Home

Waarom een heruitvoering van de musical ‘Foxtrot’ wél een goed idee is

Zondag gaat in DeLaMar in Amsterdam ‘Foxtrot’ in première, de musical van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink uit 1977. Volkskrant-redacteur Wilma de Rek, groot fan van het origineel, had hier zo haar bedenkingen bij. Ze volgde het maakproces en concludeert: nog net zo mooi als vroeger.

is cultuurverslaggever bij de Volkskrant.

Het is altijd een beetje flauw om stukken met een disclaimer te beginnen maar hier komt er toch eentje: ik ben een grote fan van het onderwerp van dit verhaal, te weten de musical Foxtrot uit 1977, geschreven door Annie M.G. Schmidt (1911-1995) en Harry Bannink (1929-1999).

Ook ben ik al zo oud dat ik eind jaren zeventig de allereerste versie heb gezien, samen met mijn middelbareschoolvriendje, in theater De Agnietenhof in Tiel. We waren 14 en hadden nog nooit zoiets geweldigs meegemaakt. De weken erna zette het vriendje zich aan het schrijven van een eigen musical en bereidde ik me vast voor op de hoofdrol die ik daarin zou gaan vertolken door urenlang voor de spiegel de Foxtrot-elpee mee te zingen, met een haarborstel als microfoon.

Dus toen ik las dat Foxtrot in januari 2026 terug zou komen in de theaters, was ik eerst blij en daarna vooral bezorgd. Want in mijn herinnering was alles aan Foxtrot goed: de cast (Willem Nijholt, Gerrie van der Klei, Trudy Labij), de regie en choreografie (door de Canadees Paddy Stone) en vooral de liedjes, waarin tekst en muziek zo organisch versmolten waren dat het leek of ze door één ziel waren gemaakt. Mooiere liedjes dan Over tijd, Sorry dat ik besta en De laatste dans heeft de Nederlandse musical niet voortgebracht.

Van sommige dingen moet je afblijven, dacht ik dus bij mezelf. In 2001 had Paul de Leeuw ook al een poging gedaan Foxtrot nieuw leven in te blazen, met hemzelf in de rol die ik van Willem Nijholt kende; uit zelfbescherming was ik er maar niet naartoe gegaan.

Alleen maar actueler

Maar nu zag ik in promotiefilmpjes opeens foto’s van de goeie ouwe versie uit 1977 opduiken, met Willem Nijholt en Gerrie van der Klei erop. Dat getuigde in elk geval van historisch besef. Ook geruststellend was de mededeling dat Van der Klei op haar 80ste gewoon weer meedoet. En sommige teksten leken trouwens alleen maar een actuelere lading te hebben gekregen:

Maar tactvol wezen
en aardig zijn
voor die gevaarlijke gek
dat krankzinnige brein
daarginds in Berlijn

Als hij volkeren uit wil roeien:
tactvol zijn, niet mee bemoeien
Heel Europa naar de hel
vriendelijk zeggen: dankuwel
(Uit: Niks aan de hand)

Foxtrot is geschreven in de jaren zeventig, maar het verhaal speelt zich af in 1936. Hitler stampt op zijn grote laarzen door Duitsland, in Spanje begint de burgeroorlog, Nederland zucht onder de economische depressie en zoekt afleiding in de glitter en glim van ‘de revue’. In een Amsterdams pension arriveert een bebrild plattelandsmeisje, Josien. Ze is verloofd met een jongen uit haar dorp maar wordt verliefd op de flamboyante, homoseksuele revueartiest Jules en raakt zwanger.

Via die jaren dertig sneed Schmidt allerlei thema’s aan die in de jaren zeventig hoog op de maatschappelijke agenda stonden: abortus, homoseksualiteit, de atoombom.

Theezeefje

Minder bekend was hoe autobiografisch het verhaal is: ook Annie Schmidt raakte in de jaren dertig ongewenst zwanger, was verliefd op een homoseksuele man en verloofde zich uit angst om ‘over te schieten’ met de doodsaaie, christelijke vertegenwoordiger in kachels die haar moeder via een contactadvertentie voor haar had opgeduikeld, en die haar met Sinterklaas een opvouwbare paraplu en een theezeefje gaf.

De musical was een groot succes. Foxtrot overtreft alles wat het duo Bannink-Schmidt tot nu toe heeft gemaakt’, jubelde Het Vrije Volk na de première op 21 oktober 1977. In totaal werden 398 voorstellingen gespeeld.

Maar dat was toen, en nu is nu. Een musical uit de jaren zeventig van de 20ste eeuw over de jaren dertig van de 20ste eeuw, uitgevoerd in de jaren twintig van de 21ste eeuw: gaat dat wel werken?

Beheerders van Schmidts oeuvre

Op zoek naar een antwoord ga ik eind november naar de Amsterdamse Van Eeghenstraat, waar Schmidts zoon Flip (73) en kleinzoon Jonathan van Duijn (37) haar literaire erfenis bewaken. Hun bedrijf heet Wombat, Flip van Duijn richtte het op in 1992. De naam bedacht hij zelf: ‘Een wombat is een buideldier en de centjes komen in het buideltje. Annie vond het een leuke vondst.’ Jonathan van Duijn, die 7 was toen zijn oma overleed, kwam twee jaar geleden in het bedrijf.

Iedereen die iets met een tekst van Annie M.G. Schmidt wil doen, moet langs Wombat, en dat zijn veel mensen. In oktober werd in De Nieuwe Kerk in Amsterdam Schmidts schrijverssteen onthuld, er is een nieuwe uitgave van Prelientje, de verhalen die ze ooit maakte voor waspoedermerk Pre, en de komende jaren komen er verfilmingen van Floddertje en Otje.

Maar eerst gaat zondag Foxtrot in première. Het belangrijkste onderdeel waarover Flip en Jonathan van Duijn zich moesten buigen nadat ze MediaLane toestemming hadden gegeven, was het script, bewerkt door Dick van den Heuvel en regisseur Joep Onderdelinden.

Nederlandse musicaltraditie

In eerste instantie zou de Paul de Leeuw-versie uit 2001 worden gebruikt, maar daar waren de erven Bannink en Schmidt niet blij mee. Uit het archief van Bannink werd vervolgens het script uit 1977 opgediept — Schmidt hield zelf nooit een archief bij, die was daar veel te slordig voor, zegt haar zoon. Jonathan van Duijn legt het eerbiedig op tafel: ‘Alleen kijken hoor, niet meenemen, we hebben maar twee exemplaren.’

Flip van Duijn kent een hoop zinnen uit die versie nog uit zijn hoofd, want in 1977 was hij acteur en maakte hij deel uit van de cast. ‘Ik had de rol van Tijs, de verloofde van Josien. Tijs is een jongen uit Klaaswaal, een dorp in de buurt van Oud-Beijerland. Hij gaat een paar keer in Amsterdam op bezoek bij zijn verloofde, maar zij heeft helemaal geen oog meer voor hem, want ze is verliefd op Jules.’

Een sneue rol, beaamt hij: ‘Maar ik was er ontzettend blij mee, want ik kon dat hele maakproces meemaken, en dat was bijzonder. Regisseur Paddy Stone moest in zes weken tijd een grote show in elkaar draaien, met tien dansmeiden, een orkest en zes principles, dus acteurs-zangers. Ze werden niet gesubsidieerd, het moest allemaal in korte tijd worden ingestudeerd. Die man stond onder hoge spanning.’

Foxtrot was de vierde musical van het duo Schmidt en Bannink, na Heerlijk duurt het langst (1965), En nu naar bed (1971) en Wat een planeet (1973). Heerlijk duurt het langst was niet alleen de eerste Schmidt-Bannink-productie, maar ook de allereerste oorspronkelijk Nederlandstalige musical ooit.

In haar biografie beschrijft Annejet van der Zijl hoe Annie M.G. Schmidt op een koude dag aan het einde van 1963 was opgebeld door impresario en theaterproducent John de Crane. Hij was van plan de Franse musical La plume de ma tante voor Nederland te gaan produceren en vroeg Schmidt of ze die musical wilde vertalen. Schmidt antwoordde vinnig: ‘Zolang ik zelf leuke ideeën heb, vertaal ik niet. Dág meneer Kramer!’

Een dag later stond De Crane bij haar op de stoep, schrijft Van der Zijl, en ‘werd in Annies huiskamer de basis gelegd voor wat niet alleen het begin van haar nieuwe carrière zou worden, maar het startpunt van een volwassen Nederlandse musicaltraditie’.

Nog nooit een musical gezien

Wat een musical precies was, wist Schmidt overigens niet; ze had er nog nooit een gezien. Ze dacht dat het ‘een soort toneelstuk was waar muziek in voorkwam’. En zo zíjn haar musicals dus ook, zegt Flip van Duijn: ‘Veel teksten, veel scènes, veel te lang vooral, ook toen al: in de try-outfase van Foxtrot zijn er nog hele nummers uitgesmeten.

‘Paddy Stone lag tijdens de try-outs op een stretcher in mijn kleedkamer via de monitor naar de reacties van het publiek te luisteren. Omdat ik zo’n kleine rol had, was ik veel in die kleedkamer. En dan hoorde ik hem grommen: ‘Grrrwlll, I don’t like it. I don’t like it.’ En hup, daar ging weer een zorgvuldig geschreven, gecomponeerd en ingestudeerd lied. Paddy hield het ritme van de show goed in de gaten.

‘Het grootste slachtoffer was De baron van Genemuiden, een revuenummer voor Gerrie en Willem. Toen Annie begon met schrijven had producent John de Crane gevraagd of ze er ook poolvossen in kon verwerken, want daar had hij toevallig een partijtje van op de kop getikt. De baron van Genemuiden gaat over een baron die heel veel geld heeft maar steeds méér wil, en die danseressen dragen voortdurend dingen het podium op, waaronder dus die poolvossen. Een gigantisch shownummer. Gesneuveld.’

Voor de versie van 2026 nam Jonathan van Duijn de taak op zich ‘het script te bewaken’. Want dat was nodig, zegt hij. ‘Tussen 1977 en nu is de musical in Nederland enorm ontwikkeld, er zijn allerlei nieuwe theatertechnieken maar ook andere opvattingen over hoe een show in elkaar zit. In de nieuwe versie wilden ze minder tekst en meer show, er moest dus veel uit. Flip en ik zijn begonnen met allebei de oude versie lezen. Daarna hebben we, los van elkaar, een samenvatting gemaakt van het verhaal. Eén A4’tje waarin we probeerden te zeggen: waar gaat het nou over?’

Flip van Duijn: ‘Wat is het verhaal?’

Jonathan van Duijn: ‘En dat is dus supercomplex. Er zijn allerlei subplots en lijntjes, het zit meesterlijk in elkaar.’

Flip van Duijn: ‘Het verhaal van Annie is zo sterk, dat moet je niet kwijtraken. Omdat er dingen worden besproken zoals homoseksualiteit, abortus, zelfdoding, maar alles lícht. Zware kost licht verpakken, dat is de brille van Annie. Maar mijn moeder kon ook heel goed scènetjes schrijven. Toen ze aan Foxtrot begon had ze de Familie Doorsnee al gemaakt, Pension Hommeles, Ja zuster nee zuster, theaterwerk, drie musicals. Die vrouw kon het. Het zat in haar vingers. Dus al die teksten kon je er niet zomaar uithalen.’

Jonathan van Duijn: ‘Met dat A4’tje gingen we naar MediaLane: dit moet er allemaal in blijven. Jullie willen geen toneelstuk maar een show, prima; maar wíj zijn er om te bewaken dat de essentie en de toon van het verhaal overeind blijven. Ik ben uren bezig geweest om de stijl van Annie erin te houden. In eerdere versies van MediaLane werden de zinnetjes waarin het verhaal werd verteld bij elkaar geveegd en samengevat. Maar Annie laat de acteurs constant op elkaar reageren. Een acteur zegt een halve zin, een ander maakt hem af, maar geeft er intussen een andere draai aan.’

Flip van Duijn: ‘Tik-tak, tik-tak. Dat gaat heel snel, in vlugge dialogen. Als je dat er allemaal uit gaat halen, dan ben je Annie kwijt. Dus daar heeft Jonathan enorm op zitten letten.’

Jonathan van Duijn: ‘Wat geen straf was. Het is zó sprankelend, zo levendig. En zo actueel ook. Dat nummer Niks aan de hand gaat over Nederland aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, toen minister-president Colijn tegen de mensen zei dat ze rustig konden gaan slapen omdat er niks zou gebeuren, want we ‘hadden toch de waterlinie en zijn kazemat’.’

Flip van Duijn (zingt): ‘En een leger op de fiets.’

Jonathan van Duijn: ‘Nu is er een oorlog gaande in Oekraïne en dat vinden we allemaal heel erg, maar we doen ook alsof er niks aan de hand is. Terwijl je er gewoon naartoe kunt rijden. Mensen willen de ongemakkelijke waarheid niet onder ogen komen, ze willen niet geloven dat de vrede waaraan we allemaal zo gewend zijn, daadwerkelijk onder spanning staat.

‘Of neem Sorry dat ik besta, over homoseksualiteit. We hebben zometeen dan wel een homoseksuele minister-president, maar drie weken geleden is een collega van een vriendin van mij nog in Amsterdam in elkaar getrapt omdat hij lippenstift droeg. We denken dat we progressief zijn, maar dat is niet waar, onderhuids sluimert er nog steeds vet veel homohaat. En in Amerika, waarmee we een medialandschap delen, is dat nog veel groter.’

Schaamte

Hoewel Flip van Duijn aan Foxtrot meedeed, kan hij zich geen inhoudelijke gesprekken met zijn moeder over de musical herinneren. ‘Ik weet dat ze kort daarvoor Cabaret had gezien in New York, met John de Crane en Harry Bannink, en daardoor werd ze enorm geïnspireerd; maar verder hadden we het er niet over. Annie praatte nooit over haar werk, ze keek ook nooit terug, sterker: dingen die gedaan waren, waren verzuurd, besmet bijna. Ze was altijd bezig met vooruitkijken, ze was een werkpaard dat leverde op bestelling. Maar ze was natuurlijk wel een geweldenaar, ik ben nog steeds heel erg onder de indruk als ik dat werk lees en herlees.’

Hoe ze het zou vinden dat Foxtrot opnieuw wordt uitgevoerd: Flip van Duijn heeft geen idee. ‘De eerste gedachte die bij me opkomt, is dat ze ineenkrimpt van ellende en schaamte. Mijn moeder schaamde zich altijd. Ze schaamde zich voor haar lichaam, ze schaamde zich voor sommige gedachten, ze schaamde zich voor haar werk, ze schaamde zich voor álles. ‘Hier ligt Annie haar geraamte, zij is gestorven van schaamte’, bedacht ze als grafschrift. Hebben we niet gedaan, hoor.’

Repeteren onder hoogspanning

Op 28 november vindt in een studio aan de Amsterdamse Laan van Spartaan de allereerste repetitie van Foxtrot plaats, of eigenlijk is het vooral een lezing, waarbij de hele tekst voor het eerst wordt opgezegd (en soms gezongen) door de mensen die straks op het podium staan. Er is een enorme Foxtrot-taart in art-decostijl en er zijn toespraken, onder anderen van Miel Gouda, hoofd theater van MediaLane, die de 18-koppige cast op het hart drukt het vooral ‘te zeggen als er iets is’. ‘Jullie gaan iets fantastisch moois maken maar er zijn beslist gemakkelijker manieren om je tijd te besteden, in het leven. Klaag niet met elkaar bij de koffiemachine, ga het gesprek aan.’

In vier weken en twee dagen moet Foxtrot worden ingestudeerd: dialogen, choreografie, muziek. Het is krap, zegt regisseur Joep Onderdelinden tijdens het eten van de taart, maar hij heeft nu een stuk of tien musicals geregisseerd en is het wel gewend: ‘Zo gaat dat in de niet-gesubsidieerde wereld, een repetitiedag kost alleen maar geld. Bij het gesubsidieerde toneel, wat ik ook heb gedaan, heb je soms wel acht weken en kun je dagen peinzend onderzoeken wat een acteur bij een bepaalde zin voelt. Dat kan hier helemaal niet.’

Zelf heeft hij de oorspronkelijke Foxtrot nooit gezien, al had het net gekund: Onderdelinden is van 1965. ‘Bij ons thuis gingen ze niet naar het theater. Maar in het gezin van een vriendin van mij wel, met haar en haar ouders heb ik de laatste musicals van Annie nog wel gezien, zoals Madam en Ping Ping.’

De liefde van twee mannen

Van Foxtrot kende hij wel de liedjes. ‘Zo’n nummer als Sorry dat ik besta, over hoe mensen kijken naar de liefde tussen mannen, vond ik altijd al prachtig. Ik ben als jonge homo bekogeld met tomaten, vrienden van mij stuurden brieven aan Willem Nijholt omdat ze zo blij waren met die tekst.’

De zoen die de twee mannen elkaar na dat lied geven, veroorzaakte in de jaren zeventig nog onrust. ‘Een homofiel spelen is natuurlijk heel gewaagd’, zei Nijholt in november 1978 in een interview met Het Parool. ‘Het Nederlandse publiek heeft uitleg nodig, anders snapt het niet dat de liefde van twee mannen niets te maken heeft met de homofielen die onze televisie voorschotelt, de Albert Mollen of de homo van Bram en Freek: die zetten homo’s neer als enge wezens die alleen maar raar zijn en om te lachen. Ik sta elke avond in mijn ziel te krassen hoor, als ik zing over ‘de verboden kus van Romeo en Julius’. Er zijn zeer kwetsbare scènetjes die soms worden weggelachen door een publiek dat er geen reet van begrijpt.’

In de originele Foxtrot zingt hoofdpersoon Jules Sorry dat ik besta na een ruzie met zijn vriend. Onderdelinden: ‘Dat vond ik iets te beperkt, dan blijft het binnen de eigen parochie. We zijn nu vijftig jaar verder en wel íéts opgeschoten, dus laat ik het Jules zingen nadat Josien hem heeft gezegd dat zij hem misschien wel kan genezen. Terwijl hij zingt, staat zijn grote liefde Paul achter hem. Door die setting is de lading nu anders: meisje, je kunt proberen te veranderen wat je wilt maar het is niet mijn probleem. Ik hou van hém; heel gewoon, zo is het dus.’

Beginnersklasje

Zo probeert hij in de hele musical ‘nieuw leven, nieuwe frisheid, nieuw elan’ te brengen, zegt Onderdelinden. ‘Hij is nog altijd rete-actueel, dat is shocking. Gisteren deden we Over tijd en toen stond Marjolijn Touw echt te huilen. Ze zei: we hebben zo gevochten voor vrouwenrechten, het recht op abortus, en nu worden overal dingen teruggedraaid.

‘Maar in de oude vorm zou Foxtrot nu toch ook iets gedateerds hebben. We hebben in deze tijd veel meer mogelijkheden, met choreografie, met beeld. Met die oude choreografie kun je echt niet meer aankomen. Dat is meer iets voor het beginnersklasje van huisvrouwen op een sportclub. We maken alles nu meer tot een geheel, bijvoorbeeld door gebruik te maken van pre-songs — waarbij je dus al vroeg een fragment hoort uit een lied dat later in zijn geheel is te horen — en door met scènes te schuiven. Het moet smooth zijn. Smooth is een woord dat ik graag gebruik; alles moet soepel in elkaar overvloeien.’

Wervelende choreografie

Drie weken later woon ik een repetitie bij waarin de tweede akte in zijn geheel wordt doorgenomen. Ik ben om. Sorry dat ik besta is in de versie van William Spaaij, die nu Jules speelt, net zo mooi als vroeger, Over tijd is inderdaad ontroerend en wordt prachtig gezongen door Teuntje Post. Van oubolligheid is in de wervelende choreografie van Eline Vroon (‘ik werk acht dagen per week aan deze musical’) geen sprake, en als klap op de vuurpijl blijkt speciaal voor Gerrie van der Klei in haar rol als pensionbaas Mathilde een jazzy solo aan Foxtrot te zijn toegevoegd die oorspronkelijk in Heerlijk duurt het langst zat: Kleine zwakke vrouw.

‘Heel fijn om te doen’, zegt Van der Klei in de pauze, terwijl ze aan een gemberthee met suiker nipt. ‘Ik heb in 1977 en 1978 alle 398 voorstellingen gedaan, ziek of niet, vervangers bestonden toen niet. We kregen geweldige recensies en de zalen zaten altijd vol. Maar er waren natuurlijk veel minder musicals dan nu, je had er hooguit één of twee per seizoen.’

Grensoverschrijdend gedrag

Het grootste verschil met vroeger zijn de sociale verhoudingen, volgens Van der Klei. ‘Regisseur Paddy Stone was nogal een dominante man, laat ik het zo maar zeggen, die ook wel wat we nu grensoverschrijdend gedrag noemen vertoonde. Hij maakte balletmeisjes aan het huilen, hij smeet weleens een stoel naar iemand toe, ik heb ook kwesties met hem gehad. Darling you’re not a dancer, riep hij een keer kwaad. No darling, I’m a singer, riep ik terug. Even later stond ik met Willem bij Harry Bannink een nummer te repeteren aan de piano en begon ik te scatten (jazzy improviseren, red.). Yes darling you’re a singer, riep Stone toen opgetogen. Die scat is erin gebleven en best iconisch geworden, al zeg ik het zelf.’

Acteurs, dansers en zangers zijn nu beduidend veelzijdiger dan vroeger, zegt Van der Kleij, en dat verhoogt het niveau. ‘In mijn tijd bestond er voor musical geen opleiding. Mede op mijn initiatief is die er in Rotterdam op een gegeven moment gekomen. Ik suggereerde de directie wel om het geen ‘musical’ te noemen maar ‘muziektheater’, dat is een term die veel beter de lading dekt. Daar valt ook opera onder, en Gershwin.

Dat iemand anders nu haar oude rol heeft, voelt niet ongemakkelijk, zegt ze: ‘Renée de Gruijl doet dat geweldig. En ik denk dat ook Annie hier best gelukkig mee is.’

Dat vermoedt ook Flip van Duijn, zegt hij als hij na afloop van de try-out van 13 januari voor de ingang van DeLaMar een sigaretje rolt. ‘Ik zag het nu voor het eerst en ik moet zeggen: ik ben omvergeblazen. Ik vind het hartstikke goed. Voor mij is iets goed als het me raakt, en vanavond kreeg ik een aantal keren de tranen in mijn ogen. Die teksten zijn nog steeds zo krachtig, de muziek van Bannink is briljant. En deze uitvoering is geweldig. Die jongen die nu Tijs speelt, doet dat veel beter dan ik. Dat Annie schaamte zou voelen, neem ik terug. Ik denk dat ze hartstikke blij is.’

Foxtrot, 18/1 première in DelaMar, Amsterdam, daarna tournee.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next