De lezersbrieven! Over abortuszorg in het ziekenhuis, onrealistische artsenpraktijken in fictieve dramaseries, woordgrappen, het generieke ‘wij’, begindata van seizoenen, kerstpakketten, kunst in het ziekenhuis en de stem van de natuur.
Ik vroeg me af waarom abortus wordt gedaan in speciale abortusklinieken. Zoals ik het nu begrijp heeft dat meer na- dan voordelen. Mensen die Gods woord denken te dienen, weten precies waar hun opdringerige gelijk het meest effect heeft: voor de ingang van zo’n abortuskliniek. Door die ingang moeten vrouwen in een kwetsbare positie naar de zorg die ze nodig hebben en zijn daardoor een makkelijke prooi.
In een abortuskliniek werken artsen en verpleegkundigen die een medische handeling doen bij vrouwen. Doen we medische ingrepen en zorg niet normaal in een ziekenhuis? Waarom niet alle abortusklinieken opdoeken en onderbrengen in ziekenhuizen? Bijvoorbeeld naast de afdeling urologie, waar mannen aan de lopende band worden gesteriliseerd (is maar een ideetje). Natuurlijk, demonstreren staat vrij, ook voor mensen met een verknipt godsbeeld. Echt effectief zal hun gedram niet zijn voor de poort van een groot ziekenhuis. Probeer tussen al die patiënten en bezoekers maar eens die kwetsbare vrouw te vinden die ongewild zwanger is geraakt en in wanhoop hulp zoekt...
Breng alle zorg rond abortus onder in het ziekenhuis en sluit de gespecialiseerde abortuskliniek!
Frits de Klerk, Amsterdam
Deze week beginnen de lijstjes. Prima. Ook het lijstje van de beste series volgens de Volkskrant. Gelukkig, ik heb nummer 1 gezien. De rest niet, dat moet dan volgend jaar maar. The Pitt moest ik gaan zien, zei een vriend (een oogarts). Een serie over een dienst op de ER in Chicago met de ultieme ER-acteur Noah Wyle. Al meer dan twintig jaar speelt deze man een dokter op de ER. En ik werk op een Nederlandse ER, vandaar.
Maar wat is irritatie nummer 1 van artsen als ze naar arts-acteurs kijken in series en films? Nee, niet dat ze de metalen pads even over elkaar wrijven voor ze een elektrische shock toedienen bij een reanimatie (nooit gedaan). Maar dat ze de stethoscoop verkeerd in hun oren steken, dus naar achteren in plaats van naar voren. Dit leer je op dag één van je co-schappen.
En als ik dit al op de foto van de trailer van The Pitt al zie, hoe moet ik de rest van de serie dan serieus nemen?
Bas Bens, SEH-arts, Groningen
Of het niet wat minder kan met die woordgrappen in krantenkoppen, las ik in de rubriek Geachte Redactie en dacht: ja hoor, daar gáán we weer. Iemand heeft ooit bedacht dat woordgrappen niet kunnen en nu word je nogal eens geacht er geen voorstander van te zijn.
Hoe is dat zo gekomen? Geen idee. Ik weet wel dat ik geslaagde woordgrappen leuk vind. Heel leuk zelfs. De speelsheid en creativiteit ervan schenken me vaak een glimlach. Niet in nieuwsberichten alsjeblieft, maar in ‘lichtere’ achtergrondverhalen of interviews? Kom maar op. De voorbeelden die de briefschrijfster opnam, neem ik graag over. Maar dan bij mijn standpunt. ‘De kip van Jut’ vond ik de beste.
Herman Schroer, Tilburg
Goed dat columniste Jolande Withuis het verwarrende gebruik van ‘wij’ in de media heeft aangekaart. Dit ‘wij’ staat dan als onderwerp in een zin met onduidelijke referentie, vaak met oratorische intenties. Withuis en andere reacties in deze krant benoemen de dominees-wij en de verpleegsters-wij en hoe dit gebruik als ‘vals’ kan worden ervaren.
Hoewel er afgelopen week in deze brievenrubriek bezwaar is gemaakt tegen het gebruik van Latijnse termen in columns, is het leuk de oudere benaming voor de verpleegsters-wij te memoreren, namelijk de ‘verpleegsters-pluralis’. Dit sloeg ooit aan, denk ik, vanwege de gelijkenis in klank met een populaire naam voor een ziekte. Daarnaast bestaat er de ouder-wij, die wordt gebezigd door één ouder tegen het kind en die door ontwikkelingspsychologen zal worden afgeraden: ‘Wij maken ons zo’n zorgen over jou...’
In de actualiteit is steeds vaker het soort ‘wij’ te horen dat lijkt op de dominees-wij en dat gebruikt wordt om mensen mee te nemen en te impliceren in een redenering of een gevoel. In mijn eigen kring staat dit bekend als ‘het generieke wij’. Voorbeeld: ‘Wij hebben allemaal toch steeds minder vertrouwen in politiek Den Haag.’ Of: ‘Wij willen tegenwoordig toch het liefst allemaal de boodschappen thuis bezorgd krijgen.’
Omdat het nauwelijks meer bedoeld is als vraag, kan het vraagteken worden weggelaten. Met name politici doen er goed aan zich niet te bezondigen aan dit generieke ‘wij’.
Tony Westermann, Groningen
In zijn ingezonden brief van 18 december stelt Gerhard Elferink dat de nu gehanteerde begindata van de seizoenen niet klopt. Hij doet dat omdat nu op basis van de stand van de zon de winter begint met de kortste dag en de zomer met de langste.
Hij vindt dat de seizoenen een week of zes eerder zou moeten beginnen zodat de kortste, respectievelijk langste dag midden in het winter- en zomerseizoen vallen.
Dat is een benadering.
Maar als we kijken naar het temperatuurverloop over een jaar, dan zien we dat gemiddeld de koudste dagen zo rond het eind van januari, begin februari vallen en de warmste dagen eind juli, begin augustus. Deze gegevens zijn op te vragen bij het KNMI.
Dat is een vertragingstijd, ten opzichte van de stand van de zon, van ongeveer zes weken. De koudste periode valt dus precies in het midden van de winter zoals die nu is gedefinieerd, en de warmste periode precies in het midden van de huidige zomer.
Perfect gedefinieerd dus, niets aan veranderen.
Cor Beijersbergen, Reims (Frankrijk)
In het artikel over kerstpakketten wordt een quote van hoogleraar sociologie Olav Velthuis genoteerd die toch enige kanttekening behoeft: ‘Mensen investeren in hun personeel. Het is een andere houding dan vroeger, toen het idee was: voor jou tien anderen.’
Allereerst investeerden nogal wat bedrijven ‘vroeger’ (dat is echt al vanaf honderd jaar geleden) wél in hun medewerkers door ze naast huisvesting ook allerlei zaken als culturele en sportieve activiteiten, medische zorg en scholingsmogelijkheden aan te bieden. Vaak voor niets of zeer weinig geld. Kom daar nu maar eens om.
En het idee ‘voor jou tien anderen’ is mijns inziens juist nu weer van toepassing: de inwisselbaarheid van (vaak buitenlandse) werknemers en hun soms zeer slechte sociale voorwaarden zijn daar een voorbeeld van.
Werknemers goed behandelen is nodig, zij zijn je belangrijkste bedrijfskapitaal, waarbij waardering voor kennis en vaardigheden, veelal in het bedrijf opgedaan, vanzelfsprekend dient te zijn. En niet alleen door het uitdelen van kerstpakketten.
Vic Wendel, Roosendaal
Het is van alle tijden dat de jeugd pogingen doet om de opvoeders in verwarring te brengen met taal of getallen. Via internet zijn de getallen 6-7 doorgedrongen in de grote wereld en zelfs het NOS Journaal besteedde er aandacht aan. Het is natuurlijk vooral de bedoeling om het grote onbegrip te voeden en ouders en leraren verbijsterd achter te laten in staat van verwarring.
Toen ik lang geleden in de jaren zestig in Groningen op de Bavinck Mulo zat, bedachten we iets dat vraagtekens op de gezichten van de leraren moest zetten. Ook wij hanteerden een kleine getallenreeks die in feite niets betekende en tegelijkertijd een antwoord zou zijn op elke gestelde vraag.
Ook wij riepen die getallen tijdens de lessen Duits en wiskunde naar elkaar en moesten we de klas uit (waar we het herhaalden in de gangen en in de directiekamer).
5-1-2, zeiden wij in een soort bedacht dialect: ‘Vief-ien-twee, meneer.’ En hoe men ook probeerde te begrijpen wat we bedoelden... we gaven geen krimp. Het was betekenisloos voor onszelf en de grote buitenwereld.
Arjen Boswijk, oud-docent, Groningen
Het is een mooie gedachte van Nina Goedegebure om onze eigen ziekten of die van onze geliefden niet enkel te ‘ondergaan’ maar ook proberen te ‘transformeren’, of om het op z’n minst draaglijk of voor even minder zwaar te maken, hoe moeilijk dat in bepaalde situaties ook zal zijn.
Haar artistiek project Will You Carry Me?! draagt bij aan het welzijn van de mens in een omgeving waar we liever niet komen, zoals het ziekenhuis.
Nu de meeste ziekenhuizen inmiddels een verfrissend en vernieuwd uiterlijk hebben gekregen qua bouw en indeling, is het ook hopelijk afgelopen met de zouteloze en vergeelde afbeeldingen van enkel landschapstaferelen en bloemenvazen in een lijstje in de gangen en kamers. Juist een omgeving als een ziekenhuis verdient kunst die aanspreekt, verwondert en een goed gevoel geeft. Al is het maar voor even. Het kan een kleine bijdrage zijn om voor afleiding te zorgen en op te gaan in mooie schilderijen, foto’s, tekeningen en installaties.
Er hoeft zelfs geen prijskaartje aan dit idee vast te hangen. Er zijn vast veel kunststudenten, jonge kunstenaars en amateurkunstenaars die een tentoonstelling van hun werk kunnen zien als een waardevolle expositie en dit graag willen doen om mensen te helpen en de omgeving te verfraaien. Juist op een plek waar dit hard nodig is.
Een toepasselijke naam voor dit soort kunst zou dan ook, in navolging van Goedegebures project, kunnen zijn: We Will Carry You!
Pascal Cuijpers, Herten
In de Schallmaier-index van donderdag 18 december zien we voedsel in alle soorten en maten langskomen op allerhande lopende banden. Tussen al deze foto’s vol knoflook, kool en hazelnoten valt mijn blik op een machine met levende kuikentjes daarin. Dat is dus waar het misgaat: we zijn gestopt om dieren als levende wezens te zien, maar enkel nog als producten die op de kerstdis zouden kunnen eindigen.
Louis van Beek, Amsterdam
Het is niet lastig om de stem van de natuur te horen. Die zou enkel zeggen: ‘Laat mij met rust!’
H. Hovinga, Veendam
Kunnen de zaterdagse weekpuzzel en het cryptogram ook verhuizen naar het Volkskrant Magazine? Door de betere papierkwalitieit wordt het oplossen van de puzzels dan veel prettiger en hoeft er niet meer geknipt of gescheurd te worden in de zaterdagkrant.
Ton Koppers, Leeuwarden
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant