Bondscoach Rintje Ritsma vindt het onacceptabel dat Marcel Bosker dinsdag het schaatsstadion verliet tussen de halve finale en finale van de olympische ploegenachtervolging. Bosker werd niet opgesteld en ging teleurgesteld naar het olympisch dorp.
Bosker kwam pas ná de strijd om het brons weer aan in het Milano Speed Skating Stadium. Hij heeft niet in de ijshal gezien dat Chris Huizinga, Jorrit Bergsma en Stijn van de Bunt negen honderdsten langzamer waren dan China en zo net naast een podiumplek grepen.
Bosker, die zondag nog wel de kwartfinale schaatste, zei in de mixed zone dat hij op de terugweg van het olympisch dorp in de file had gestaan met de bus. "Ik was snel heen en weer gegaan om me op te frissen, want ik dacht dat we het podium op moesten. Maar dat mocht niet zo zijn."
Een uurtje later liet Ritsma duidelijk merken dat Bosker bij zijn ploeggenoten had moeten blijven. "Ik heb Marcel na de halve finale gebeld, want hij moest hier zijn", vertelde de bondscoach. "En ik wist niet waar hij was. Opfrissen in het olympisch dorp? Dat weet ik niet. Ik had graag gehad dat hij hier gebleven was. Stel dat er iets gebeurt was met een rijder. Dan hadden we geen team gehad."
"We hebben aan de voorkant een afspraak gemaakt dat we als team met z'n vieren dit traject zouden ingaan", vervolgde Ritsma. "Als je niet opgesteld wordt, mag je teleurgesteld zijn. Maar we moeten elkaar altijd blijven ondersteunen. Dat stukje respect mag je wel naar de andere sporters tonen."
Bosker zei dat hij het "heel jammer" vond dat hij gepasseerd was voor de finaledag. "Ik had voor mijn gevoel goede benen en het verschil kunnen maken vandaag. Ik begreep de keuze ergens wel, maar voor mezelf is het jammer."
Ritsma begreep de emoties bij Bosker. "Maar dit had niet mogen gebeuren. Het past niet in het voortraject dat we gehad hebben", stelde de bondscoach. "Dat is echt heel soepel en mooi verlopen. Het was mooi om te zien hoe die jongens voor elkaar door het vuur gingen. Dan is het jammer dat we op het laatste moment niet meer compleet waren met z'n vieren."
Technisch directeur Remy de Wit van schaatsbond KNSB wilde niet reageren in de olympische schaatshal. Hij gaf samen met zijn twee collega's van de selectiecommissie een aanwijspek aan Bosker, specifiek voor de ploegenachtervolging.
De schaatsers wezen na hun race juist naar De Wit. "Als je kritische vragen wil stellen, moet je misschien bij de technisch directeur zijn", zei Huizinga. "Dit is een beladen onderdeel. Zeker voor de buitenwereld, maar ook voor ons."
"Ik heb twee jaar lang alle wereldbekers en de WK op de ploegenachtervolging gereden. En elke keer komt dezelfde kritiek. Maar wij als rijders proberen alleen maar met de kop vooruit zo hard mogelijk te schaatsen. Wat de bondscoach en de selectiecommissie besluiten, is niet aan ons."
Huizinga reed de laatste twee jaar de teampursuit meestal met Bosker en Beau Snellink. Snellink plaatste zich niet voor de Spelen, waardoor Van de Bunt en Bergsma in de selectie kwamen. Dat paste naadloos in de puzzel die Ritsma deze olympische cyclus steeds moest leggen. Hij stelde in vier jaar tijd in totaal dertien verschillende trio's op.
Het dertiende trio - Huizinga, Bergsma en Van de Bunt - vond dat ze er dinsdag alles aan gedaan hadden om een medaille te pakken. "We hebben er echt voor gevochten", zei Bergsma. "Stijn, die hier zijn debuut maakte op de teampursuit, heeft het ook heel goed gedaan. Alleen was het net niet genoeg voor brons."
Lees alles over de Olympische Spelen van Milaan op onze dossierpagina
Source: Nu.nl algemeen