Het Europees Parlement kiest voor een harder uitzetbeleid voor uitgeprocedeerde asielzoekers. Een ruime meerderheid van de parlementariërs wil het onder meer mogelijk maken dat uitgeprocedeerden (inclusief gezinnen met minderjarige kinderen) naar terugkeerhubs buiten de EU worden overgeplaatst.
is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.
De stemming donderdag in het parlement (389 voor, 206 tegen) tekent de ommezwaai in het Europese migratiebeleid. De christendemocraten werkten samen met een deel van de liberalen en de radicaal-rechtse partijen om de uitzetting van uitgeprocedeerden te bespoedigen. Nu vertrekt ruwweg 20 procent van de migranten die van de rechter een uitzetbevel heeft gekregen, de rest vraagt opnieuw asiel aan in een ander land of verdwijnt in de illegaliteit.
De sociaaldemocraten en Groenen hekelen de aanscherping van het uitzetbeleid dat zij als ‘racistisch en populistisch’ bestempelen. ‘Deze wet is overduidelijk geïnspireerd door Trump’, zei GroenLinks-Europarlementariër Tineke Strik na afloop van de stemming. ‘De wet druipt van de draconische, inhumane maatregelen.’ Vluchtelingenorganisaties voeren al maanden campagne tegen de voorstellen die volgens hen het recht op asiel ondermijnen.
VVD-Europarlementariër Malik Azmani sprak over realistische regels. ‘Zolang afgewezen asielzoekers niet terug hoeven te keren, blijft het systeem lek.’ Zijn CDA-collega Jeroen Lenaers, die een belangrijke rol speelde bij de totstandkoming van het compromis, noemde het ‘goed nieuws’ dat er nu ‘eindelijk een strikt, eerlijk en werkbaar migratiekader op tafel ligt’.
Komende maanden overleggen parlementariërs met de lidstaten over de voorstellen. Als hier een akkoord wordt bereikt – mogelijk binnen een paar maanden – treden de nieuwe terugkeerregels in werking.
Het lage terugkeerpercentage is de meeste lidstaten al jaren een doorn in het oog. Vorig jaar maart presenteerde de Europese Commissie een nieuwe terugkeerwet. Die moet het uitzetten van uitgeprocedeerden versnellen en vergemakkelijken. Commissaris Magnus Brunner (Migratie) noemde de nieuwe wet ‘het sluitstuk’ van het strengere Europese migratiebeleid.
Belangrijk onderdeel is dat de uitgeprocedeerden verplicht worden mee te werken aan hun terugkeer. Doen ze dat niet, dan kunnen ze worden bestraft met het inhouden van financiële steun en andere hulp. De voorkeur gaat uit naar vrijwillige terugkeer, maar gedwongen kan ook. In dat geval kunnen de uitgeprocedeerden tot 24 maanden worden vastgezet om te voorkomen dat ze verdwijnen.
De Commissie wilde lidstaten verplichten om elkaars uitzetbevelen uit te voeren, dit om ‘asielshoppen’ (migranten die na een vertrekbevel elders opnieuw asiel aanvragen) te voorkomen. De lidstaten stelden eerder deze verplichting niet te willen, het parlement stuurt er wel weer op aan. Dit wordt de komende tijd nog een stevig discussiepunt tussen de parlementariërs en de EU-landen.
Het parlement schrapte verder voorstellen die lidstaten de mogelijkheid zouden geven mensen die illegaal verblijven op te sporen via huiszoekingen of arrestaties op straat. Daarop was in toenemende mate kritiek gekomen nadat in de VS de beruchte ICE-medewerkers ongekend hard optraden tegen mensen zonder verblijfsvergunning.
De nieuwe uitzetregels voorzien verder in de opzet van terugkeerhubs in landen buiten de EU. Het is aan de lidstaten zelf om dit daadwerkelijk te organiseren. De Commissie eist dat de mensenrechten worden nageleefd en de opvang in de hubs goed is geregeld. Het vorige Nederlandse kabinet was in gesprek met Oeganda over zo’n terugkeerhub. Die onderhandelingen zijn evenwel opgeschort vanwege twijfels over een decente en veilige opvang in Oeganda.
Nederland overlegt nu met andere EU-landen over mogelijk geschikte landen voor de hubs. Commissaris Brunner zei eerder dat hiervoor erg veel ‘migratiediplomatie’ is vereist.
De Commissie, de EU-landen en de meeste parlementariërs hopen dat de nieuwe terugkeerregels tegelijk met het migratiepact van kracht worden. Dat pact, waarover de EU-landen het in 2024 eens werden, treedt op 12 juni in werking. Het pact maakt de asielprocedure sneller en bepaalt dat kansloze asielzoekers al bij de Europese buitengrenzen worden tegengehouden.
Als de lage terugkeer van uitgeprocedeerden niet verandert, leidt het pact mogelijk tot overvolle (gesloten) opvangkampen aan de grenzen. Ook de nieuwe terugkeerregels vallen of staan echter met de bereidheid van niet-EU-landen om migranten over te nemen. De EU vreest dat de onrust in het Midden-Oosten en het geweld in Soedan tot een nieuwe, omvangrijke vluchtelingenstroom zullen leiden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant