Home

Europa móét nu een geopolitieke macht worden – en dus durven provoceren

Geopolitiek Hoe je het ook wendt of keert, Europa zál het zonder de VS moeten rooien, schrijft Ben Knapen. Het probleem is dat veel Europeanen dat niet inzien, en zich hunkerend naar de oude orde onderwerpen aan Trump.

We hebben onszelf in Europa de laatste decennia nog graag in het middelpunt van de wereld willen plaatsen: als economische grootmacht en als centrum van soft power. Of het nu ging om klimaat of mensenrechten, om de rechtstaat of privacy-bescherming – we zagen (en zien) onszelf graag als de mondiale norm.

Ben Knapen was minister van Buitenlandse Zaken en CDA-fractievoorzitter in de Eerste Kamer. Eerder was hij hoofdredacteur van NRC.

Nu hoef je de film van de laatste weken maar terug te kijken om vast te stellen dat Europa toch vooral aan de zijlijn staat. Anderen hebben dat natuurlijk al veel langer vastgesteld. Zo spotte de Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent onlangs: „de enige macht die Europeanen nog hebben, is de macht om werkgroepen samen te stellen.” Decadent, woke, slap – zo worden we gezien in MAGA America, in Moskou, in Beijing.

Zulke percepties hebben gevolgen. Ze maken het makkelijker en verleidelijker Europese landen te bedreigen, chanteren en te infiltreren. We hebben het tenslotte over landen zonder ruggengraat.

Wat zijn de bedreigingen voor ons, Europeanen? Het nieuwe Global Risks to the EU-rapport van het Robert Schuman Centre in Brussel noemt er een aantal op. Ten eerste een intensivering van de hybride oorlogsvoering die Rusland al enkele jaren voert. De gevolgen voor infrastructuur, energievoorziening en digitale systemen zijn potentieel verwoestend.

Ten tweede: een staakt-het-vuren in Oekraïne dat gunstig is voor Rusland. Als Vladimir Poetin goed wegkomt met een wapenstilstand in Oekraïne, zou dat de deur openzetten voor verdere Russische agressie. Niet per se een frontale aanval op NAVO-landen, maar eerder infiltratie en acties om te destabiliseren en chaos te veroorzaken, en zo de Europese Unie uiteindelijk diep te verdelen en daarmee machteloos te maken.

De derde – zeer reële – dreiging is dat Europa de Verenigde Staten als veiligheidsanker verliest. Betrouwbaarheid en Donald Trump sluiten elkaar sowieso uit. Het probleem blijft echter dat het risico weliswaar serieus is, maar dat we niet 100 procent zeker weten dat Trump ons in de steek laat.

Juist deze onzekerheid is op de een of andere manier verleidelijk. NAVO-experts benadrukken graag dat Europese en Amerikaanse officieren op de lagere, operationele niveaus van het NAVO-commando nog steeds, zoals gewoonlijk, collegiaal en professioneel samenwerken.

Rugwind voor extreemrechts

Niettemin blijft Amerika onbetrouwbaar. In de MAGA-beweging ziet men Europese desintegratie en voelt men zich nauwer verwant met Poetins wereldbeeld. Ook aarzelen de VS niet om zich te mengen in binnenlandse aangelegenheden in Europese landen, polarisatie te bevorderen en regeringen in verlegenheid te brengen. Amerikaanse regeringsfunctionarissen geven extreme en radicale nationalistische partijen op ons continent rugwind. 

Intussen raken we gewend aan onacceptabel gedrag. Je zou misschien nog kunnen vermoeden dat die Zwitserse zakenlieden die het Witte Huis binnenliepen met een voor Trump bestemde Rolex en goudstaaf, een bepaald gevoel voor humor hadden – dat het een pastiche was. Maar het was doodserieus. En Trump verlaagde de heffingen voor Zwitserland vervolgens ook daadwerkelijk.

De vraag rijst of een alliantie überhaupt een toekomst heeft, als de fundamentele waarden van de leden zover uit elkaar liggen. Uiteindelijk is de kern van het Amerikaans-Europese bondgenootschap altijd een gemeenschappelijke basis van waarden geweest, zelfs als men er in de praktijk wel eens van afweek.

Als een Democraat de volgende Amerikaanse president zou worden, hopen sommigen in Europa, dan kan alles weer tot rust komen. Maar ten eerste kan Trump in de komende drie jaar nog veel schade aanrichten. Ten tweede blijft de vraag of Trumps autoritaire binnenlandse politieke koers een normale regeringswissel überhaupt mogelijk zal maken. En ten derde heeft zich het afgelopen decennium een structurele economische en geopolitieke verandering voltrokken.

De Verenigde Staten zijn vooral bezig met China, de geloofwaardige uitdager van Amerika’s macht in de wereld. Economisch, technologisch en militair indammen van China is een voortdurende Amerikaanse prioriteit. Dit zal niet veranderen met een regeringswisseling in Washington. Vanuit dit perspectief zal de veiligheid van Europa een regionaal probleem zijn – ook voor een Democratische bewoner van het Witte Huis.

Dit alles heeft verstrekkende gevolgen voor ons Europeanen. De meeste Europese landen investeren daarom nu in defensie. Een meerderheid van de Europeanen is ook overtuigd van de noodzaak.

In de tussentijd worstelen de belangrijkste Europese landen echter met de opdracht om een gezamenlijke en duidelijke koers te ontwikkelen jegens de Verenigde Staten. Er zijn mensen die vinden dat je jezelf klein moet maken om de narcistische persoonlijkheid van de Amerikaanse president te voeden.

Zulke onderwerping van Europese politici aan de Amerikaanse president heeft serieuze bezwaren. Op een gegeven moment werken bescheidenheid en onderdanigheid als een boemerang. Iedereen die zo duidelijk alle zelfrespect inlevert aan de voordeur van het Witte Huis, moet niet verbaasd zijn ook in eigen land respect te verliezen.

Bedrieglijke geruststelling

Een nog groter nadeel van die onderwerping aan Trump, is het bedrieglijke gevoel van geruststelling dat het thuis oproept. Dat Amerikaanse kabaal betekent niet zoveel. We zijn slechts getuige van opgefokte heisa, social-media-entertainment waarachter alles uiteindelijk hetzelfde blijft.

Erger nog: onderwerping belemmert elk gevoel van urgentie onder de eigen bevolking. Terwijl die urgentie juist zo nodig is om daadwerkelijk met de nieuwe realiteit om te kunnen gaan. Ze moet zich richten op de twee pijlers waarop geopolitieke macht in Europa kan worden gebaseerd, namelijk economie en defensie.

Wat de economie betreft, weten wij in Europa precies wat er moet gebeuren. De Italianen Enrico Letta en Mario Draghi hebben het vrij precies beschreven, onder de sleutelwoorden financiële stabiliteit, kapitaalmarkten, innovatie, interne markt en internationale handel.

Dit klinkt allemaal bureaucratisch, maar het gaat om verregaande Europese integratie. Dat is dringend nodig om tegenmacht te creëren. Maar verregaande integratie doet pijn. Het raakt overal gewoontes en gevestigde belangen. Daarom komt het ook alsmaar niet echt van de grond.

Tot nu toe is er op elk vlak een gebrek aan urgentie geweest, simpelweg omdat mensen nauwelijks begrijpen dat dit gaat om machtspolitiek, waarbij uiteindelijk de onafhankelijkheid van Europa op het spel staat. We gunnen ons bijvoorbeeld nog steeds de luxe om het Mercosur-akkoord (het handelsverdrag met Zuid-Amerikaanse landen) uit te stellen, onder andere omdat Franse boeren niet voldoende garanties zien. Allemaal kleinigheden, als je ten minste de geopolitieke machtsvraag als urgent beschouwt.

Dit geldt ook voor andere onderwerpen. We hebben bijvoorbeeld een sterkere monetaire unie nodig ten opzichte van de dollar, om constante chantage te voorkomen en om zelfstandiger te kunnen handelen op het internationale toneel. En dat vraagt op zijn beurt onvermijdelijk om meer gemeenschappelijke financiën – zelfs om het aangaan van een gezamenlijke Europese staatsschuld.

De bezwaren tegen deze zogeheten eurobonds zijn in Nederland en Duitsland echter precies dezelfde als twintig jaar geleden, alsof er niets anders in de wereld is gebeurd. Deze bezwaren waren zeker geen onzin, alleen is de wereld nu een totaal andere plek.

Nu kan men tegenwerpen dat Europese landen ook niet zo gemakkelijk de sprong naar voren kunnen wagen, nu hun politiek en samenlevingen zo gepolariseerd zijn geraakt. Daar zit een kern van waarheid in, maar het voordeel van de Amerikaanse dreigementen is dat zelfs sommige radicaal-rechtse partijen beginnen te beseffen dat de Europese beschaving waar ze zo naar verlangen, fragmentatie niet zal overleven.

Hoop dat alles overwaait

De fundamentele keuze voor Europese landen is als volgt: nationale soevereiniteit en machteloosheid, tegenover verre integratie en het vermogen om te handelen.

Deze keuze kunnen we voor ons uit schuiven in de hoop dat het allemaal overwaait. We kunnen de keuze ook ontlopen uit defaitisme. Waar maken we ons druk om als Europa toch kansloos is zonder Amerika? 

Hoe je er ook naar kijkt: dat Europa het op enig moment zonder Amerika zal moeten doen, is een feit, waar verdringing niets aan afdoet.

Natuurlijk zouden we het vandaag moeilijk vinden om onmiddellijk de gaten te vullen die de terugtrekkende Amerikanen achterlaten: luchtverdediging, satellietbewaking, inlichtingen, de levering van granaten. Als die zaken wegvallen, is dat schadelijk voor de oorlog in Oekraïne en voor de verdediging van het NAVO-grondgebied. Vervanging door Europese en nationale defensieprogramma’s is niet eenvoudig.

Niettemin moet het mogelijk zijn samen met de Britten en Canadezen in een hoger tempo militaire capaciteiten te ontwikkelen dan nu. De welvaart, de industriële vaardigheden, de technische know-how – het is er allemaal. Maar voor een serieuze tempoversnelling is een breed gedragen gevoel van urgentie een voorwaarde.

Uiteindelijk is het enige wat ontbreekt de politieke vastberadenheid om het te doen. Die is op zijn beurt afhankelijk van dat breed gedeeld gevoel van urgentie, dat de maatschappelijke wil oproept om offers te brengen en risico’s te nemen.

Wat kunnen we dan doen? Een paar voorbeelden. We vinden het moeilijk terug te slaan tegen hybride aanvallen uit Rusland. Vooral niet provoceren is ons motto. We sturen af en toe verontwaardigd wat Russische diplomaten naar huis, verder niets. Poetins speldenprikken blijven gratis voor hem. Tenzij we eens terughacken, zodat de lichten in Moskou een nacht niet branden of er een dag chaos ontstaat op het vliegveld van Sint-Petersburg.

Of neem de Oekraïeners die de afgelopen maanden vanwege Russische aanvallen op de energievoorziening geleden hebben onder de moordende kou. Tot nu toe ontnemen we hen de kans zich ertegen te verdedigen: we durven, weer uit angst voor provocatie, niet de Taurus-raketten te leveren waar Oekraïne zo om verlegen zit. Maar we kunnen die raketten ook wél leveren.

We weten nu op papier wat we in Europa moeten doen. Nu is het nog een kwestie van daadwerkelijk de Europese sprong maken in een geopolitieke wereld.

Dit artikel is een bewerking van een toespraak die Ben Knapen hield bij het Zentrum für Niederlande-Studien van de Universiteit van Münster (Duitsland).

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Geopolitiek

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next