Duitsland De Duitse sociaal-democraten verkeren in zwaar weer na verlies in de deelstaat Rijnland-Palts en met verkiezingen in andere deelstaten op komst. De partijleiding kiest een conservatievere en minder sociale koers. Maar kan de SPD zich daarmee voldoende onderscheiden van coalitiepartner CDU?
Co-voorzitters van de Duitse SPD Bärbel Bas (links) en Lars Klingbeil, op het hoofdkantoor van de partij, het Willy-Brandt-Haus, in Berlijn.
Het Duitse Superwahljahr, met verkiezingen in vijf van de zestien deelstaten, is voor de SPD miserabel begonnen. Vorig weekend verloren de sociaal-democraten de verkiezingen in Rijnland-Palts, waar de partij 35 jaar lang aan de macht was. In hetzelfde weekend verloor de SPD-kandidaat de burgemeestersverkiezing in München, waar de SPD sinds 1984 de burgemeester leverde. Begin maart behaalde de partij in Baden-Württemberg ternauwernood de kiesdrempel (van 5 procent, de SPD haalde 5,5 procent). In Mecklenburg-Voor-Pommeren, waar over een half jaar wordt gestemd, dreigt de SPD het af te leggen tegen de uiterst rechtse Alternative für Deutschland (AfD).
De SPD verliest overal zetels en posten, en moet snel iets bedenken om het tij te keren. De partij lijkt het over een geheel andere boeg te willen gooien dan pakweg de afgelopen tien jaar. Onder de huidige co-voorzitter Lars Klingbeil, en in mindere mate co-voorzitter Bärbel Bas, lijkt de partij minder nadruk te leggen op het bieden van een sociaal vangnet, en daarentegen samen met coalitiepartner CDU/CSU bezuinigingen op sociale voorzieningen te willen doorvoeren.
Op de dag na de verloren verkiezing in Rijnland-Palts was de probleemanalyse van Klingbeil kort: „60 procent van de kiezers ziet ons als een partij voor ontvangers van sociale voorzieningen. We werken er al meer dan een jaar aan om dat beeld weg te krijgen.” Co-voorzitter Bas voegde eraan toe: „Op dit moment wordt onze partij niet de competentie toegeschreven dit land economisch vooruit te brengen.”
Klingbeil en Bas leken eensgezind in hun analyse, die wat hen betreft niet verder wordt uitgediept. Bas: „Het helpt niet [de verkiezingsnederlagen] verder te analyseren, we moeten naar voren.”
De weg vooruit werd woensdag nader uitgestippeld door Klingbeil in een lezing bij de invloedrijke Bertelsmann Stiftung, behorend tot het Duitse uitgeversconcern Bertelsmann. De Duitsers zullen „offers” moeten brengen, stelde Klingbeil, tevens minister van Financiën in de regering van kanselier Friedrich Merz (CDU). „We kunnen niet iedere crisis en ieder probleem met geld oplossen.”
Mensen in Duitsland zouden méér uren moeten werken, maar door het gecompliceerde toeslagensysteem loont meer werk vaak niet, aldus Klingbeil. Op sociale voorzieningen moet bespaard worden. Er moet volgens Klingbeil ook lánger worden doorgewerkt, terwijl een hogere pensioenleeftijd lange tijd taboe was in de SPD. Voor het overgrote deel van de Duitsers moeten de belastingen omlaag, terwijl de belastingen op grote erfenissen en de hoogste inkomens omhoog zouden moeten. Ook pleitte hij voor een „radicale afbouw van bureaucratie”.
Leden van de Duitse SPD reageren op de eerste exitpolls van de deelstaatverkiezingen in Rijnland-Palts op 22 maart, in het regionale parlement in Mainz, in het zuidwesten van Duitsland.
Dit zouden, met uitzondering van de belastingverhogingen, ook programmapunten kunnen zijn van de liberale FDP. Wat er van Klingbeils ideeën terecht komt, moet komende maand blijken, als de regering in Berlijn het aangekondigde „hervormingspakket” preciezer vormgeeft.
Het punt over de sociale voorzieningen is illustratief. Begin maart werd in de Bondsdag besloten dat het ‘Bürgergeld’, de bijstandsuitkering die werd ingevoerd onder SPD-kanselier Olaf Scholz, wordt vervangen door een soberdere ‘Grundsicherung’. Het belangrijkste verschil is dat het onder de nieuwe wet makkelijk wordt de hele uitkering te schrappen, namelijk als iemand afspraken met uitkeringsinstanties drie keer op rij niet nakomt. Ook worden uitkeringsgerechtigden sneller gedwongen een goedkopere woning te zoeken om de huurtoeslag te drukken.
Voor de regering-Scholz was de invoering van het ‘Bürgergeld’ een mijlpaal. Scholz voerde in 2021 campagne met het woord „respect”, en daarbij hoorde een bijstandsuitkering die uitgaat van de goede wil van degenen die erop zijn aangewezen. De hervorming onder de huidige coalitie gaat meer uit van de vrees voor misbruik van de voorzieningen. Met het ‘Bürgergeld’ nam de regering-Scholz afscheid van de beruchte ‘Hartz IV’-uitkering, een sobere regeling die werd ingevoerd onder SPD-kanselier Gerhard Schöder (1998-2005). Met ‘Hartz IV’, zo was lange tijd de opvatting van sociaal-democraten, had de SPD zijn kernwaarden verloochend.
Nu is de SPD terug op een conservatievere en minder sociale koers. De verandering is opvallend, ook omdat niet duidelijk is hoe intensief de partij heeft nagedacht over de nieuwe weg. De externe omstandigheden zijn wel eenduidig: de Duitse economie stagneert en er moet flink bezuinigd worden. Dat lijkt een beetje op de tijd van Schröder, toen Duitsland de „zieke man” van Europa was, en de economie profiteerde van de bezuinigingen onder de SPD-kanselier. Bovendien regeert de SPD nu met de CDU/CSU onder kanselier Merz, die economisch een stuk liberaler is dan CDU-voorganger Angela Merkel.
Het valt te bezien hoeveel de SPD kan winnen met de keuze voor hervormingen in samenwerking met de CDU, de nadruk op het „werkende midden” en de Duitse economie. Het gevaar is dat de partij zich niet meer duidelijk onderscheidt van coalitiepartner CDU.
Maar partijen en politici met een meer conservatieve signatuur lijken het op dit moment goed te doen in Duitsland. Dat toont ook de overwinning van Cem Özdemir in Baden-Württemberg, begin maart. Özdemir is weliswaar van de Groenen, maar de auto-industrie in de deelstaat is voor hem minstens zo belangrijk als milieubescherming.
De oude SPD-koers, waarin bijvoorbeeld de verhoging van het minimumloon een belangrijk punt was, leek geïnspireerd door het idee dat de SPD AfD-kiezers in precaire economische omstandigheden zou kunnen terugwinnen. Tot dusver lijkt dat niet te werken: in Rijnland-Palts was bij kiezers die ontevreden zijn over hun economische situatie AfD het populairst.
Partijprominenten van de Duitse SPD poseren vrijdag voor een groepsfoto naast een standbeeld van de voormalige Duitse bondskanselier en SPD-voorzitter Willy Brandt (links) op het hoofdkantoor van de partij in Berlijn.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen