Home

Je bent niet kapot, je bent gewoon moe

is huisarts en columnist van de Volkskrant.

Hij is 17 jaar oud en voelt zich ‘kapot moe’. Als ik vraag hoe zijn dagen eruitzien, beschrijft hij een ochtendritueel waar ik stil van word.

Zijn wekker gaat om 4.30 uur. Hij start met een groot glas water en het opschrijven van persoonlijke doelen. Daarna volgt krachttraining en een gezicht dat wordt gedompeld in een bak ijswater. Voor de focus. Dan douchen, aankleden, ontbijten. Ik besef me dat tegen de tijd dat hij op school aankomt, hij al een halve werkdag achter de rug heeft.

Ik zie een jongen die gelooft dat dit móét. Dat dit goed is. Wanneer ik opmerk dat ik alleen al uitgeput raak bij het idee om zo mijn dag te moeten beginnen, trekt hij dezelfde blik als mijn kinderen wanneer ik zeg niet te begrijpen wat er in vredesnaam leuk is aan Roblox.

Oké boomer, lees ik.

Och jochie, denk ik.

Onlangs verscheen de Monitor Mentale Gezondheid van het RIVM en het Trimbos-instituut. Het beeld is somber, maar inmiddels helaas bekend: geen enkele generatie voelt zich zo weinig gelukkig als Generatie Z, geboren tussen 1996 en 2010. Ze kampen, in toenemende mate, met eenzaamheid, stress, angstklachten en burn-outverschijnselen.

Ook in de spreekkamer zie ik steeds vaker jongens en meisjes die niet zozeer ziek zijn, maar wankel. Niet omdat ze iets ingrijpends hebben meegemaakt, maar omdat ze voortdurend lijken te vrezen het leven niet optimaal te leven. Ze hebben geleerd dat goed leven en succesvol zijn, gelijkstaat aan optimaliseren, verbeteren, ontwikkelen en plannen. Je mag niet simpelweg iemand zijn; je moet worden. Alsof het leven een project is dat af moet.

De keuzevrijheid is daarbij ongekend groot. Waar je vroeger als zoon van de slager simpelweg slager werd, liggen er nu duizend en één levenspaden open. Dat klinkt bevrijdend, maar voelt zelden zo. Psycholoog Barry Schwartz beschreef dit in The Paradox of Choice: hoe meer mogelijkheden, hoe groter de kans op besluiteloosheid, spijt en het gevoel tekort te schieten. Het is geen wonder dat de coaching-industrie floreert, want YOLO: je leeft maar één keer, dus het moet meteen goed.

En als dat niet lukt, sluipt al snel het idee binnen dat er wel iets mis zal zijn. Dan zoeken we naar woorden die houvast bieden. ADHD. Hooggevoeligheid. Burn-out. Begrippen die soms verhelderen, maar steeds vaker ook fungeren als pleisters op een dieper liggende, existentiële onzekerheid.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Bij de puber in mijn spreekkamer zit de tragiek niet in dat vroege opstaan, of die ochtendtraining; op zichzelf is daar weinig mis mee. De tragiek schuilt in wat eronder ligt: FOMO. Niet de angst om een feestje te missen, maar om níét de beste versie van jezelf te zijn of te worden.

Onderzoek van de universiteit van Harvard laat zien dat deze fixatie op zelfoptimalisatie bij jongeren samenhangt met chronische stress, perfectionisme en uitputting. Sociale media fungeren daarbij als een luidspreker: kijk eens hoe het nóg strakker, productiever, succesvoller kan. ‘Manfluencers’ leren jongens dat discipline heilig is, motivatie overrated, comfortzones voor watjes en MANifesteren de sleutel tot succes.

Aristoteles noemde deugd het bewandelen van de gulden middenweg: het rommelige, ongemakkelijke grijze gebied waar niet alles klopt, waar je kunt aanmodderen, twijfelen en waar keuzes soms gewoon ‘goed genoeg’ zijn. Dáár speelt het echte leven zich af, maar precies die zone zijn we gaan wantrouwen. Zoals psychiater Floortje Scheepers vaker betoogt: onzeker zijn is geen gebrek, maar we zijn het vermogen kwijtgeraakt om het te verdragen.

Tegen de jongen zei ik: ‘Vermoeidheid is vaak geen defect, maar een signaal. Een protest van het lichaam tegen een leven dat te strak staat afgesteld. Probeer eens een weekje uit te slapen tot zeven uur. Gewoon douchen, aankleden, ontbijten, naar school.’ Hij keek me bedenkelijk aan, maar ergens zag ik opluchting doorschemeren. Alsof iemand eindelijk fluisterde dat het wat zachter mag.

Misschien moeten we ons, als goed voornemen voor het nieuwe jaar, wat vaker afvragen: is er werkelijk iets mis met mij, of ben ik gewoon mens? Het antwoord is vaak verrassend eenvoudig: je bent niet kapot. Je bent gewoon moe. Moe van het idee dat je nooit goed genoeg bent.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next