te maken. En nu na ‘sondering’ was gebleken dat alleen een kleine minderheid van de Provinciale Staten een dergelijk plan zou willen behandelen, kon „redelijkerwijs niet meer van de provincie verwacht worden” en had Gedeputeerde Staten zich dus voldoende ingespannen.

De uitspraak: toegewezen

In hoger beroep denkt het gerechtshof in Den Bosch daar heel anders over. Het dagelijks bestuur heeft de provincie als geheel aan de overeenkomst gebonden. Voor de ontgrondingsvergunning was immers een bijgesteld ruimtelijk ordeningsplan van Provinciale Staten nodig. En de provincie heeft haar bevoegdheden niet maximaal benut. Zo hadden Gedeputeerde Staten het provinciaal belang bij de ontgrondingsvergunning veel beter kunnen motiveren, en niet voornamelijk de „subjectieve belangen van de omwonenden” in het licht moeten stellen. Zo hebben ook de leden van Provinciale Staten bij de beraadslagingen niet laten zien dat ze „alle (…) in aanmerking te nemen belangen (…) hebben meegewogen, laat staan dat zij dit gemotiveerd hebben gedaan”.

Conclusie: de provincie pleegde wanprestatie en moet de schade vergoeden. De omvang moet in een aparte procedure worden berekend.

Het commentaar

Waarom zou schadevergoeding moeten worden betaald, nu al afgesproken was dat het bedrijf 250.000 euro zou krijgen als de vergunning er niet zou komen?

Advocaat Thom Beukers (Boels Zanders advocaten) staat het ontgrondingsbedrijf in deze zaak al jaren bij. „Bij die 250.000 euro ging het om het verschil in grondwaarde van de twee percelen: het bedrijf kreeg bij de ruil een kleiner stuk grond terug. Met het stuk grond dat het bezat, verdiende het bedrijf geld. Toch stemde het in met de ruil. De provincie moest zich inspannen voor de ontgrondingsvergunning, die nodig was om het andere perceel commercieel te kunnen exploiteren, en die inspanning was onvoldoende.

Het gerechtshof zegt dat schade moet worden vergoed voor de „gemiste kans” dat het bedrijf „gedurende (maximaal) 7 jaar ontgrondingswerkzaamheden had kunnen verrichten”

Volgens advocaat Gerrit van der Veen (AKD), niet betrokken bij de zaak, komt dit soort ‘bevoegdhedenovereenkomsten’ vrij vaak voor. „Dan wordt bijvoorbeeld afgesproken dat een overheid zich zal inspannen voor een ander bestemmingsplan. Ook de Hoge Raad heeft al enkele keren geoordeeld dat overheden dit soort overeenkomsten mogen aangaan. Die kunnen eigenlijk alleen maar bindend zijn voor bevoegdheden van het orgaan dat de overeenkomst aangaat. Dat is bij de provincie Gedeputeerde Staten. Het is opvallend dat het gerechtshof hier oordeelt dat ook Provinciale Staten gebonden zijn. Gedeputeerde Staten treffen volgens het gerechtshof echter ook blaam. Zij zijn hun inspanningsverplichting niet nagekomen. Ze hebben volgens de rechter bij het gebrek aan draagvlak de verkeerde afslag genomen en zich te weinig ingespannen om dat te veranderen.

In zo’n overeenkomst kan de overheid nooit garanderen dat het afgesproken besluit er komt. Soms veranderen regels of de rechtspraak, waardoor een overheid de afspraak niet kan nakomen. Dat zie je ook bij de stikstofproblematiek. Soms kunnen overheden dan bijvoorbeeld afspraken voor een woonwijk niet nakomen.”

Het arrest telt zo’n 18.000 woorden en de zaak loopt al meer dan vijftien jaar. Dat vinden beide advocaten niet gek. Beukers: „Er is heel veel gepraat en geschreven; al die feiten moet je bekijken.” En Van der Veen: „Er moeten plannen worden ontwikkeld en besluiten voorbereid. Dat kost veel tijd. Als het niet goed uitpakt, is tien jaar procederen geen zeldzaamheid.”

Uitspraak: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 10 februari 2026 (gepubliceerd: 20-3-26); ECLI:NL:GHSHE:2026:358

Deze rubriek belicht wekelijks rechterlijke uitspraken met economische gevolgen voor mensen of bedrijven

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Economie & recht

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next