Home

Paitoon (67) en Marcel (64) gaan met pensioen: ‘Zien we er jonger uit? Dat is omdat we elkaar hebben’

Marcel Busser en Paitoon Tonswai hebben een Thais restaurant in de Jordaan en een huis in Thailand. Paitoon houdt van heel pittig eten, Marcel juist niet.

Marcel Busser (l) en Paitoon Tonswai

Marcel: „Wij hebben elkaar ontmoet in de stad, tijdens het uitgaan, eind jaren negentig.”

Paitoon: „Ik was toen al een paar jaar in Nederland. Eerst was ik met een andere man, maar dat was inmiddels voorbij.”

Marcel: „Paitoon [spreek uit: Paitoen] woonde bij vrienden hier om de hoek, in Amsterdam. Dus daar moest hij naartoe. Ik vroeg: kan ik je een lift geven? Achterop de fiets. Natuurlijk kwam hij nooit bij zijn vrienden aan!”

Paitoon: „Het waren de laatste wilde jaren in Amsterdam. Ik ging overal heen. Roxy, It, Exit. De Cockring in de Warmoesstraat. Dirty Dick. Daar gebeurde het. Disco, darkroom. Dat is waar de actie was.” 

Marcel: „Paitoon was de wilde van de twee. Ik was nooit zo wild.”

Paitoon: „Toen ik Marcel ontmoette, dacht ik niet dat hij Nederlander was. Brit of zo. Toen bleek hij Nederlander te zijn.”

Marcel: „Paitoon moest het land verlaten. Hij had nog maar drie, vier weken. We kenden elkaar helemaal nog niet. Toen zijn we de procedure begonnen. Eerst een toeristenvisum voor drie maanden. En toen de echte procedure, die duurde zes, acht maanden.”

Paitoon: „Ik moest daarvoor terug naar Thailand en wachten tot het geregeld was. Maar Marcel kwam me daar opzoeken.”

Marcel: „Ik werd bijna als een zoon verwelkomd door zijn familie, in een buitenwijk van Bangkok. Ze hadden zelfs een extra slaapkamer voor ons gebouwd.”

Paitoon: „We werden verliefd. En we zijn nog steeds verliefd, 27 jaar later. In 2010 zijn we getrouwd.”

Marcel: „In 1999 kwam hij bij mij wonen, hier in de Hoofddorppleinbuurt.”

Paitoon: „Ik werkte toen als chef bij Thaise snackbar Bird op de Zeedijk.”

Marcel: „Ik heb hotelschool gedaan en altijd in restaurants gewerkt. In Londen, Zuid-Frankrijk, Zuid-Afrika, op Bonaire. Ik werkte overal, van Michelinrestaurant tot stationsrestaurantie en partyboot. Maar ik wilde mijn eigen tent openen en toen ik eenmaal met Toon ging, werd dat natuurlijk een Thais restaurant.”

Geluksletter

Paitoon: „Toen vonden we na enig zoeken deze plek in de Jordaan en we wisten meteen: dit is ‘t. Ik riep: oh, my god, this is my place! Ik heb toen de naam Ko Chang gekozen.”

Marcel: „Toon zei: de naam moet beginnen met een K – want dat is zijn geluksletter.”

Paitoon: „Ko Chang is een eiland in Thailand. Het betekent Olifanteneiland.”

Marcel: „Ik had ervan gehoord, maar we waren er nooit geweest. Daarna zijn we wel gegaan. Het is prachtig.”

Paitoon: „Toen we opengingen, bracht iedereen een knuffelolifantje mee. Grote en kleine.”

Marcel: „Maar die kleine namen mensen mee. Nu hebben we alleen nog de grote olifanten.”

Paitoon: „We hebben het ingericht als een huiskamer.”

Marcel: „Ik vind het heel belangrijk een praatje te maken met klanten. En ook leuk.”

Paitoon: „Dat deed hij vroeger nog meer. Nu zie ik hem vaker rustig zitten.”

Marcel: „Ja, ik word ouder, hè.”

Paitoon: „Vroeger was hij wat hyperactiever.”

Marcel: „Mijn zus runt het restaurant als wij er niet zijn. Bijvoorbeeld als we in Thailand zijn. We hebben daar een huis sinds 2009. We gaan twee keer per jaar twee of drie weken. Altijd in november, en dan bijvoorbeeld in maart of augustus nog een keer. Ik vind alles er fijn. Het weer, het eten, de mensen, de prijzen, de service. Het is gay friendly, wat waarschijnlijk verband houdt met het boeddhisme. Mensen respecteren elkaar en leven vredig samen.”

Paitoon: „Elke middag rond drie uur gaan we naar het restaurant. We gaan open om half vijf. De keuken is open tot half tien.”

Marcel: „Daarna drinken we nog een glas wijn voordat we naar huis gaan. Dan bespreken we de dag. Zag je die gekke klant aan die tafel daar? Dat soort dingen. Dan gaan we naar huis en kijken we nog een uurtje tv, met een glaasje wijn. Toon houdt van CSI-achtige shit en ik kijk er dan ook naar. Rond half een, een uur gaan we naar bed.”

Paitoon: „Marcel soms wat later. Gisteren kwam hij om half twee naar bed.”

Marcel: „We staan op rond tien uur. Ja, we zijn nachtmensen. Toon staat altijd midden in de nacht op om te eten. Rond twee, drie uur.”

Paitoon: „Dan eet ik Thais eten uit het restaurant. En dan ga ik weer naar bed.”

Marcel: „We doen niet aan sport. We houden van wandelen, naar het park.”

Paitoon: „We wandelen ook veel als we op vakantie zijn. En het werk in de keuken is fysiek erg zwaar, dus dat is ook een soort sport.”

Marcel: „Verder hebben we geen hobby’s. Het restaurant is onze liefde en onze hobby.”

Paitoon: „Maar we gaan stoppen.”

Marcel: „Het wordt te zwaar. We zijn allebei rond de 65.”

Paitoon: „Ik ben 67, Marcel 64.”

Marcel: „Zien we er jonger uit ? Dat is omdat we elkaar hebben. Je moet dingen doen die je leuk vindt. Wij houden van reizen, making love [het interview is in het Engels omdat dat makkelijker is voor Paitoon], genieten van het leven.”

Paitoon: „En op straat zitten, mensen kijken – daar houden we allebei van.”

Allemaal expats

Marcel: „Ons restaurant voelt voor ons als een lokale bar in de Jordaan. We hebben veel contact met buren. Die komen langs om hoi te zeggen, een glas wijn te drinken, vaak niet eens om te eten. Die gezelligheid heb je meer in de Jordaan dan hier in de Hoofddorppleinbuurt. Hier zijn ‘t allemaal expats. Ik woon al sinds 1968 in deze buurt. Ik kwam hier wonen toen ik zeven was, met mijn moeder, in hetzelfde pand zelfs, maar op een lagere verdieping. Je kende iedereen in de straat. Nu ken ik mijn buren niet. Elke drie, vier maanden komen er nieuwe expats wonen. Er is geen interactie, geen cohesie, niks. Maar het is nog steeds een heerlijk buurtje om te wonen. Het ligt centraal, er zijn leuke winkels en restaurantjes en je zit zo op de ring.”

Paitoon: „Ik houd het meest van de Isaan-keuken uit Noordoost- Thailand, bij Laos. Geen curry’s, meer salades. En nog pittiger. De papayasalade is mijn favoriet.”

Marcel: „We zijn nu aan het praten met een makelaar. We hebben geen idee wat hier zal komen. Misschien een koffietentje, want die zijn er nog niet, toch? Behalve op elke hoek van de straat. Met glutenfree croissants. Ja, dat stemt ons wel droef.”  

Paitoon: „Klanten zeggen: we willen niet dat jullie weggaan!”

Marcel: „Of we niet bang zijn in een zwart gat te vallen? We gaan ‘t zien. Het zal zeker anders zijn. We gaan eerst naar Thailand, voor drie maanden of zo. Op het strand met een mai tai. Even kijken hoe het bevalt om langere tijd in Thailand te zijn. Ik wil meer leren over AI, ik hou van koken. Ik denk niet dat ik me ga vervelen.”

Paitoon: „Ik ga niets doen, alleen ontspannen en reizen. Vietnam, Indonesië. Misschien ga ik vrijwilligerswerk doen. Mensen helpen. Of dingen uit Thailand versturen.”

Marcel: „Het lukt ons wel iets te vinden om te doen.”

In het kort

Marcel Busser (64) en Paitoon Tonswai (67) wonen in Amsterdam en hebben een Thais restaurant in de Jordaan. Ze zijn al 27 jaar samen, getrouwd sinds 2010 en hebben een huis in Thailand. Ze houden van reizen, eten en drinken. Binnenkort stoppen ze met hun restaurant omdat het te zwaar wordt. Samen verdienen ze twee keer modaal.

Wat is je laatst verstuurde Tikkie?

Marcel: „Ik stuur bijna geen Tikkies. De laatste was geloof ik voor een diner met vrienden.”

Weekboodschappen of iedere dag naar de supermarkt?

Paitoon: „Elke dag, soms twee keer per dag. Dan ben ik al geweest en gaat Marcel nog een keer voor wat anders dat ik vergeten ben.

Wat is je laatste grootste uitgave?

Marcel: „Tickets naar Thailand, in november.”

Tweedehands of liever nieuw?

Paitoon: „Nieuw – ik hou er niet van als iemand ‘t al gebruikt heeft. We willen de eersten zijn.”

Hoe vaak ruim je het huis op?

„Twee dagen per week”, zegt Paitoon. „Ik doe alles in het huishouden. Marcel doet niets. Alleen het papierwerk, de administratie. Ik de rest. Schoonmaken. De was. Marcel doet ‘t toch niet zoals ik ‘t wil. Dan kijk ik ernaar en zeg ik: laat maar, ik doe ‘t wel. Anders moet ik ‘t daarna alsnog over doen.” 

Marcel: „Maar hij houdt toch van me.”

Paitoon: „Dat klopt.” 

Wat was echt een miskoop?

„Een Dyson draadloze stofzuiger. Na twee maanden was de batterij al stuk.”

Wie bedenkt wat je gaat eten?

Paitoon: „Marcel wat hij eet en ik wat ik eet. We koken allebei apart. Ik eet altijd Thais.”

Marcel: „Ik vooral andere dingen. Als we in het restaurant zijn, haal ik vaak wat bij de supermarkt. Een stamppot, lasagne, een sandwich.”

Paitoon: „Hij kan ‘t pittige niet aan.”

Marcel: „Ik eet maar twee keer per week Thais en dan niet zo pittig inderdaad. Kip cashew of zo.”

Waar geef je met schuldgevoel geld aan uit?

Marcel: „Niets.”

Waar spaar je voor?

Marcel: „Reizen en uit eten gaan.”

Paitoon: „Maar ik hou niet van fancy restaurants. Daar voel ik me niet op mijn gemak. Ze zitten zo op je lip, dat irriteert me. We houden van goed eten – gezellig, niet chic.”

Beste tip voor huishouden of financiën?

Marcel: „Enjoy your life! Tenminste, als je ‘t je kunt veroorloven. Wij hebben een goed leven en hoeven niet elke cent om te draaien. Dus voor ons is ‘t makkelijk te zeggen: enjoy life! Voor veel mensen is dat moeilijker.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Pensioenen

Lees meer

Uitgelichte artikelen

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next