Op welke veelbelovende acteurs, schrijvers, popmuzikanten en comedians moeten we het komende jaar letten? Net als voorgaande jaren stelde de Volkskrant die vraag aan een panel van vakgenoten, critici en andere kenners. Hun stemmen zijn geteld: dit zijn de talenten van 2026.
Door Siem Buijsse, Gidi Heesakkers, Els de Grefte en Reinout Bongers
Fotografie Ruby Cruden
Theo d’Or-winnaar Daniël Kolf (28) bracht al op jonge leeftijd een volwassen zwaarte in zijn spel. Vakgenoten roemen de veelzijdigheid en gulheid van de Surinaams-Nederlandse acteur. Het is nu alleen nog wachten op die grote filmrol.
Met het winnen van de Theo d’Or voor zijn hoofdrol in De dood van Benny Simons, van toneelgezelschap Orkater, was 2025 het jaar van Daniël Kolf. Hij speelde ‘een krachtige en aangrijpende hoofdrol’, aldus het juryrapport. Met zijn 28 jaar is Kolf een van de jongste winnaars van de meest prestigieuze Nederlandse toneelprijs. Niet voor niets stond Kolf, reeds vader van vijf kinderen, niet zo lang geleden nog in Volkskrant Magazine als een van de blikvangers van het afgelopen jaar.
Zijn ontwapenende glimlach dook voor het eerst op in speelfilm De Libi, waar de Surinaams-Nederlandse acteur al in 2019 een van de hoofdrollen vertolkte. Shady El-Hamus, regisseur van zowel De Libi als De dood van Benny Simons: ‘Toen ik Daniël castte voor De Libi had hij iets jongensachtigs en een geweldige komische timing, maar tegelijkertijd was hij ook al gegrond, had hij een volwassen zwaarte.’
‘Later ging Daniël het theater in en zag ik hem in De Gliphoeve, waar hij een aanvankelijk vrolijke 12-jarige jongen speelt die van Suriname naar de Bijlmer is verhuisd. Aan het einde van die voorstelling is hij een drugsverslaafde jongen van 17 en speelt hij een heel emotionele, pijnlijke monoloog. Het is tekenend voor Daniël dat hij die boog kan maken, en al die kleuren in zijn mars heeft.’
Wieke ten Cate, directeur van Orkater: ‘Die eindmonoloog herinner ik me nog goed. Hij lag in zijn eentje op het toneel, letterlijk aan de grond. Met alleen maar de taal en zijn tekstbehandeling zoog hij de zaal naar zich toe en voelde ik de tranen achter mijn ogen prikken.’
El-Hamus: ‘Daniël heeft een bijzondere dictie en zijn tekstbehandeling is heel specifiek. Hij heeft een geweldig gevoel voor ritme. Hij spreekt op een manier zoals een goede pastoor dat doet, door op een mooie manier de nadruk te leggen op woorden. Als hij een verhaal vertelt, kun je niet anders dan luisteren.’
‘Ik kwam tijdens de repetities van Benny Simons vaak al iets eerder, maar Daniël was er vaak nóg eerder om te stretchen en naar muziek te luisteren. Hij gaf zich volledig voor de rol. Natuurlijk kan ik nog honderd dingen zeggen over hoe goed hij fysiek is, of over zijn muzikaliteit, maar wat hem uniek maakt is zijn gulheid. Hij is schaamteloos in hoeveel hij het publiek geeft, hoe dichtbij hij ze laat komen. Dat maakt hem zo ontwapenend.’
Eve Hopkins, artistiek directeur van Theater Bellevue in Amsterdam, waar De dood van Benny Simons een week lang speelde: ‘In mijn herinnering komt hij bijna rennend, springend op. Het publiek voelt meteen: fasten your seatbelts, we gaan iets meemaken. Op een gegeven moment speelt hij een dialoog met een saxofonist en plaatst hij zijn tekst perfect op de tonen van de saxofoon. Hij toonde daar zijn muzikaliteit.’
Martin Koolhoven, filmregisseur, zag Kolf de afgelopen jaren regelmatig opduiken in films en series. ‘Het wordt tijd voor een hoofdrol in een grote Nederlandse film. Zijn veelzijdigheid is een grote plus, maar zijn belangrijkste kwaliteit is dat hij nooit forceert. Er zijn nogal wat acteurs die je hun best ziet doen. Die bijvoorbeeld het gewicht van de inhoud meenemen in de scène, terwijl je gewoon de situatie moet spelen. Daniël heeft altijd de uitstraling alsof het hem gemakkelijk afgaat en dat vind ik heerlijk.’
Daniël Kolf over zijn uitverkiezing: ‘Ik voel me vereerd en ik ben dankbaar. Tien jaar geleden kwam ik naar Nederland met een droom, en ik ben me nog steeds aan het ontwikkelen. Ik wil Martin bedanken dat hij me een grote hoofdrol in een film toewenst. Misschien een waargebeurd verhaal: een Anton de Kom, of een Lieve Hugo. Ik kijk daar erg naar uit.’
Auteur: Reinout Bongers
June Yanez (28) studeerde drie jaar geleden af aan de Amsterdamse toneelschool en heeft zich de afgelopen jaren, met rollen in De jaren, Disgraced en Brown Sugar Baby, ontpopt tot een van de sterkhouders van Het Nationale Theater. Dit jaar speelde ze drie verschillende rollen in de zeven uur durende marathonvoorstelling De seizoenen. Regisseur en artistiek leider Eric de Vroedt: ‘Daarin heeft ze alle kanten van haar talent laten zien. Ze is een sprankelende comédienne, kan prachtig zingen en moeiteloos schakelen tussen emoties.’
In 2026 maakt Yanez de overstap naar het ensemble van ITA, waar ze meteen een hoofdrol vertolkt in de voorstelling A Streetcar Named Desire.
Hajar Fargan (28) studeerde in 2024 af aan de toneelschool van Amsterdam. Vorig jaar maakte ze al indruk in de voorstelling Branden van regisseur Abdel Daoudi, en speelde ze de hoofdrol in Triq Salama, de debuutfilm van Najib Amhali. Binnenkort vertolkt ze het titelpersonage in Hedda, de nieuwe voorstelling van Daoudi bij Toneelschuur producties. Daoudi: ‘Hajar is een extreem intelligente actrice. Heel intuïtief en krachtig als speler, maar ook een intellectuele sparringpartner in een maakproces. Dat maakt haar fantastisch om mee te werken.’
Schrijver Sarah Arnolds (33) schaafde vijf jaar aan haar debuut Het gore lef, vol intrigerende en vervreemdende verhalen over mensen die iets verhullen. Daarmee gaf ze een boost aan het genre van het korte verhaal.
Anderhalve dag nadat Sarah Arnolds (33), hét literatuurtalent van 2026, was bevallen van een zoontje, nam redacteur Isabel Harlaar van uitgeverij Das Mag nog één keer de drukproef van haar debuut met haar door. Op Arnolds kraambed kwam een einde aan vijf jaar lang slijpen aan Het gore lef: een bundel met zeven verhalen over mensen die liegen, of ten minste iets verhullen – voor zichzelf, anderen én de lezer.
‘Doordat Sarah een kind had gekregen, kon ze Het gore lef makkelijker loslaten’, zegt Harlaar. ‘En dat was ook wel nodig: ze twijfelde veel en kon blijven schaven. Daar merk je als lezer trouwens niets van: de verhalen komen juist heel zelfverzekerd over.’
Dat vindt ook schrijver Rob van Essen, tweevoudig winnaar van de Libris Literatuurprijs: ‘Arnolds heeft haar tijd genomen en dat heeft zich uitbetaald. Er staat geen slechte zin in Het gore lef. Je weet meteen: dit is iemand die het vak beheerst.
‘Een mooi voorbeeld is het verhaal Ontspan je alsjeblieft. Daarin vinkt een masseuse een medische checklist af die heel normaal begint, met allergieën, maar steeds vreemder wordt. Opeens gaat het over ‘een onverklaarbare tegenzin om voor zonsondergang het huis te verlaten’. Dat is grappig, maar als zo’n lijst te lang is raak je de lezer kwijt. Arnolds weet de grens tussen absurd en geloofwaardig echter altijd te bewaken.’
Ook schrijver en literatuurcriticus Marja Pruis is gecharmeerd van dat verhaal: ‘Het is knap hoe Arnolds daar emoties doseert. De hoofdpersoon beschrijft bijvoorbeeld hoe erg ze een collega zou missen: ‘Wanneer ik denk aan de dag dat hij niet komt opdagen, denk ik aan producten die zomaar, zonder vooraankondiging, uit de handel worden genomen.’ Als de toon de hele tijd zo intens zou zijn, wordt het te sentimenteel. Maar doordat de rest van het verhaal zo vervreemdend is, krijgt zoiets veel meer lading.’
Daarnaast zijn de verhalen stuk voor stuk spannend, vindt Thomas de Veen, boekenrecensent bij NRC: ‘Dat komt doordat Arnolds veel verzwijgt, net als haar personages. Zo richt ze de aandacht van de lezer voortdurend op wat er tussen de regels gebeurt. Daardoor blijft Het gore lef intrigerend.’
Dat beaamt schrijver en filmmaker Falun Ellie Koos: ‘In het werk van Arnolds gebeurt altijd iets aan de rand van je zichtveld, iets waar je niet helemaal bij kan. Bij sommige auteurs kan je dan het gevoel krijgen dat dat een trucje is. Maar niet bij Arnolds: Het gore lef is niet nodeloos vaag, maar noodzakelijk vaag.
‘Arnolds begrijpt namelijk dat mensen allerlei tegenstrijdige gevoelens hebben, waardoor ze zelf ook niet altijd weten wat er aan de hand is. Dat zie je terug in Brand, mijn lievelingsverhaal. Daarin volg je een 14-jarig meisje, dat iets gemeens zegt tegen haar vader, maar vervolgens zo van zijn reactie schrikt, dat ze ineens weer liefde voor hem voelt.’
Schrijver Annelies Verbeke, winnaar van de Toneelschrijfprijs 2025, is daarnaast blij met de vorm die Arnolds heeft gekozen: ‘Korte verhalen worden helaas vaak gezien als een opstapje naar het echte werk: de roman. Dat een jong talent zo’n sterke verhalenbundel uitbrengt, is een goede boost voor het genre. Het past ook bij haar: in een kort verhaal moet je in korte tijd iemand leren kennen, en Arnolds kan de lezer snel dicht op de huid van haar personages brengen.’
Wat vindt literatuurtalent Sarah Arnolds zelf van al deze lof? ‘Ik had nooit verwacht dat Het gore lef zo goed ontvangen zou worden. En ook niet dat zo veel mensen het zouden begrijpen. Schrijven is een eenzaam proces, dus na vijf jaar ga je je weleens afvragen waar je eigenlijk mee bezig bent. Daarom is het waanzinnig om te horen hoe anderen onder woorden brengen wat ik met Het gore lef wilde zeggen.’
Auteur: Siem Buijsse
Het is niet gek dat het autobiografische debuut van Rasit Elibol (41) indruk maakte op ons panel. In Vuistslagen beschrijft Elibol, prijswinnend journalist van De Groene Amsterdammer, indringend welke obstakels hij heeft moeten overwinnen om zijn huidige plek in de maatschappij te veroveren. Met kwetsbare verhalen over zijn jeugd in Wormer, ‘waar wij als gezin op volstrekt eigen wijze ongelukkig waren’, maakt hij grote onderwerpen als armoede, schaamte en afkomst altijd voelbaar, maar nooit particulier.
‘Ik wilde van alles worden, maar kon niet kiezen’, zei Teddy Tops (36) dit jaar tegen het AD. Misschien hoeft dat ook helemaal niet, want Tops lijkt zich moeiteloos te bewegen tussen verschillende rollen: ze presenteert op Radio 1, leidt spokenwordplatform ‘Mensen zeggen dingen’ en debuteerde in september met een goed ontvangen roman. In Egelskop neemt Tops’ verteller de lezer mee in een interessant gedachte-experiment: hoe zou het leven van haar oma’s zijn verlopen als ze nooit kinderen hadden gekregen?
V knijpt de handjes dicht dat Yasemin Koyuncu (26), oftewel Min Taka, in Rotterdam is neergestreken. De Turkse zangeres combineert een ongekende podiumaanwezigheid met een genre-overstijgend geluid. Hopelijk komt in 2026 haar debuutalbum, al heeft ze zelf geen haast.
De Turkse Yasemin Koyuncu (26) heeft nogal een tocht achter de rug. Na een jeugd in Istanbul droomde ze van een carrière in muziek. Door Disney Channel en andere Amerikaanse invloeden in haar jeugd lonkte het hoogst haalbare in de VS: het exclusieve Berklee College of Music in Boston. Ze kreeg er een beurs, maar het topinstituut bleek alsnog te duur.
Zo kwam Koyuncu terecht op de jazzopleiding van het Rotterdamse Codarts. We mogen in onze handjes knijpen dat haar omzwervingen tot Nederland hebben geleid, en we hier de eerste stappen van Konyuncu als Min Taka in een ongetwijfeld lange carrière kunnen zien.
Boeker Joey Ruchtie boekte haar vorig jaar op Noorderslag, waar haar optreden in het oog sprong bij veel muziekbobo’s. ‘Duizenden acts sturen hun muziek in om op te mogen treden op Noorderslag. Ik beluister ze allemaal, maar mijn selectie is altijd op één hand te tellen. Toen ik Min Taka hoorde, sprong dat er gelijk uit. Je had vroeger toch dat programma, X Factor? Wat ze daar zochten, dat heeft Min Taka.’
Na dat optreden boekte programmeur Saskia Fabriek haar voor Down The Rabbit Hole, waar ze vrijdagochtend het kleine podium Bossa Nova opende. ‘Ze was de uitgelezen kandidaat voor die talentenplek in het blokkenschema. De combinatie van Turks en Engels en haar genre-overstijgende geluid vallen meteen op.’
‘De Bossa Nova is een amfitheater met bankjes, maar bij de eerste paar noten stond iedereen meteen op en begon te dansen. Het was een heel energieke show, een perfect begin van het festival. Je merkt bij Min Taka meteen: dit is een rockster, ze gaat nog meters maken.’
Zanger Blaudzun is altijd op zoek naar nieuw talent. ‘Toen ik Min Taka’s single Boston hoorde, dacht ik meteen: wauw, dit is vet. Ik zette het in allerlei playlists, later kwam ik er pas achter dat het een Nederlandse act is en ze gewoon in de buurt woont.’
‘Het is heel tof als je zo jong en zo vroeg in je carrière al een song als deze uit je weet te toveren. Het duurt meestal even voordat artiesten hun stem vinden, daar gaan soms jaren overheen. Maar zij is er nu al, dat is heel tof.’
‘Wat zo goed is aan Boston is dat het dicht bij de kern blijft van waar de song over gaat. Haar stem is geweldig, de helderheid ervan is goed overeind gehouden in de mix. Verder is de productie best wel rijk, maar het blijft toch intiem. Dat vind ik knap.’
3FM-dj Vera Siemons draaide Boston vaak in haar radioprogramma. ‘In het outro van Boston fluistert ze ‘everybody’s bisexual’. Dat is leuk om te draaien als radio-dj, omdat het niet iedereen opvalt, maar als je het weet hoor je het.’
‘Je hoort aan haar songwriting de ervaringen in het buitenland, waardoor haar Engels heel natuurlijk is en ze internationaal klinkt. Soms hoor je beginnende artiesten een beetje ongemakkelijk zoeken naar hun toon, maar zij heeft meteen een duidelijk profiel.’
‘Als je haar live ziet naast andere acts, steekt ze er met kop en schouders bovenuit. Het zelfvertrouwen waarmee ze daar als frontvrouw al staat: ze weet heel erg wat ze aan het doen is.’
Koyuncu voelt zich gevleid door alle lof. ‘Ik heb inderdaad altijd de ambitie gehad om een internationale artiest te zijn. En het klopt dat ik niet een bepaald genre speel: mijn muziek is vooral een weergave van wie ik ben. Ik probeer mezelf wat beter te leren kennen, en ik ben blij dat ik dat door middel van muziek kan doen. Live wil ik altijd een theaterachtige show geven, met het hele spectrum aan emoties. We hebben nu voor zoveel verschillende zalen gespeeld – sommige helemaal leeg, sommige helemaal vol – dat ik denk dat we nu op elke mogelijke show voorbereid zijn.’
‘Dit jaar zal ik veel in de studio zijn. Ik werk naar een album toe, maar ik heb geen haast. Ik zie mijn carrière als een marathon, geen sprint.’
Auteur: Els de Grefte
Micha is een singer-songwriter van het getergde soort, met veelal akoestisch gedragen repetoire. Zijn karakteristieke rauwwarme stem maakte indruk bij de RTL-talentenjacht The Headliner, waar hij het ver schopte. In die show zong hij samen met Typhoon een nogal indrukwekkende cover van Ramses Shaffy’s Laat me. Micha is momenteel bezig aan een uitverkochte clubtour door Nederland, en in het voorjaar mogen we een in Nashville opgenomen debuutalbum verwachten.
Ook bij Hiigo is er een uitverkochte clubtour en een naderend debuutalbum. De Nederpopband heeft een vreemd nostalgisch geluid, dat vooral te danken is aan de praatzang van Hans van der Werf. Dat doet niet af aan de radiopotentie van de Zwolse band: ze hadden al een bescheiden hit met Tankstation. Nederpop met een vleugje slepende indierock als van The 1975, dat zou nog wel eens een succesformule kunnen zijn.
Cabaretiers Ronald Goedemondt en Tim Fransen vroegen haar als hun voorprogramma, maar nog veel meer collega’s hebben al lang en breed door hoe leuk en veelbelovend stand-upcomedian Marie Koet (29) is. In 2026 vervolgt ze haar route van comedyclub naar theaterdebuut.
Marcel Haug, eigenaar van comedyclub Haug in Rotterdam, waar Koet een van de vaste gezichten is: ‘Ze begon in 2021 als open mic’er in onze club. Ik zag een jonge vrouw die vol in het leven staat, niet bang. Haar eerlijkheid vind ik geweldig. Ze geneert zich niet voor wie ze is.’
Raoul Heertje, cabaretier en regisseur van haar eerste voorstelling: ‘Zodra Marie op een podium verschijnt, voel je: hier is wat bijzonders aan de hand. Ze ziet er lief uit, maar heeft ook nogal wat te verhapstukken met zichzelf en met de wereld. Haar rare oplossing is om dat uit te vechten op een podium.’
Tim Fransen, cabaretier: ‘We zijn in veel opzichten uit hetzelfde hout gesneden, allebei een half neurotische, Woody Allenachtige figuur. Toen ze mijn voorprogramma deed, was een van haar eerste zinnen: ‘Ik ben net als Tim cum laude afgestudeerd in de filosofie, maar ik zou daar zelf nooit over beginnen.’
‘Ze had het in die tijd veel over haar geaardheid, en haar zoektocht of ze nou lesbisch was of bi. Ik herinner me een stukje over dat veel mensen niet in een hokje geplaatst wilden worden, terwijl zij juist snakte naar een label. En dat iemand op straat haar uitschold voor ‘vuile pot’, en zij dacht: ‘Dankjewel, eindelijk iets van duidelijkheid.’
Haug: ‘Hoe ze over haar zoektocht naar haar seksuele identiteit vertelt, is zó levendig en meeslepend. Ze kan je daar helemaal in meevoeren.’
Fransen: ‘Het is altijd troostrijk om naar iemand te kijken die een beetje zoekende is in het leven, omdat we allemaal op een bepaalde manier zoekend zijn. Marie bevraagt dingen die in onze samenleving als vanzelfsprekend worden gezien en combineert dat met een persoonlijk perspectief.’
Heertje: ‘Nadenken is haar copingmechanisme, een manier om controle te zoeken. Haar intelligentie is een kracht, maar het kan voor een comedian ook een valkuil zijn. Daar hebben we het veel over. Als je alles altijd maar met je hersenen probeert te beteugelen, kan dat ten koste gaan van losheid in je comedy. Ze mag vertrouwen op haar grote talent en op de interesse in wat ze te vertellen heeft.’
Fransen: ‘Het gaat veel over sociale angst, zoals wat je doet wanneer je aankomt op het perron en je trein op het punt staat te vertrekken. Trek je een sprintje, of kies je ervoor om casual naar de trein toe te wandelen, zodat het voor andere mensen lijkt alsof je sowieso van plan was om de volgende nemen?
‘Ik vind het leuk als een comedian iets benoemt wat je zelf ook al eens hebt ervaren, maar niet als zodanig had opgemerkt. Je voelt je dan bijna betrapt omdat je het herkent.’
Heertje: ‘Ik moet het allermeest om haar lachen als ze losgaat in contact met iemand in de zaal. Ze geeft commentaar op degene die ze aanspreekt, maar we weten allemaal dat ze het ook over zichzelf heeft.’
Haug: ‘Ze is een open boek en praat expliciet over haar seksleven, ook als haar ouders in de zaal zitten.’
Heertje: ‘Als zij over seks begint, dan is het nooit ‘ik doe maar even iets over seks, want dan lachen de mensen sowieso’. Zij wil er echt iets over kwijt. Ik herinner me een avond in Haug. Ze had seks gehad die nacht, en daar was ze op dat moment zó vol van dat ze het gewoon nergens anders over kon hebben – zoals iemand die geen comedian is waarschijnlijk ook zou hebben. Ze gooide een gevoel op tafel dat voor iedereen herkenbaar is.’
Haug: ‘Ze is natuurlijk ontzettend grappig, maar ook gewoon een heel leuk mens. Prettig in de omgang, positief ingesteld. Ik snap wel dat al die gasten met haar willen spelen.’
Marie Koet over deze complimentenstroom: ‘Wat ontzettend leuk om te lezen. Het is allemaal zo cute. Ik moest wel lachen om Marcels beschrijving ‘niet bang’. Ik ben juist heel bang! Daar vertel ik veel over op het podium. Ik wil daar ook graag open over zijn. Door die openheid lijkt het misschien alsof ik boven mijn angsten sta, maar helaas. In de rest (intelligent, bijzonder, ontzettend grappig, etc.) herken ik me dan weer wel héél erg.’
Auteur: Gidi Heesakkers
‘Groot theatertalent David van Rosmalen steekt het Leids Cabaret Festival in zijn zak’, kopte de Volkskrant toen David van Rosmalen begin 2025 in Leiden alle prijzen won. Critici en de jury waren door het dolle over zijn muzikale en filosofische halfuur rondom de vraag of er vrije wil bestaat. ‘We zien veelbelovende eigenheid in zijn hooghartige sarcasme en virtuoze woordkunst’, aldus de jury. Genoeg reden om benieuwd te zijn naar zijn eerste voorstelling Als ik jou was.
Ook stand-upcomedian Wina Ricardo gooide hoge ogen, maar dan op het Amsterdams Kleinkunst Festival. De jury gunde haar de AKF Sonneveldprijs en noemde haar ‘een belangrijk nieuw geluid op de Nederlandse podia’. Ze is net als Marie Koet een regular bij comedyclub Haug en maakte in de laatste maanden van 2025 indruk met haar bijdrage aan de Vrouwejaars, ‘de blik op het jaar door de ogen van vrouwen’. De recensent van NRC zag al een geheel eigen oudejaars van Wina Ricardo voor zich, ‘want wauw, wat een supertalent’.
Samen met De Kleine Komedie organiseert de Volkskrant een avond met de drie talenten, Marie Koet (‘Nadenken is haar copingmechanisme’), David van Rosmalen (‘eigenheid in zijn hooghartige sarcasme en virtuoze woordkunst’) en Wina Ricardo (‘wauw, wat een talent’).
Maandag 9 februari, 20.15 uur. De Kleine Komedie, Amsterdam. Kaarten op dekleinekomedie.nl.
Styling door Olivier Jehee
Visagie door Iraj Raghosing
De talentenverkiezing bestaat uit twee rondes. In de eerste ronde hebben we een panel van kenners gevraagd om drie talenten te noemen van wie zij verwachten dat zij in 2026 zullen doorbreken. De volledige namenlijst van de panelleden die hebben gestemd, is hieronder te vinden.
De talenten die het vaakst werden genoemd, kwamen op een shortlist terecht. Deze shortlist deelden we met de panelleden, met de vraag om hieruit een top drie samen te stellen. Uit deze tweede stemronde zijn onze winnaars voortgekomen.
POP
Erik Delobel, Jasper van Vugt, Robert Meijerink, Jeroen van den Bogert, Jaap de Waart , Frank Satink, Martijn Groeneveld, Pierre Oitmann, Christiaan Walraven, Atze de Vrieze, Daan Holthuis, Rob van den Bosch, Joris van Welsen, Ronald Keizer, Menno Pot, Dirk Baart, Robert Schaeffer, Lisanne Middag, Farid Benmbarek, Hugo Schaap, Maarten Middendorp, Pieter Perquin, Els de Grefte, Bjorn van Eeuwijk, Martijn Crama, Marcel van As, Rense van Kessel, Gaétan van de Sande, Gijs Vervliet, Robert Swarts, Pien Feith, Adriaan Muts, Timo Pisart, Joey Ruchtie, Arjan Snijders, Menno Visser, Roosmarijn Reijmer, Flip van der Enden, Nienke Hoogenberg, Niek Nellen, Pyke Pasman, Sjoerd Vriesema, Suzanne van den Dool, Bér Engels, Lisa Hilbrands, Peter Bruyn, Colette Hermans, Thomas Snoeijs , Bregje Wigersma, Pablo Cabenda, Dieuwertje Heuvelings, Clara Vissers.
ACTEREN
Mark de Cloe, Klaas de Jager, Pieter van den Berg, Ernestine Comvalius, Alex Mazereeuw, Wouter Bakker, Bor Beekman, Eve Hopkins, Eric de Vroedt, Eddy Terstall, Ronald Simons, Nina Aalders, René Wolf, Herien Wensink, Paul Ruven, Isabella Depeweg, Rolf Koot, Kees Driessen, Simon van den Berg, Wieke ten Cate, Hans Smit, Robert Alberdingk Thijm, Sanne Veldhoven, Max de Wolf, Klaas de Jager, Suzanne Angevaare, Jan Pieter Ekker, Anouk Goorman-van Holten, Joachim Robbrecht, Martin Koolhoven, Dave Schwab, Daria Bukvić, Ela Çolak, Anton van Amersfoort, Susan Schoonwater, Meike Leenhouts, Norbert ter Hall, Noortje van de Sande, Sander Janssens, Fabian Pikula, Sjoerd Appelman, Eva Lute, Nicole van Vessum, Mina Etemad, Anouk Wognum, Ernie Tee, Joris Henquet, Jan Uttien, Evert Nuijten, Connie Pingen, Jan Doense, Bora Sirin, An Hackselmans.
COMEDY
Floor Nicolas, Henk Talma, Imke Muriël van Herk, Eveline Mol, Rosalie Fleuren, Geert Vriend, Willem Overgaag, Said El Hassnaoui, Thomas Bruining, Peter Pannekoek, Jochem Myjer, Katja Brenninkmeijer, Daniel van Veen, Dick Zijp, Sezgin Güleç, Cyanne Moe-Tjon, Merel Voorsluis, Joris Henquet, Joris Kemps, Richard van Bilsen, Gidi Heesakkers, Nico Baars, Zepha van Beckum, Olivier Schneider, David Linszen, Wietske Loebis, Robert-Jan Veen, Ivo Victoria, Frank Heijman, Luuk Adema, Bianca Derwort, Marcel Haug, Jeroen Pater, Kasper van der Laan, Sander Janssens, Jeffrey Spalburg, Adriaan Bruin, Stefan Pop, George Visser, Hanneke Uijt de Willigen, Nathalie Doruijter.
LITERATUUR
Daniël van der Meer, Marjolijn de Cocq, Michel Behre, Niqué van den Tillaart, Miriam van Ommeren, Marscha Holman, Theo Hakkert, Thomas Möhlmann, Marja Pruis, Gijs Wilbrink, Maaike Pereboom, Katrijn Van Hauwermeiren, Margreet de Haan, Gaia Cerpac, Gerda Aukes, Michiel Funke, Oscar van Gelderen, Lolies van Grunsven, Constance Kregting, Mizzi van der Pluijm, Vincent van de Vrede, Esther Hendriks, Thomas de Veen, Michaël Roumen, Lisanne Mathijssen, Esther van Dijk, Willemijn Lindhout, Bart Nijensteen, Michaël Stoker, Laurens Ubbink, Jasper Henderson, Merijn Hollestelle, Christiaan Weijts, Eva Cossee, Elsbeth Louis, Sam De Wilde, Josje Kraamer, Patricia de Groot, Femke Essink, Grietje Braaksma, Thomas van den Bergh.