David Timmerman wordt dit jaar 25. Hij groeide op in Zwolle, maar verhuisde naar Rotterdam op zoek naar meer diversiteit. ‘Als er in Zwolle meer ruimte zou zijn voor andere culturen, zou er minder discriminatie zijn, denk ik.’
Ianthe Sahadat is redacteur van de Volkskrant, met bijzondere aandacht voor de koloniale geschiedenis.
Waar ben je opgegroeid?
‘In Zwolle, met mijn moeder, mijn opa en oma, mijn oom en vaak ook de verzorger van mijn oom. Mijn oom is gehandicapt. We woonden met z’n allen in één groot huis, dat was erg gezellig.
‘Mijn moeder was 16 toen ze mij kreeg. Ze moest gewoon nog naar school. Ik ook, dan kwam mijn oma of opa me ophalen. Zij zijn een soort tweede ouders voor me.’
25 in 26
In de serie 25 in 26 vragen we jongeren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl
Wat jong, 16. Hoe was dat?
‘Ja, absurd. Ik vind dat nog steeds onwerkelijk. Ze heeft me wel het advies gegeven om dat zelf niet te proberen, haha. Ik wil liever een bewuste keuze maken en weten dat ik in de situatie ben om voor een kind te kunnen zorgen. Maar soms gaat het leven zo. En ik heb veel respect voor m’n ma. Hoe ze haar school heeft afgemaakt, zelfs een hbo-opleiding heeft gedaan en mij tegelijkertijd zoveel liefde heeft kunnen geven. Dat vind ik ongelooflijk.’
Heb je een fijne jeugd gehad?
‘Ik ging met plezier naar huis, naar school, naar voetbal. Op latere leeftijd hoorde ik dat het bij andere gezinnen anders ging. Dat andere kinderen niet met opa en oma en een oom woonden, dat er een vader in het spel was. Maar voor mij was mijn thuis normaal. Dat zijn dingen die je pas later opvallen.’
Heb je contact met je vader?
‘Op dit moment even niet. Mijn vader was 17, ook nog een kind dus, toen ik geboren werd. Hij komt uit Sierra Leone en woonde in azc’s door heel het land. In Zwolle ontmoette hij mijn moeder. Ze kregen een relatie, tot hij weer moest verhuizen. Ja, en toen kwam ik. Er is wel contact geweest, lang. Hij kwam op bezoek en we belden af en toe. Maar dat werd steeds minder. Ik neem hem niets kwalijk, zijn leven is ingewikkeld, hij heeft zich in Nederland nooit welkom gevoeld, dat doet iets met een mens.
‘Die kant van mij, het Sierra Leoonse bloed dat ik in me heb, dat is iets dat ik nog wil uitzoeken. Maar ik wil eerst mijn opleiding afmaken voordat ik daarin kan duiken, of contact kan zoeken met mijn vader.
‘Tot die tijd zoek ik de nabijheid van dat deel van mij bij vrienden die ook een Afrikaanse achtergrond hebben, of een Antilliaanse.’
Wat voor kind was je?
‘Ik weet niet hoe mijn ma dat heeft ervaren, maar volgens mij was ik wel rustig en lief. Niet de moeilijkste. En ik was altijd aan het buitenspelen.’
En als puber?
‘In 2013 ofzo, zijn we verhuisd naar de andere kant van Zwolle, omdat m’n ma in verwachting was van mijn zusje. Daar gingen we samenwonen met haar vriend. Na de verhuizing was het allemaal wat onrustiger. Ik wilde minder thuis zijn, zocht meer mijn eigen plekje op. Of ik trok me terug bij opa en oma. Dat doe ik nog steeds wanneer het iets intenser wordt, of als een situatie me te veel wordt, dan trek ik me terug.
‘Ik had destijds als puber veel woede in me. Die stiefvader, ik wilde helemaal niet dat hij er was, want hij was niet goed voor mijn moeder en ook niet voor mijn zusje. Toen ze uit elkaar gingen heeft dat de band tussen mijn zusje, mijn ma en mij versterkt. Ik vind het rot voor mijn zusje, het is haar vader, daarin probeer ik haar te steunen, zo van ‘die vaders van ons’.
‘We hebben dingen meegemaakt, en die vormen ons, daar horen pijn en kwetsbaarheid bij, maar ik probeer haar ook naar het positieve te trekken, daar kun je ook kracht uit halen. Wij met z’n drieën zijn heel close, ook al woon ik in Rotterdam en zij in Zwolle, we facetimen vaak en ik probeer zo veel mogelijk langs te gaan.’
Wat doe je in Rotterdam?
‘Ik werk voor een non-profitorganisatie, om via basketbal mee te helpen community’s te bouwen, en ik doe de studie social work. Vanuit Unites, zo heet de organisatie, probeer ik te kijken hoe mensen elkaar kunnen ondersteunen in de maatschappij. Mensen met een handicap of met een vluchtelingenachtergrond kunnen bijvoorbeeld buiten het systeem vallen.
‘Het idee is dat een gemeenschap dat voor een deel kan opvangen. Dat begint in mijn geval met basketballen op een pleintje, waar mensen samenkomen – iedereen met zijn eigen achtergrond en kennis – en elkaar leren kennen. Zo’n plek en activiteit creëren een positieve vibe. Je kunt mensen laten zien wat ze kunnen bijdragen, hoe ze elkaar kunnen helpen of steunen.’
Hoe ben je hier terechtgekomen?
‘Ik kon niet echt goed leren, had ook geen interesse in school. Het was iets voor erbij. Ik was meer bezig met buiten zijn, met vrienden afspreken, basketballen en voetballen. Of in de zomer barbecueën en zwemmen.
David Timmerman wordt 25 op 27 december.
Woonplaats Rotterdam
Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘Een 6,5? Ik hecht niet zoveel waarde aan de status ‘volwassen’.’
Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Wij zitten met de gevolgen van de keuzes van de generaties voor ons en proberen dingen te fixen voor de generaties na ons.’
Waar ben je over zeven jaar? ‘Ik probeer altijd mijn gevoel te volgen en mijn gevoel gaat niet zover vooruit.’
‘Ik heb vmbo-t gedaan. Daarna mbo 3 handhaving, toezicht en veiligheid, en toen mbo 4 leidinggeven. Ik ging solliciteren bij de politie in Rotterdam en heb een jaar een traineeship bij de havenpolitie gedaan. Dat bleek niet de juiste omgeving voor mij. Het is een sterke bubbel, het voelde alsof de organisatie buiten de maatschappij stond. Daardoor krijg je automatisch een soort autoritaire rol, en die past mij niet.
‘Mijn reden om bij de politie te willen, was om een maatschappelijk betrokken rol te kunnen hebben, niet om boeven te pakken zeg maar, maar eerder een soort wijkagent. Er waren intern wel opleidingsmogelijkheden, maar daar moest je hbo voor hebben en dat had ik niet. Zo ben ik bij hbo social work terechtgekomen. Hier zit ik echt op m’n plek.’
Wat doe je graag in je vrije tijd?
‘Ik werk in een restaurant in de keuken, dat vind ik erg leuk, en ik ben veel buiten, dan fiets ik op mijn racefiets door de stad en zoek ik een stukje groen op, liefst in de zon. Ik vind het leuk om de stad een beetje te verkennen en te ontdekken. Ik woon er nu vier jaar. En ik houd van gamen en films kijken.’
Ben je graag op jezelf?
‘Ja, ik denk het wel. Ik woon met vier huisgenoten. We delen een keuken en badkamer, eten af en toe samen, maar iedereen doet zijn eigen ding. Ik beweeg me graag een beetje tussen iedereen door van hot naar her, even hier dan weer daar chillen. Ik heb het nodig om me af en toe terug te trekken met mijn eigen gedachten.’
Hoe ben je eigenlijk in Rotterdam beland?
‘Ik wilde na m’n mbo weg uit Zwolle. Ik had het daar wel gezien, ik zocht meer diversiteit, verschillende soorten mensen, een grotere stad. Een vriendin van mijn moeder, ze is eigenlijk een soort tante voor me, woonde in Rotterdam en ze zei: je moet hier eens rondkijken. Zo ben ik hier beland. Ze dacht dat het wel bij me zou passen, en dat klopt. Ik ben nog elke dag aan het genieten van de omgeving en de mensen hier.
‘Omdat ik in een wit gezin opgroeide, was ik als kind niet echt voorbereid op discriminatie. Vanaf de middelbare school begon ik te merken dat dat een ding was. In Rotterdam heb ik dat nooit meer, als ik nu in Zwolle uitga, gaat er eigenlijk geen avond voorbij zonder dat iemand iets vervelends roept. Dingen als: ik ga PVV stemmen of iets over migranten of azc’s, dat zijn een beetje de thema’s van het moment. Als Zwolle wat diverser zou zijn, er meer ruimte zou zijn voor andere culturen en manieren van denken, dan zou er minder discriminatie zijn, denk ik.
‘Ik snap het ook echt niet: waarom zeg je zoiets zonder dat je weet wie ik ben of waar ik voor sta? En het sterkt me in mijn overtuiging dat diversiteit juist een verbindende kracht is, en dat je haat en dit soort negatieve dingen alleen kan tackelen met liefde en samenwerking.’
Waar maak je je zorgen over?
‘Het belangrijkste vind ik dat het goed gaat met mijn ma en mijn zusje. Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen in de wereld. Zo’n Trump en hoe hij door de wereld beweegt; ik kan oprecht niet begrijpen hoe zaken als geld, macht en olie belangrijker worden gevonden dan mensen. Toch heb ik hoop, omdat ik echt geloof in een wereld waarin liefde overwint, waarin mensen elkaar willen leren kennen en dan ontdekken wat ons juist verbindt. Dat vind ik niet naïef, het is hoe ik in de wereld sta en wat ik in mijn werk doe. Ik wil graag geloven dat het kan.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant