Met een smeekbrief aan alle gemeenten vraagt minister Bart van den Brink (Asiel en Migratie, CDA) ‘zo snel als mogelijk plekken voor acuut inzetbare spoed noodopvang te realiseren’. Volgens de bewindsman is ‘de nood opnieuw te hoog’.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.
Op ‘heel korte termijn’ moeten 4.600 plekken zijn gevonden ‘om te voorkomen dat de opvang de komende weken onbeheersbaar wordt’. Voor het einde van de zomer moeten dat er 7.900 zijn. Op bestaande locaties moeten meer asielzoekers komen dan in overeenkomsten met gemeenten is afgesproken, ‘als dit beheersbaar en veilig kan’. In de loop van volgend jaar zijn, mede vanwege aflopende contracten, tot 40 duizend nieuwe opvangplekken nodig.
De brief komt een week na de lokale verkiezingen, waarin veel partijen met een anti-azc-programma raadszetels wonnen. Maar volgens Van den Brink is de situatie in de asielopvang ‘urgent en kritiek’. Vorige week kwamen er volgens het ministerie opnieuw duizend asielaanvragen binnen. In het aanmeldcentrum in Ter Apel slapen dagelijks te veel mensen. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) is gedwongen opvanglocaties langer open te houden dan afgesproken, zoals in Hardenberg en Epe.
Behalve tot dwangsommen leidt dat tot afnemend vertrouwen in het COA. Ook wordt de solidariteit tussen gemeenten op de proef gesteld. ‘Gemeenten die wel voldoende opvangplekken hebben gerealiseerd, zijn op dit moment alleen nog maar bereid om opnieuw een bijdrage te leveren als ze weten dat gemeenten die dat tot nu toe onvoldoende gedaan hebben dat ook zullen doen’, schrijft Van den Brink.
Nu in alle gemeenten na de verkiezingen de coalitievorming is begonnen, wijst Van den Brink er nog een keer op dat hij, zolang er geen evenwichtig over het land verdeelde opvang is, de Spreidingswet onverkort in stand zal houden. Alle gemeenten ontvangen daarom binnenkort een tweede brief, die specifiek op hun lokale situatie zal zijn toegesneden. Gemeenten die niet voldaan hebben aan de hun toebedeelde opgave zullen daarover uitleg moeten geven.
‘De asielketen loopt tegen de grenzen van het mogelijke aan’, schrijft Van den Brink. Maar grip krijgen op de omvang van immigratie blijft lastig. De minister heeft zijn hoop gevestigd op de twee wetten van oud-minister Marjolein Faber (PVV), die half april in de Eerste Kamer worden behandeld. Als die worden goedgekeurd, aldus Van den Brink, ‘wordt een reeks instroombeperkende maatregelen met onmiddellijke ingang van kracht’. Hij doelt daarmee vooral op de beperkingen die aan nareizigers zullen worden gesteld.
In juni moet het Europese asiel- en migratiepact in werking treden, dat vooral minder ruimte laat aan asielzoekers die geen persoonlijke vervolging hebben te vrezen. In Europees verband maakt Nederland deel uit van een ‘kopgroep’ (met Duitsland, Denemarken, Oostenrijk en Griekenland) die de terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers wil versnellen. Daartoe legde Van den Brink deze week zijn eerste buitenlandse bezoek af, aan Berlijn.
Van den Brink zegt zich te realiseren dat de spanningen in de samenleving rond de opvang groot zijn. Hij hoopt op een goede samenwerking tussen Rijk en gemeenten en spreekt steun uit aan lokale bestuurders die ‘bij de uitoefening van hun belangrijke democratische taak’ te maken krijgen met ‘laffe intimidatie en bedreigingen’. Hij schrijft die nooit te zullen accepteren.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant