Als rechercheur vond Nanko Veenbrink niets mooier dan een onmogelijke puzzel kloppend maken. In zijn meest spraakmakende zaak, de Nuenense betonmoord, kreeg hij dat voor 99,9 procent voor elkaar, maar moest hij uiteindelijk genoegen nemen met vrijspraak.
Tien jaar lang hield rechercheur Nanko Veenbrink zich bezig met de dood van de Filipijnse vrouw Bebe Paña; een zaak die bekend werd als de ‘Nuenense betonmoord’. In de veertig jaar dat hij bij de politie werkte, had hij al allerlei functies gehad: wijkagent, motoragent, medewerker op de meldkamer, ME’er, brigadier. Maar het meest op zijn plek was hij in de rol die hij in 1998 kreeg: rechercheur moordzaken. ‘Om zo’n puzzel kloppend te krijgen, dat vond hij het mooiste’, zegt zijn zoon Dennis.
De Nuenense betonmoord was de zaak van zijn leven. Hij was er heilig van overtuigd dat de verdachte, een huisarts in Nuenen, ‘de grootste leugenaar van Nederland was’. Paña was in 2001 van de radar verdwenen. Haar echtgenoot, de huisarts, verklaarde dat ze was teruggegaan naar de Filipijnen om daar een nieuw leven te beginnen. Veenbrink liep alle sporen na, tot in de Filipijnen aan toe, en concludeerde dat dat onmogelijk was.
Later bekende de huisarts dat hij haar zelf had begraven. Het lichaam van Bebe Paña werd gevonden, ingemetseld in een blok beton onder de toiletpot in het huis van zijn tweelingbroer.
De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl
Zelf was Veenbrink ook de helft van een tweelingbroer. Met hem groeide hij op in Utrecht, als zoon van een vertegenwoordiger bij Douwe Egberts. Hij zag een toekomst op zee voor zich, maar op de zeevaartschool in Middelburg bleek wiskunde een struikelblok. Daarop besloot hij naar de politieschool te gaan – zijn lotsbestemming.
‘Mijn vader had een groot rechtvaardigheidsgevoel’, zegt zijn zoon. ‘Ik denk dat hij daarom goed bij de politie paste, en zich later zo vastbeet in die zaak van Bebe Paña.’
Zelf zei Veenbrink in 2013 tegen Omroep Brabant: ‘Ik ben zelf in de Filipijnen geweest voor onderzoek en heb daar met eigen ogen de armoede gezien. Een dokter, zelf niet onbemiddeld, die zijn slag slaat bij zulke arme mensen in dat deel van de wereld, daar is iets heel erg mis mee.’
Daarbij, zegt zijn zoon, was hij ook niet ongevoelig voor de schaal van de zaak. Gerard Spong was de advocaat van de huisarts, Peter R. de Vries besteedde aandacht aan de zaak in zijn programma. ‘Grote namen, en daar liep hij dan tussen’, zegt Dennis. ‘Hij kwam ook regelmatig op tv. Dat vond-ie allemaal reuze interessant.’
De zaak zou voortslepen tot 2014. Er was ook een tweede slachtoffer: de Filipijnse au pair werd dood gevonden in de slaapkamer van de huisarts. Maar zowel van haar als van Bebe Paña kon de doodsoorzaak niet worden vastgesteld, waardoor de huisarts in hoger beroep werd vrijgesproken. ‘De kans dat je twee Filipijnse vrouwen in hetzelfde huis, onder dezelfde omstandigheden dood aantreft, is één op een miljard. Eigenlijk is het onmogelijk’, zei Veenbrink in 2013 tegen Omroep Brabant.
Toch nam hij een jaar later zijn verlies. De hoogste rechter had gesproken en met dat oordeel moest hij het doen, vond hij. Dennis: ‘Hij had de zaak voor 99,9 procent uitgerechercheerd. Op een gekke manier kon hij ook voor Spong bewondering opbrengen, dat hij op basis van die 0,1 procent twijfel vrijspraak had afgedwongen.’
Veenbrink was toen al, op zijn 60ste, met pensioen gegaan. Het zware werk bij de politie had fysiek en mentaal zijn tol geëist. Heel af en toe gaf hij nog een lezing over de Nuenense betonmoord. Maar het werd vooral tijd voor andere dingen.
Hij ging het ontbijt verzorgen in het Parkzichthotel in Eindhoven en werkte later bij de kringloopwinkel in Veldhoven. In oktober werd bij hem asbestkanker vastgesteld. Na een kort ziekbed overleed Nanko Veenbrink, 74 jaar oud.
Source: Volkskrant