Unilever heeft zijn voedingsafdeling verkocht aan McCormick & Company, een Amerikaanse producent van onder meer kruiden en sauzen. Met de deal is zo’n 15,7 miljard dollar (13,6 miljard euro) gemoeid.
is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over landbouw en voedsel.
De verkoop van de voedingsdivisie betekent het vertrek van de naam Unilever uit Nederland. Het van oorsprong Brits-Nederlandse bedrijf, dat in 1930 ontstond uit een fusie van de Margarine Unie en Lever Brothers, gaf in 2020 zijn dubbele nationaliteit op om zich uitsluitend in Londen te vestigen. Als goedmakertje voor de Nederlandse regering beloofde de top van het bedrijf dat de voedingstak in Rotterdam gevestigd zou blijven.
Dat laatste blijft voorlopig zo, maar die voedingstak gaat door de verkoop aan McCormick wel onder de naam van het Amerikaanse bedrijf door. De hoofdvestiging van het fusiebedrijf blijft in de Verenigde Staten, de locatie in Rotterdam wordt het internationale hoofdkantoor.
McCormick betaalt Unilever zo’n 15,7 miljard dollar (13,6 miljard euro) voor de overname van de voedingstak, die bestaat uit merken zoals Knorr, Hellmann’s en Calvé. ‘We hebben al lang bewondering voor de voedingsdivisie van Unilever, die met haar portfolio een aanvulling is op onze bestaande activiteiten, capaciteiten en langetermijnvisie’, aldus Brendan Foley, de CEO van McCormick, in een verklaring.
De voedingsdivisie van Unilever is de afgelopen jaren al flink uitgekleed: in 2018 verkocht het bedrijf de margarines van onder meer Becel, in 2022 werd de theedivisie met onder meer het merk Lipton afgestoten. Vorig jaar volgde de verzelfstandiging van de ijsdivisie onder de naam The Magnum Ice Cream Company, en de verkoop van iconische Nederlandse merken als Unox, Conimex en De Vegetarische Slager.
Desondanks is de overgebleven voedingsafdeling nog altijd veel groter dan fusiepartner McCormick. In de transactie wordt de voedingstak van Unilever op zo’n 39 miljard euro gewaardeerd, en McCormick op ruim 18 miljard euro.
Na de verkoop en fusie krijgen de aandeelhouders van Unilever dan ook 55 procent van de aandelen in het nieuwe bedrijf in handen. Unilever zelf blijft ook betrokken, met een belang van 9,9 procent. De overige 35 procent is voor de huidige aandeelhouders van McCormick. Het dagelijks bestuur van het nieuwe bedrijf komt in handen van de huidige directie van McCormick.
De binding met Nederland blijft, belooft het bedrijf. Daar zitten immers de ‘toonaangevende capaciteiten voor onderzoek en ontwikkeling die de diepe sectorkennis ondersteunen’. McCormick heeft een notering aan de beurs van New York, maar het nieuwe bedrijf wil een tweede notering aan een Europese aandelenbeurs krijgen. Onduidelijk is of die in Amsterdam komt of elders.
McCormick begon in 1889 in de Amerikaanse stad Baltimore en is nog altijd aan de rand van die stad gevestigd. Het bedrijf verkoopt kruidenmengsels, specerijen en sauzen in zo’n 150 landen, maar is vooral actief in Noord- en Zuid-Amerika. Daar haalt het bijna driekwart van zijn omzet vandaan. In Nederland is het al actief met kruidenmerk Silvo, verkrijgbaar bij onder meer Jumbo, Plus en Dirk.
De verkoop van de voedingsdivisie is vermoedelijk vooral ingegeven door de al jaren kwakkelende beurskoers van Unilever. Het conglomeraat heeft een bijzonder breed portfolio, met naast voeding ook afdelingen voor schoonheidsproducten (Dove, Andrélon, Vaseline), persoonlijke verzorging (Axe, Rexona, Prodent) en huishoudelijke verzorging (Omo, Robijn, Glorix). Dat maakt het voor beleggers lastig de waarde van het bedrijf in te schatten.
De omzet uit voeding blijft de laatste jaren bovendien achter bij die van de andere Unilever-afdelingen. Dat blijft de komende jaren zo, verwacht CEO Fernando Fernández. ‘Voor Unilever is deze transactie een nieuwe beslissende stap in het verder aanscherpen van ons portfolio en het versnellen van onze strategie gericht op snelgroeiende categorieën’, aldus Fernández dinsdag.
Voedingsmerken hebben het de afgelopen jaren sowieso lastig. Door de hoge inflatie wijken consumenten uit naar goedkopere huismerkproducten, wat de verkoop van A-merken onder druk zet. Groeiende aversie tegen zogeheten ultrabewerkt voedsel, dat ongezond zou zijn, en de toenemende populariteit van afslankmiddelen zoals Ozempic knabbelen eveneens aan de omzet van grote voedingsbedrijven.
Veel van die bedrijven zijn zich daarom aan het herstructureren: ze zetten onderpresterende bedrijfsonderdelen in de verkoop of fuseren juist met concurrenten. Kraft Heinz wil zich bijvoorbeeld opsplitsen en de Nederlandse koffiemaker JDE Peet’s gaat fuseren met het Amerikaanse Keurig Dr Pepper, om zich daarna ook op te splitsen. Mars nam eind vorig jaar snackmerk Kellanova over.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant