Het aantal mensen dat na rijden onder invloed van drugs of alcohol naar het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) moet voor onderzoek of een verplichte cursus is dit jaar fors gestegen ten opzichte van voorgaande jaren.
Ruim 31.000 verkeersdeelnemers moesten na rijden onder invloed naar het CBR. Dat is een stijging van 26 procent ten opzichte van 2024.
Het aantal mensen dat een cursus moest volgen na rijden onder invloed van drugs steeg volgens de laatste stand met 68 procent: 6070 mensen moesten een cursus volgen. De forse stijging valt te verklaren: meldingen van drugs in het verkeer gaan sinds 1 april automatisch van de politie naar het CBR, meldt de organisatie.
Het grootste deel van de mensen die naar het CBR werden gestuurd, moest een cursus volgen. Als het vermoeden bestaat dat een verkeersovertreder een verslaving heeft, moet die bij het CBR nader onderzoek laten doen door een psychiater. Dat gebeurde dit jaar bijna 7000 keer, tegenover 4932 keer in 2024.
CBR-directeur Jan Jurgen Huizing noemt de stijging slecht nieuws. "Ondanks campagnes als BOB, de politiecontroles, en onlangs nog de dag voor verkeersslachtoffers denken mensen nog steeds dat ze na alcohol- en drugsgebruik kunnen deelnemen aan het verkeer."
Wie drugs heeft gebruikt en wordt betrapt in het verkeer, moet meedoen aan de cursus drugs en verkeer. Dat zijn drie bijeenkomsten bij het CBR van vier uur met thuisopdrachten.
Mensen die worden doorgestuurd vanwege alcoholgebruik moeten een korte óf lange cursus volgen. De korte cursus bestaat uit twee sessies van vier uur en een opdracht. Bij de langere cursus horen ook een voorgesprek en nog een extra cursusdag van acht uur. Ook zijn er korte en lange gedragscursussen voor mensen die ernstige verkeersovertredingen hebben begaan.
Mensen die de cursussen moeten volgen, moeten die zelf betalen. Ze kosten tussen de 818 euro en 1316 euro.
Binnenland
Deel artikel:
Source: NOS nieuws