Technische experts van de Europese Unie zijn al twee weken lang niet welkom bij de beschadigde Druzhba-pijpleiding in Oekraïne, die Russische olie naar Hongarije vervoert. Die pijplijn is al wekenlang de reden voor hoogopgelopen spanningen tussen Boedapest en Kyiv.
De Oekraïense vicepremier Taras Kachka zegt in gesprek met BNR dat de experts nog niet worden toegelaten vanwege de veiligheid. Hij ontkent dat de technici worden tegengewerkt.
Het besluit om afhankelijke experts naar Oekraïne te sturen was een poging van Brussel om te bemiddelen tussen EU-lidstaat Hongarije en Oekraïne, dat door de EU wordt gesteund in de oorlog met Rusland. Hongarije is een van de weinige Europese landen die nog warme banden met Moskou nastreeft en voor een groot deel afhankelijk is van Russische olie via de Druzhba-leiding.
De regering van Viktor Orbán beschuldigt Oekraïne ervan de pijpleiding opzettelijk te saboteren en te treuzelen met de reparatie. Kyiv ontkent dit en zegt dat de lijn is beschadigd door Russische aanvallen. Om druk te zetten op de Oekraïense regering dwarsboomt Hongarije een essentieel steunpakket voor Oekraïne ter waarde van 90 miljard euro.
Kachka zegt tegen BNR dat Oekraïne wel degelijk zijn best doet om de pijpleiding te repareren, maar zegt dat het ingewikkeld is omdat de schade "enorm" en "atypisch" is. Dat de EU-technici nu al twee weken niet welkom zijn, komt volgens hem vooral door "technische veiligheidsprocedures". Wat hij daar precies mee bedoelt, is niet duidelijk.
Dat de ruzie tussen Hongarije en Oekraïne juist nu zo escaleert, is niet toevallig. In Hongarije vinden over iets minder dan twee weken verkiezingen plaats, waarbij een serieuze kans bestaat dat er een einde komt aan het zestienjarige bewind van Viktor Orbán. In een poging de Hongaarse kiezer weer voor zich te winnen, grijpt de premier terug op een campagne van angst waarbij Oekraïne wordt afgeschilderd als bedreiging. Hoe dat precies zit, lees je in onderstaand artikel.
Source: Nu.nl algemeen