Progressief Nederland was al tegen de begroting, en nu voelen ook de oppositiefracties op de rechterflank van de Kamer zich bedonderd: Sjoerd Sjoerdsma is de eerste minister die merkt hoe precair de positie van het minderheidskabinet is.
is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
‘Ongekend en ongehoord’, vindt Annelotte Lammers (Groep Markuszower) het wat de minister heeft gedaan. Ze spreekt over een ‘slinkse truc’ waarmee de minister de Kamer om de tuin heeft geleid. ‘Hoe denkt de minister in de toekomst nog meerderheden te vinden?’
Het is het startschot van een lange klaagzang woensdagochtend, tijdens een commissievergadering over humanitaire noodhulp, over het handelen van minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sjoerd Sjoerdsma (D66) inzake het herstel van de financiering voor Unrwa, de VN-organisatie voor hulp aan Palestijnen.
Opvallend is dat de linkse en rechtse oppositie in de Kamer, die scherp verdeeld zijn over de hulp aan Unrwa, het eens lijken over één ding: de minister heeft het slecht aangepakt. De directe aanleiding is de stemming over Sjoerdma’s begroting voor 2026, die vorige week eindelijk plaatsvond.
Die begroting, die nog is opgesteld door het vorige kabinet en dus ingrijpende bezuinigingen bevat, werd aangenomen met steun van rechtse oppositiepartijen. Die hadden als voorwaarde gesteld dat het herstel van de hulp aan Unrwa (een voornemen uit het coalitieakkoord van het kabinet-Jetten) niet in die begroting terechtkwam. De D66-steun aan een amendement daartoe van Progressief Nederland werd daarom op het allerlaatste moment ingetrokken.
Maar een paar dagen later maakte Sjoerdsma via een brief wereldkundig dat dit jaar de steun aan Unrwa op het oude niveau (19 miljoen euro in plaats van de huidige 11 miljoen) wel degelijk wordt hersteld. Dat werd, zegt Don Ceder (ChristenUnie) woensdag, ‘door sommige coalitiepartijen en de minister-president in de media breed uitgemeten als overwinning’. Hoewel de ChristenUnie zelf niet voor de begroting stemde, vraagt Ceder zich nu ook af hoe de minister ‘over een paar maanden nog denkt te functioneren’?
De onderliggende politieke vraag gaat over veel meer dan over wel of niet 8 miljoen euro extra voor Unrwa. De vraag is of de oppositie wel zaken kan doen met dit kabinet – en het antwoord op die cruciale vraag kan door Sjoerdsma, of vertegenwoordigers van regeringspartijen, in drie uur debat niet naar ieders tevredenheid worden gegeven.
Waar rechts zich bedrogen voelt door wat JA21 de ‘sluwe maar gênante streek die lijkt op misleiding’ van Sjoerdsma noemt, en de PVV de ‘dikke middelvinger van de minister naar de oppositie’, hekelt ook de linkse oppositie de ‘onnavolgbare wijze’ waarop de minister de steun aan Unrwa herstelt. Suzanne Kröger (GroenLinks-PvdA) verwijt het kabinet te ‘slalommen’ en van twee walletjes te eten.
‘De minister zal toch moeten kiezen’, zegt ze. ‘Wil hij investeren in noodhulp, ook aan Palestijnen, dan zal hij steun moeten zoeken over links. Wil hij door met het sloopbeleid van zijn voorganger, dan moet hij het pad vervolgen over rechts.’
Elles van Ark (CDA) steunt het herstel van de financiële steun aan Unrwa, al stemde ze vorige week nog (net als coalitiegenoten D66 en VVD) tegen het amendement dat deze steun direct zou herstellen in de begroting voor 2026. Gevraagd hoe dat zit, antwoordt ze eerlijk: ‘Dat lijkt me duidelijk, het was nodig om de begroting binnen te halen.’ Ze had er vertrouwen in dat de afspraak binnen de coalitie inzake meer Unrwa-geld toch wel zou worden uitgevoerd. Is dit een handige manier van werken, vraagt Michiel Hoogeveen (JA21). Van Ark had het ‘graag anders’ gezien. ‘Het is een goede les.’
Mpanzu Bamenga (D66), die plotseling zijn steun introk voor het amendement waarmee de Unrwa-steun al in de begroting voor 2026 omhoog ging, krijgt de vraag of hij op dat moment al wist dat Sjoerdsma snel daarna alsnog meer geld voor Unrwa zou aankondigen. Hij geeft geen direct antwoord, behalve dat ook hij er vertrouwen in had dat de coalitieafspraak zou worden nagekomen.
‘Wat ons betreft, is het belangrijk dat er steun is voor de begroting. Hier zijn veel mensen in de wereld van afhankelijk.’ Anders, zegt Bamenga, ‘is het gewoon nul voor al deze mensen die aan het wachten zijn op hulp, op zorg, op onderwijs, menselijkheid en perspectief.’ Daarnaast wil D66 ook dat de steun aan Unrwa – de ‘levenslijn’ voor Palestijnen – wordt hersteld. ‘Daar hebben we voor gekozen.’
Minister Sjoerdsma verdedigt zijn manoeuvre als poging tot transparantie richting de Kamer. Maar ook richting humanitaire organisaties, die om helderheid vroegen. ‘Als ik een betere weg had kunnen bedenken, had ik het gedaan.’
In een tweede brief over de Unrwa-financiering, die hij kort voor het debat heeft gestuurd, legt Sjoerdsma uit dat die extra 8 miljoen worden meegenomen in een aanvulling op de begroting in september. Dat betekent ook, benadrukt hij, dat het parlement zich hierover nog kan uitspreken en het laatste woord zal hebben. Maar: ‘Het coalitieakkoord, dat staat.’
Ceder toont zich niet overtuigd door de argumenten van de minister, die zich volgens hem moet afvragen ‘of hij de juiste persoon is om de begrotingen verder door de Kamer te loodsen’. Als de minister er vanuit gaat ‘dat het coalitieakkoord leidend is’, wordt het dan niet onmogelijk om afspraken te maken met de oppositie? Die vraag staat volgende week donderdag opnieuw centraal, als het debat wordt vervolgd.
Ondertussen mag het kabinet zich ook afvragen of de BHOS-begroting voor 2026 wel door de Eerste Kamer komt. Als rechts afhaakt wegens het extra Unrwa-geld dat eraan komt, moet de redding van Progressief Nederland komen. Maar senator Farah Karimi zei dinsdag dat haar fractie ‘ongelofelijk ontevreden’ is over de ‘drastische’ bezuinigingen in die begroting. ‘Hoe ziet de minister het voor zich hier een meerderheid voor te krijgen?’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant