nieuwsbriefMachtige Tijden
Machtige Tijden Sinds een jaar of twintig is truthiness een realiteit: een politieke bewering hoeft niet te kloppen zolang ze lijkt te kloppen. Het is volledig ingeburgerd. Maar zie de oorlog in Iran, zie FVD: is er voldoende oog voor de uitwassen? Propaganda, repressie, democratisch verval: een kleine geschiedenis van truthiness.
Laatst zag ik zo’n oorlogscommercial van het Witte Huis. JUSTICE THE AMERICAN WAY: beelden uit Iran afgewisseld met fragmenten uit videogames en film. Internetcultuur die oorlogsrealiteit vermengt met eigendunk en bluf. Intussen vreest de wereld voor de gevolgen van de echte oorlogsrealiteit.
Op verkiezingsdag bekeek ik campagnevideo’s met Lidewij de Vos waarin zij FVD presenteert als doodnormale partij. Op 10 februari zegt ze dat „Forum voor Democratie op geen enkele wijze antidemocratisch gedachtengoed steunt”.
In het Historisch Nieuwsblad van 10 maart beschrijft historicus en fascismekenner Robin te Slaa dat het „geen toeval” is dat FVD bij de gemeenteraadsverkiezingen zes kandidaten op de lijsten had staan die betrokken waren bij extreemrechtse bewegingen. Te Slaa: „Thierry Baudet – de oprichter en werkelijke leider van Forum – flirt al jarenlang met denkbeelden van de nazi’s.”
Beide deden me denken aan de Amerikaanse presentator Stephen Colbert, die in het najaar van 2005 het begrip truthiness muntte. Een geniaal item van enkele minuten over het verschijnsel dat mensen, ook politici, steeds vaker alleen hun eigen werkelijkheid accepteren. „Feiten doen er totaal niet toe”, zei Colbert. „Perceptie is alles. Perceptie is zekerheid.”
In de kersteditie van The New York Times werd truthiness dat jaar geprezen omdat het de tijdgeest volmaakt typeerde. Colbert: „We praten niet meer over waarheid. We praten over iets dat waar lijkt – de waarheid die we wensen.”
Twintig jaar later is dit de normaalste zaak van de wereld. In de politiek, de maatschappij, op sociale media: bijna iedereen wil nu zelf zijn werkelijkheid kneden.
En zie de gevolgen. Politiek is voor altijd veranderd. Op hun eigen media hanteren politici vooral propaganda: versimpeling, overdrijving, zelffelicitatie. Donald Trump beweerde op 14 maart dat „de VS Iran hebben verslagen en volledig gedecimeerd, militair, economisch en op elke andere manier”. Toen groeide allang het besef dat zijn haperende oorlog de wereldeconomie ernstig kan schaden.
Of neem de gezwollen toespraak waarmee toenmalig FVD-voorman Baudet in 2019 zijn monsterzege bij de Statenverkiezingen vierde. Hij stond, zei hij, tussen „de brokstukken van wat ooit de mooiste beschaving” was. De jaren daarna viel de ‘beschaving’ die hij zelf leidde, zijn partij, vijf keer in steeds nieuwe brokstukken uit elkaar. Doodnormaal.
Truthiness begon voor Colbert in oorlogstijd. President George W. Bush die mei 2003, staande voor een vliegdekschip met daarop de leus ‘Missie volbracht’, het succes van de inval in Irak bejubelde. De gevechten zouden tot na zijn vertrek in januari 2009 voortduren. Duizenden doden.
Elke zaterdag ontleedt Tom-Jan Meeus in zijn nieuwsbrief de politieke week - en laat zien wat bijna niemand ziet
In Nederland liet Geert Wilders, na zijn afsplitsing van de VVD in 2004, al vroeg een sterk staaltje truthiness zien. Hij registreerde de Partij voor de Vrijheid officieel en suggereerde dat het een normale partij was. Zo werd ze ook behandeld. Het was alleen niet waar: als enig lid had Wilders, de alleenheerser, een lege huls opgericht.
Ook Wilders excelleert in propaganda. Hij vergelijkt de koran in 2007 met Mein Kampf, de profeet Mohamed met Hitler en noemt de islam een gewelddadige politieke ideologie. Hij eist „een asielstop” en „grenzen dicht”, meteen. Politici keren zich tegen zijn radicalisering. Oppositieleider Mark Rutte (VVD) noemt hem in 2008 „een politieke pyromaan”. Maar hij en anderen vrezen dat debatten hierover de PVV-voorman bevoordelen.
Achteraf een cruciale episode in de democratie: het geloof in het debat taant. In de VVD rijpt de overtuiging dat Wilders negeren verstandiger is. Andere partijen gaan erin mee. Een keuze van beperkte effectiviteit. Wilders wordt nog zelden tegengesproken. En door zijn verdere radicalisering – „minder Marokkanen”, 2014 – dwingt hij alsnog debatten af die de Kamer liever ontloopt.
In 2011 publiceert de Israëlisch-Amerikaanse psycholoog Daniel Kahneman Thinking fast and slow. Het boek zet uiteen dat mensen hun keuzes snel en impulsief maken, terwijl weloverwogen beslissingen vaak beter uitpakken. Het wordt de grondslag van veel westerse verkiezingscampagnes: politici willen kiezers winnen door hun onderbuik te raken. Gevoelens zijn de nieuwe feiten.
Trump appelleert in 2016 aan de weerzin van Amerikanen tegen illegale migratie. Hij belooft een muur aan de Mexicaanse grens waarvoor, bluft hij, Mexico zal betalen. Als president begint hij aan de bouw, al ontbreekt bewijs dat Mexico er een penny aan bijdraagt.
Baudet heeft zijn eigen methode. Hij veroorzaakt tweemaal in korte tijd ophef door een verdragstekst te verdraaien. In 2018 beweert hij dat een VN-migratieverdrag – het Marrakesh-pact – Nederland kan dwingen migranten extra rechten toe te kennen. Het kabinet weerspreekt het, hij eist een debat. Twee jaar na de ophef blijkt: het kabinet had gelijk.
In 2015 leest hij in het concept-associatieverdrag met Oekraïne dat de EU aanstuurt op EU-lidmaatschap voor dit land. Het staat er niet. Maar de ophef is voortreffelijke reclame voor het referendum (‘Red de democratie’) dat hij met initiator het Burgercomité EU en GeenStijl op poten zet.
In de referendumcampagne in 2016 speelt een bijzonder geval van truthiness: Baudet onderhoudt contact met een man die hij binnen FVD – dan nog een denktank en geen politieke partij – typeert als „een Rus die werkt voor Poetin”, onthult Zembla later. De Russen hebben iets met hem: als Baudet in 2017 FVD-Kamerlid wil worden, blijkt Poetins propagandazender RT bereid Baudet te betalen voor een interview.
Trump zet truthiness in 2020 in tegen de democratie zelf. Hij verliest de verkiezingen van Joe Biden en doet alsof hij gewonnen heeft. Hij spreekt begin 2021 activisten toe die daarna het Capitool gewelddadig bestormen. Na zijn herverkiezing in 2024 zakt de democratie terug naar het niveau van 1965, constateert het Zweedse V-Dem Institute op basis van data-onderzoek.
Als de scepsis van professionele media over de oorlog in Iran groeit, houden Trump en zijn minister van Oorlog Pete Hegseth vast aan hun oorlogswerkelijkheid (‘warality’) van duizelingwekkende successen. Ze varen uit naar media die hun verhaallijn niet volgen. Hegseth, ex-Fox News, zegt te hopen dat CNN snel een Trumpvriendelijke eigenaar krijgt. Een federale toezichthouder dreigt televisiekanalen met intrekking van uitzendvergunningen. Trump is enthousiast.
Binnen FVD houdt de speculatie over Baudets innige relatie met de Poetinvriendelijke Britse conservatief John Laughland nooit op. De „partij-ideoloog” van FVD, aldus Baudet. In Rechtsomkeert (2024) beschrijft oud-FVD-europarlementariër Derk-Jan Eppink ervaringen met de Brit als medewerker van de Europese FVD-fractie. „Die vent werkt voor de Russen”, waarschuwt toenmalig partijkopstuk Henk Otten hem.
Laughland staat veelvuldig het Russische propagandakanaal RT te woord en verdedigt het Kremlin altijd. Hij spreekt volgens Eppink zelfs tegen dat de Russische staat oppositiepoliticus Aleksej Navalny heeft vergiftigd. Onder Lidewij de Vos blijft Laughland FVD-kopstuk: hij is directeur van FVD International.
Historicus Te Slaa, coauteur van standaardwerken over de NSB, onderbouwt in genoemd Historisch Nieuwsblad-artikel de fascistoïde trekken van FVD.
Hij noemt het „biologisch ‘gefundeerde’ racisme waarin het Arische ras als superieur geldt”. Het „waanbeeld dat er een Joods complot bestaat om de wereld te overheersen”. De „overtuiging dat de ‘boreale wereld’ zich in een existentiële crisis bevindt”. En, het gevaarlijkste, „het geloof in geweld als middel om de beoogde politieke omwenteling te realiseren”.
Een direct verband is onbewezen, maar in de campagne van 2025 slaat een asielprotest op het Malieveld om in een geweldsorgie tegen de politie en een aanval op het D66-kantoor. Het aantal extreemrechtse Defend-groepen tegen asielzoekerscentra groeit sindsdien als kool, aldus Pointer.
En wat de campagne voor gemeenteraden ongemakkelijk maakte: dat FVD al zijn truthiness op de eigen media kon uitventen zonder dat er veel tegenin werd gebracht.
Nogal wat partijen en media vinden, mede op basis van wetenschappelijk onderzoek, dat het onverstandig is FVD aandacht te geven. Niet onbegrijpelijk. Alleen is politiek geen wetenschap. Want vergeet niet dat dit de echo is van de keuze die landelijke partijen al in 2008 inzake de PVV maakten. Aanvullend is nu het argument dat men FVD niet moet ‘normaliseren’. Het is helaas te laat, kijk naar Velsen: FVD, acht zetels – volmaakt genormaliseerd.
Bovendien: wie het debat in de democratie ontloopt, geeft ook zelf uiting aan een verminderd geloof in die democratie. Flirts met fascisme, Ruslandvriendelijkheid en een lage democratische moraal (De Vos die wil dat gemeenten weigeren de Spreidingswet uit te voeren) horen in een gezonde democratie weersproken te worden. Anders organiseert de politiek zelf de nederlaag die zij beoogt te voorkomen.
De bedenker van truthiness heeft betere tijden gekend. Stephen Colbert kreeg vorig jaar van werkgever CBS te horen dat zijn late night show na dit seizoen stopt. Dalende kijkcijfers, lagere advertentie-inkomsten. Ook speelde volgens kenners angst voor het Witte Huis mee. Grappen doen vooral pijn als ze kloppen. En 21 jaar nadat Colbert het begrip muntte, is truthiness in Trumps Amerika de norm geworden.
Bij FVD ook. Vorige maand stelde De Vos een lange reeks Kamervragen over een – rammelend – Republikeins rapport inzake vermeende online censuur in de EU. Over de censuur in de VS zelf geen woord.
Opmerkingen, aanmerkingen, observaties, tips? Elke reactie is van harte welkom. Mail me – t.meeus@nrc.nl – of stuur een persoonlijk bericht op mijn LinkedIn.