Met de wereldwijde wedloop om zo veel mogelijk AI-datacentra uit de grond te stampen, neemt de vraag naar geheugenchips voor deze rekenfabrieken explosief toe. Zo schieten de tekorten, en daarmee de prijzen, omhoog.
is techredacteur voor de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over sociale media en kunstmatige intelligentie.
Eind november schatte pc-verkoper CyberPowerPC de recente prijsstijgingen van computergeheugenchips (RAM) op ongeveer 500 procent. Daar hebben niet alleen de AI-giganten last van: onlangs bevestigde Dell de prijzen van een deel van zijn computers fors te verhogen: zo’n 150 euro per computer, met uitschieters tot 650 euro.
‘Nog nooit heb ik de kosten van geheugenchips zo hard zien stijgen’, zei Dell-topman Jeff Clarke eind november. DRAM, of RAM (Random-Access Memory), zoals deze chips worden genoemd, vind je in vrijwel elk modern apparaat. De kosten van RAM fluctueren regelmatig; het fabriceren van deze chips vergt grote investeringen, de machines om ze te produceren zijn gigantisch duur. Bij een stijgende vraag duurt het even voor de productie is opgeschroefd, waarna er een periode van overvloed volgt en de prijzen weer zakken.
Maar de explosieve vraag in de AI-markt lijkt dit cyclische proces in een stroomversnelling te storten. AI-datacenters vragen in plaats van het wat eenvoudigere RAM om HBM (High-Bandwidth Memory). De makers van geheugenchips richten zich in steeds grotere mate op de productie van HBM, omdat ze hieraan door de gestegen vraag meer verdienen.
Volgens de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley pompten bedrijven als Google, Amazon en Meta dit jaar naar schatting 340 miljard euro in AI-infrastructuur. Daarmee komt de productie van huis-tuin-en-keukengeheugen in het gedrang.
Als reactie daarop zijn grootverbruikers van RAM panisch aan het hamsteren geslagen, waardoor de tekorten verder oplopen. De Chinese computerfabrikant Lenovo zei in november 50 procent extra aan computeronderdelen zoals RAM te hebben ingekocht.
Apple kruipt nog wat dichter bij geheugenproducent Samsung op schoot. Volgens The Korea Economic Daily zou Apple in langetermijnafspraken hebben toegezegd voortaan 70 procent van hun geheugeninkopen bij Samsung te doen, een stijging van 10 procent. Waar Apple begin dit jaar nog ongeveer 25 euro voor een geheugenmodule van 12 GB betaalde, zou die inmiddels bijna 60 euro kosten, aldus Apple Insider.
Dat betekent niet automatisch dat iPhones duurder worden; Appletelefoons hebben dankzij hun besturingssysteem al wat minder geheugen nodig dan toestellen die op Android draaien. Wel kan het betekenen dat telefoonfabrikanten besluiten de toestelgeheugens van nieuwe modellen niet te vergroten.
De klappen vallen, zoals meestal, in eerste instantie vooral bij de kleinere telefoonfabrikanten die minder slagkracht hebben om gunstige prijsafspraken af te dwingen, en zich met flinterdunne marges op de onderkant van de markt richten. Die consumenten zullen naar verwachting het meest van de prijsstijging voelen.
Afgaand op het verleden verwachten analisten dat de markt zich vanaf ongeveer 2028 wat zal herstellen, als de productie van RAM wordt opgeschroefd. Ondanks de door AI opgevoerde zucht naar HRM, zei de Koreaanse geheugenproducent SK hynix deze maand nog ongeveer 425 miljard euro te investeren in de productie van RAM. De oplevering van de eerste fabriek is naar schatting rond 2027 gereed.
Wel blijft de vraag of de productie van grondstoffen, zoals het silicium waar beiden chipsoorten van worden gemaakt, de toegenomen honger kan bijbenen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant