Home

Hoe het witte gezicht van de renaissance nog steeds het schoonheidsideaal is – en hoe dat anders kan

Schoonheid in de kunst In de 15de eeuw kwam iets nieuws op: cosmetica. Met loodwit en arseen bleekten mensen hun huid. Vijfhonderd jaar later bestaan die dwingende schoonheidsnormen nog steeds en zeggen kunstenaars: hier moeten we uit losbreken. Het Bozar in Brussel wijdt twee tentoonstellingen aan het fenomeen geïdealiseerde schoonheid.

School van Fontainebleau: vermoedelijk portret van Gabrielle d’Estrées en haar zus, de hertogin van Villars. (Eind 16de eeuw, olieverf op doek, 63,5 × 84 cm.) Collectie van de Société archéologique de Montpellier.

Tentoonstelling

Bellezza e Bruttezza. Het ideale, het reële en het karikaturale in de renaissance. T/m 14 juni in Bozar, Brussel. Info: www.bozar.be

Picture Perfect. Beauty through a contemporary lens. T/m 16 augustus in Bozar, Brussel. www.bozar.be

Alsof ze van klassiek marmer gemaakt zijn, zo wit zijn de twee dames die ons glimlachend aankijken vanuit hun dubbelportret. Het schilderij hangt halverwege Bellezza e Bruttezza, een ingenieuze tentoonstelling over hoe in de 15de en 16de eeuw, tijdens de renaissance, over schoonheid en lelijkheid werd gedacht. Het is duidelijk dat deze twee zussen tot de categorie schoonheid gerekend werden. Vermoedelijk zijn het Gabrielle d’Estrées en haar zus, de hertogin van Villars, geportretteerd door een schilder van de school van Fontainebleau. Natuurlijk waren ze wit, ze waren van adel en de schilder laat ze afsteken bij de meer zongebruinde min achter hen want ja, die kwam wel buiten. Ook in alle andere opzichten voldoen de zussen aan het spichtige schoonheidsideaal van toen: roodblond haar, smalle neus en wenkbrauwen, rode blosjes. Ze waren vast blij met het flatteuze portret.

Maar, zagen ze er echt zo uit? Het schilderij hangt in een zaal met als subthema ‘zich mooi maken’, tussen spiegels en parfumflesjes. In de 15de eeuw ontstonden overal in Europa complexe stedelijke samenlevingen met verfijnde hofculturen, waar schoonheidsmiddelen een rol gingen spelen. Humanist en pauselijk diplomaat Baldassare Castiglione beschrijft begin 16de eeuw in Het boek van de hoveling het belang van kleding, juwelen, kunst, goede smaak en conversaties, en vooral het uiterlijk.

Recepten werden bedacht met ingrediënten als loodwit, vooral vrouwen smeerden dat op hun huid en tanden. Ze gingen diëten, hun lippen kleuren, haren blonderen. Wit gold als schoon door een christelijke oorsprong; het witte gezicht verwees naar de puurheid van voor de zondeval. Die bijtend giftige gezichtspoeders met kwiksublimaat en arsenicum zullen nooit zo hebben uitgepakt als op dit schilderij, maar schilders kenden de gehoopte effecten en benadrukten die. We weten daardoor echt niet hoe mensen eruitzagen onder die schadelijke kunstgrepen. Schilderkunst was wat het beautyfilter nu is, een manier om de werkelijkheid te verdraaien.

Buiten de hoven was schoonheid niet iets waar iedereen zich druk om hoefde te maken. Ook in de kunst betrof het idealiseren van het uiterlijk eerst alleen de buitencategorie, Venus en Maria. Hoe hun schoonheid eruit moest zien, keken renaissancekunstenaars af van de klassieke oudheid en daar begint de tentoonstelling in Brussel dan ook mee: Romeinse beelden van Venus en de drie Gratiën. Daarin zagen Renaissancekunstenaars mathematische verhoudingen, de gulden snede. Dat werd de schoonheidsnorm. Kunstenaars schonken die verhoudingen aan hun Venussen of Maria’s, die nu eenmaal verheven waren en dus visueel perfect. Maar zulke verhevenheid betrof niet de gewone mensen. Die mochten gewoon normaal zijn, zo had God ze geschapen.

En dus zie je in de expositie tussen die klassieke idealiseringen ook rimpels en onderkinnen. Eind 16de eeuw portretteerde Ludovico Carracci een oudere weduwe; haar doorleefde gezicht heeft meer complexiteit en psychologische diepte dan menig gladde Venus. Anti-klassiek was dit niet, ook de Romeinen hadden mensen met rimpels en pukkels en al geportretteerd. Bovendien zagen Carracci’s tijdgenoten in natuurgetrouwe kunst iets religieus: daarmee eer je de schepping. Wratten of butsen – als God het heeft geschapen is het perfect, en God ga je niet lopen verbeteren. Dat leverde vooral in het protestantse noordelijke Europa natuurgetrouwe portretten op, maar ook daarbuiten – Carracci was een Italiaan. En dat tekent deze tentoonstelling: om elke hoek duikt wel weer een andere opvatting op over kunst, schoonheid en uiterlijk.

Tiziano Vecellio, bekend als Titiaan, en atelier, Portret van Giulia Gonzaga, ca. 1534.

Tiziano Vecellio, Vrouw met appel, ca. 1550-1555

Bijvoorbeeld door Plato. Renaissancistische denkers pakten graag de Griekse filosofie op en volgens Plato lagen in zijn ideeënwereld – kort samengevat – schoonheid en goedheid in elkaars verlengde. Dat namen 15de- en 16de-eeuwers best serieus. Castiglione zei het zelfs zo: „De meeste lelijke mensen zijn dus ook slecht, de schone goed; we kunnen zeggen dat schoonheid het aangename, blije, innemende, begerenswaardige gelaat van het goede is, en dat lelijkheid het duistere, sombere, onaangename droevige gelaat van het kwaad is.”

Geen wonder dat mensen naar schoonheidsmiddelen grepen, niemand is graag het droevige gelaat van het kwaad. Men bedacht de term ‘cosmetica’ omdat het menselijk lichaam gold als een microkosmos die aan de macrokosmos van de natuur beantwoordde – met ‘cosmetica’ herstelde je de kosmische harmonie, door oneffenheden te verbloemen.

Maar, daarmee tastte je ook Gods werk aan. Bovendien deed je je daarmee adellijker voor dan je was, wat ook al verwerpelijk was: de adel was superieur en dat had je niet met make-up na te bootsen. De oplossing: stiekem. Waarschijnlijk smeerden de zussen vooral ’s nachts loodwit op hun gezicht.

Best ingewikkeld allemaal, ook voor kunstenaars. Want, als schoonheid simpelweg een rekensommetje is, waarom pakte dat dan in elke stad en tijd anders uit? Waarom zijn de Venetiaanse portretten in de tentoonstelling zo dromerig (Titiaan) en die uit Florence veel koeler? Mag het ook sexy of is dat zondig – jawel, mag, stelde neo-platonistisch filosoof Ficino in De amore (1469). Hij schreef dat het zinnelijk bewonderen van lichamelijke schoonheid kon leiden tot bewondering voor een sacrale schoonheid, waardoor je tóch richting God werd geleid. Hoe dat uitpakte is in de tentoonstelling te zien aan een vrouwportret dat rond 1490 waarschijnlijk gemaakt is door Botticelli, volgeling van Ficino, die deze vrouw neerzette als een soort spirituele Venus.

Maar wat als je model niet zo mooi is? Wat als je de portretschilder bent van Karel V? Door alle inteelt in de Europese koningshoven was er iets wat eufemistisch een ‘Habsburgse kin’ werd genoemd, een genetische misvorming waardoor de kin ver uitstak en de mond scheef open bleef hangen. In elk geval de mond dicht, besloot een anonieme maker van een portret (circa 1525-30) dat best realistisch overkomt. Een baardje maskeerde de kin enigszins, maar Karels blik is te oenig om geïdealiseerd te kunnen zijn.

Lucas Cranach de Oude, Ongelijk paar (De oude dwaas), ca. 1530.

Lucas Cranach de Oude, Ongelijk liefdespaar (Jonge man en oude vrouw), ca. 1520-1522

Geselaars, boeven en duivels werden dus met verwrongen koppen verbeeld. Wreedheid betekende lelijkheid, zoals de karikaturale soldaten die Christus pijnigen. Toch kon je in theorie lelijk zijn zonder nare persoonlijkheid, zo waren de herders bij de geboorte van Christus lelijk omdat ze van lage komaf waren, oftewel: rustiek lelijk. Kunstkopers, van hogere komaf, waren er dol op. In Noord-Europa werd het duo-portret populair: waar een oude persoon het hof wordt gemaakt door een jonge mooie oplichter die in diens geldbuidel greep. Griens schildering Gehuurde liefde uit 1527 toont zo’n stel, Cranach schilderde meermaals zulke koppels. Deze kunst was moraliserend bedoeld maar vond zo gretig aftrek, dat enige leedvermaak of zinneprikkeling zal hebben meegespeeld.

Lichamelijke schoonheid vandaag de dag

De tentoonstelling beweegt zich zodoende tussen twee polen: het goddelijke ideaal uit de Grieks-Romeinse oudheid en het groteske bij Leonardo en Cranach. Het Bozar trekt dat naar het heden met Picture Perfect, een paralleltentoonstelling van film en fotografie over hoe lichamelijke schoonheid vandaag de dag wordt beleefd. Waar in de 16de eeuw schilderkunst de normen bevestigde, doet nu de lens dat. En die is duizenden keren meer aanwezig dan de hofschilders van toen. En al geldt ‘niet mooi’ niet langer als slecht, het is nog steeds niet best.

Dit keer bestaat de afdeling grotesk uit een film van een zwaar opgemaakte Pipilotti Rist die haar gezicht flink tegen een glazen scherm drukt, alles uitsmeert, zo de dwang van de schoonheidsindustrie aankaartend: kijk dan wat ze ons een geweld aandoen. Andere exposanten kaarten aan hoe die dwang wordt versterkt doordat die industrie schoonheid aan gezondheid koppelt. Schoonheidssalons zien eruit als tandartspraktijken (fotoserie Cara Phillips) en crèmes liggen in de etalages van apotheken (foto’s door Philippe Durand) alsof het medicijnen zijn.

Open My Glade (Flatten), 2000, video-installatie Pipilotti Rist

De basis zijn toch nog wiskundige principes als uit de 16de eeuw. Daarover gaat de media-installatie van Sarah Amrani. Zij maakte een video op basis van een bestaande internettool, ‘Anaface’. Dit scant je gezicht en meldt dan in hoeverre je slaagt, voor hoeveel procent je voldoet. In de video blijkt een best standaard mooi uitziende jonge vrouw slechts 61 van de 100 procent te scoren. De oplossing voor de overige 39 procent betekent cosmetische ingrepen, op een tweede video te zien.

In dit steriele wereldbeeld rollen geometrische voorschriften uit de computer, zonder van stad tot stad te verschillen zoals in de 16de eeuw. In onze global village zijn geografische grenzen verdwenen: dat ene schoonheidsideaal, dat Anaface vanuit westerse ideeën meet, bestaat wereldwijd. Dat is net zo koloniaal als onverbiddelijk, wat Zed Nelson in kaart bracht met foto’s van mensen die overal dezelfde ingrepen ondergaan; nosejobs in Iran en China, liposuctie of borstontharing in de VS – één universele schoonheidsstandaard. Dat maakt de schoonheidsindustrie machtig en rijk, en ons allemaal arm en onzeker.

En die normen zitten ook in ons, wij nemen elkaar de maat. Daar moeten we ons van verlossen, is de boodschap van veel bijdragen aan Picture Perfect. Zoals de heerlijk humoristische zelfportretten van Haley Morris-Cafiero, die reageerde op de bak online haat die ze kreeg na een performance. Eerst schreef ze terug, maar die comments werden verwijderd. Dan wordt het beeld, besloot ze. Ze zocht de profielfoto’s op van de online haters, vermomde zich als zodanig, en fotografeerde zichzelf met hun haatberichten erbij. „You’re fat and gross”, citeert ze een van hen op de foto waarin ze poseert met een nep six-pack-torso. Het is karikaturaal als een 16de-eeuwse grotesquerie, maar nu met zelfbeschikking en als triomf: ze publiceerde de serie in The New York Times. Niet meer te deleten.

Uit de serie ‘Love Me’

Vijf eeuwen witkalken, diëten of liposuctie, het is nooit genoeg, en dus zetten de exposanten om emancipatoire redenen meer soorten schoonheid neer, zwart, queer, non-binair, zwaarlijvig, gerimpeld of behaard. Verbreed je blik, is de boodschap. De laatste zalen van Bellezza e Bruttezza tonen wat dat betreft iets interessants. Eind 16de eeuw verdween de koppeling van schoonheid met goed en kwaad en werden de schoonheidsnormen ietsjes losser. Een rekensom is niet alles, vonden schilders, en ze begonnen te kiezen voor sprezzatura – een soort beweeglijkheid of gratie, meer dan geometrie, en dat opende een swingend pad richting de barok.

Daaraan, in de verte, doet in Picture Perfect de fotoserie denken die Chantal Regnault rond 1990 in Harlem, New York maakte. Ze legde er de ballroomcultuur vast waarin de zwarte lhbti-cultuur met zwierige zelfexpressie losbrak uit de hetero-normativiteit. Net als sprezzatura vier eeuwen eerder was dit een swingende uitweg van gratie en elegantie, hopelijk naar een wereld waarin schoonheid veel vormen en nul normen kent.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next