De steen, die in 1823 door een Alkmaarse resident in Semarang in zijn tuin werd gezet en later in Nederland belandde, wordt gerestitueerd aan het Museum Nasional Indonesia in Jakarta.
schrijft voor de Volkskrant over kunst, cultuur en moderne mores.
Drie objecten uit de collectie van het Wereldmuseum worden teruggegeven aan Indonesië: een beeld van de god Shiva, een steen met inscriptie, en een koran die eigendom was van verzetsleider Teuku Umar. Het is de vierde restitutie aan Indonesië sinds in 2022 de onafhankelijke Commissie Koloniale Collecties verzoeken om teruggave van objecten beoordeelt en de overheid het beleid voor teruggave van koloniale objecten bekrachtigde.
‘Gegroet Sri Saraswati, grote en heilige berg Damalung. Jij bent het leven in deze wereld, omringend, transformerend in een mens, een plaats van water.’ In een sierlijk maar nauwelijks bekend schrift uit Java heeft iemand in het jaar 1449 deze woorden gebeiteld in een steen van trachiet. Een fallussymbool bij de tekst symboliseert de scheppingskracht van de god Shiva.
In 1823 werd de steen gevonden in het dorp Ngadoman en meegenomen door de Alkmaarse Hendrik Jacob Domis, toen resident van Semarang. Die zette het in zijn tuin, waarna de steen in 1827 naar Nederland werd meegenomen door de gouverneur-generaal. Dat is onvrijwillig bezitsverlies, oordeelt de commissie nu, en daarom gaat de steen terug. Niet naar het dorp, vooralsnog, maar naar het Museum Nasional Indonesia in Jakarta.
Het is niet het oudste object; dat is een 1.23 meter hoog beeld van de god Shiva, gemaakt rond het jaar 1260 voor de tempel Candi Kidal bij Malang op Oost-Java. De afgebeelde god heeft gesloten ogen en vier armen; twee gevouwen voor zijn buik, en twee opgeheven, met in de één een vliegenkwast en in de ander een gebedssnoer. Dat zijn attributen van de god Shiva, al is hier hoogstwaarschijnlijk een koning afgebeeld als de beroemde hindoeïstische oppergod. Koning Anushapati was gestorven in 1248 en het was gebruikelijk om twaalf jaar later een tempel te wijden aan een overleden koning. Het beeld is gemaakt van andesiet, een vorm van vulkanische gestolde steen.
Het derde object werd door Nederlandse militairen bij plunderingen buitgemaakt; een koran uit het bezit van Teuku Umar, verzetsleider in de Atjeh-oorlog. Het is in 1879 gedrukt in India op basis van kalligrafie, die werd omgezet tot lithografie. De kaft is van rood leer, bestempeld met zilverkleurige versieringen. ‘Op den 25en Mei 1896 (tweede Pinksterdag) is deze Koran door ondergeteekende buit gemaakt in het huis van Teukoe Oemar te Lam Pisang’, schreef luitenant-kwartiermeester Ferdinand Kenninck in het schutblad. Teuku Umar werd in 1899 door KNIL-militairen vermoord. De koran wordt niet op gezag van de Staat, maar op dat van de gemeente Rotterdam gerestitueerd.
Afgelopen dinsdag werd op het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de overdrachtsovereenkomst getekend door ambassadeur Laurentius Amrih Jinangkung van Indonesië en Youssef Louakili, directeur-generaal Cultuur en Media van OCW.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant