Home

In de oplopende spanningen tussen Japen en China
is de panda het eerste slachtoffer

Panda’s zijn het laatste slachtoffer in de diplomatieke strijd tussen China en Japan. De geliefde beren verruilen binnenkort hun Japanse dierentuin voor een Chinees pandafokcentrum, want de vriendschap tussen Beijing en Tokio is op dit moment ver te zoeken.

Door Marije Vlaskamp

Massaal grijpen Japanse pandafans de kans om hun lievelingsbeer voor de allerlaatste keer in het echt te zien in de Ueno-dierentuin in de Japanse hoofdstad Tokio. Eind januari gaan Xiao Xiao en Lei Lei terug naar China.

Deze 5-jarige broer en zus zijn in Japan geboren uit een paartje panda’s dat China heeft uitgeleend. De diersoort komt alleen in China voor, en alle panda’s die zich in buitenlandse dierentuinen bevinden gaan op een gegeven moment terug. De panda’s in Tokio zouden in februari vertrekken, maar ineens heeft Beijing haast.

Een laatste blik op reuzenpanda's in de dierentuin van Tokio. Door bekoelde relaties tussen Japan en China vertrekken de laatste panda's uit het land, tot verdriet van duizenden fans die uren in de rij staan.

Kim Kyung-Hoon / Reuters en Franck Robichon / EPA

Panda’s zijn het symbool van vriendschap met China, dus die krijgt een land alleen als de verhoudingen met Beijing opperbest zijn. Voor Japan betekent het niet veel goeds dat China de dieren terughaalt zonder te willen praten over nieuwe panda’s.

Onder de noemer pandadiplomatie sturen Chinese communisten sinds 1957 hun zwart-witte ambassadeurs naar bevriende socialistische landen. Ook kapitalistische landen krijgen panda’s, bijvoorbeeld de Verenigde Staten na het baanbrekende bezoek van president Richard Nixon aan China in 1972.

Hoewel, krijgen: sinds 1983 gaat dat via een leaseconstructie. De ultieme bevestiging van vriendschap met China kost een gastland jaarlijks ruim 1 miljoen dollar aan huur.

Dat lieve sommetje, dat in China wordt gebruikt voor projecten die de soort in stand moeten houden, levert een gastland niet alleen drukbezochte dierentuinen op. Veel belangrijker zijn de contacten met de Chinese overheid en Chinese panda-specialisten die adviseren over de bouw van het verblijf, verzorging en de overdracht van nakomelingen aan China. Wie panda’s te leen heeft, beschikt over een communicatiekanaal met China.

De Amerikaanse president Richard Nixon en de Chinese partijleider Mao Zedong in Peking, februari 1972. Het bezoek maakte een einde aan decennia van diplomatieke vijandigheid.

AFP

De eerste panda’s gingen in 1972 naar Tokio, toen de problematische Chinees-Japanse verhoudingen werden genormaliseerd. De buurlanden hebben een beladen relatie sinds de Tweede Wereldoorlog, toen Japan grote delen van China met bruut geweld bezette. Dat verleden veroorzaakt regelmatig spanning over en weer, maar desondanks bleven Tokio en Beijing in gesprek over de Chinese panda’s die in Japanse dierentuinen verbleven. Tot deze week.

In de National Zoo in Washington verwelkomt first lady Pat Nixon op 20 april 1972 de eerste Chinese 'ambassadeurs': de panda’s Hsing-Hsing en Ling-Ling, een diplomatiek geschenk na de historische ontmoeting tussen Nixon en Mao.

AP

Het is onzeker of Japan na het vertrek van deze publiekslievelingen een nieuw paar beren krijgt, want de Chinezen reageren niet als Japan erover begint. En Beijing is onbuigzaam over de vertrekdatum van Xiao Xiao en Lei Lei: verlenging is onbespreekbaar. In verband met de Chinese quarantaineregels moeten de beesten zelfs eerder terug. Wat is er aan de hand?

De problemen begonnen toen de nieuwe Japanse premier, Sanae Takaichi, direct na haar allereerste ontmoeting met de Chinese leider Xi Jinping besprekingen voerde met een hooggeplaatste Taiwanees. Dat viel verkeerd in China, dat Taiwan beschouwt als zijn eigen grondgebied en het eiland desnoods met geweld wil inlijven.

De Japanse premier Sanae Takaichi ontmoet de Chinese president Xi Jinping en de Taiwanese adviseur Lin Hsin-i oktober 2025 in Gyeongju op de APEC-top.

AFP en via X

Zo’n ontmoeting met een Japanse premier wekt de indruk dat Taiwan een zelfstandig land is, iets waartegen China zich hevig verzet. Met dat Taiwanese onderonsje had Takaichi Xi dus al gezichtsverlies bezorgd, toen ze daarna ook nog eens zei een eventuele Chinese aanval op Taiwan als een ‘existentiële dreiging voor Japan’ te beschouwen.

Dat een oorlog rond Taiwan een bedreiging voor de hele regio vormt, is in Japan een breed gedeelde overtuiging. Japanse premiers zeggen dit echter niet hardop, omdat dan de gevoelige verhouding met China direct ontspoort.

Satellietopnames van Japanse legerbases op Yonaguni, Ishigaki en Miyakojima. De militaire opbouw op deze eilanden onderstreept de gespannen verhouding tussen Tokio en Beijing over de veiligheid in de regio.

Google Earth Studio

Met het Japans militairisme van de Tweede Wereldoorlog in het achterhoofd verdenkt Beijing namelijk Japan ervan een aanleiding te zoeken die de inzet rechtvaardigt van het Japanse leger, de zogeheten Japan Self-Defense Forces (JSDF). De JSDF mag slechts worden ingezet als het voortbestaan van Japan op het spel staat.

Japan vreest al langer te worden meegezogen in een militair conflict rond Taiwan. Het eiland ligt op slechts 110 kilometer van het zuidelijkste puntje van Japan. De Amerikanen, de militaire beschermers van Taiwan, hebben op Japanse bodem 55 duizend militairen gestationeerd, maar Washington vindt dat Japan zelf militair zijn steentje moet bijdragen.

Vandaar dat het zuiden van Japan in sneltreinvaart wordt gemilitariseerd. Waar op het eiland Yonaguni drie jaar geleden paarden graasden, staat nu een complete raketbasis.

Een wild paard voor de ingang van de militaire basis en de nabijgelegen radarinstallaties op het Japanse eiland Yonaguni.

Kentaro Takahashi en Philip Fong / AFP

Vanzelfsprekend is de Chinese regering niet gelukkig met zowel de Amerikaanse troepen als de herbewapening van Japan, dus grijpt Beijing Takaichi’s opmerkingen aan om Japan te straffen tot de premier haar woorden terugneemt. Takaichi, een gestaalde nationalist, weigert dat.

Daarom wordt de Chinese druk wekelijks opgevoerd: Chinese toeristen zeggen massaal hun vakanties naar Japan af, de import van Japanse zeevruchten is verboden en Japanse popidolen staan in China voor lege zalen. Ook militair lopen de spanningen huizenhoog op.

Russian Tu-95

Russian Beriev A-50

Chinese H6

Chinese J-16 en een Russische Tu-95

Millitaire vliegtuigen van China en Rusland gezien tussen 9 en 11 December 2025

Handout / Japan's Ministry of Defense / AFP

Tijdens een militaire oefening begin december namen Chinese straaljagers Japanse gevechtsvliegtuigen op de korrel door hun radar op een Japans toestel te vergrendelen: mogelijk een teken dat een aanval ophanden is.

Daarop werd duidelijk hoe snel militaire confrontaties in dit gebied tot een wereldoorlog kunnen leiden. De Chinese en Russische luchtmacht vlogen eendrachtig richting Tokio, met onder meer de Russische TU-95, die atoombommen kan afwerpen. Maak je niet druk, het is een reguliere militaire oefening, zei Beijing toen de Japanse regering protesteerde.

De Amerikaanse president Donald Trump en de Japanse premier Sanae Takaichi spreken op 28 oktober 2025 troepen toe aan boord van de USS George Washington in Yokosuka. De ontmoeting onderstreept de militaire alliantie voorafgaand aan de APEC-top in Zuid-Korea.

Tomohiro Ohsumi / Getty Images

Als reactie oefenden de Japanners samen met de Amerikanen, die hun B-52’s inzetten. Ook die toestellen kunnen een kernaanval uitvoeren.

Waarnemers voorspellen dat deze hoogspanning voorlopig niet kalmeert. De Chinese regering zal stapsgewijs op een gecontroleerde manier de druk op Takaichi opvoeren tot ze bakzeil haalt en haar woorden terugneemt. Na de bombardementsvliegtuigen waren deze week de panda’s aan de beurt.

Vandaar de lange rijen in de dierentuin, waar bezoekers wegens de overweldigende belangstelling slechts één minuut in het pandaverblijf mogen kijken. Voor die ene minuut met de ultieme vriendschapssymbolen van China staan ze vier uur in de rij.

Bezoekers vangen nog een laatste glimp op van de panda-tweeling die over een paar weken terug moet naar China.

Eugene Hoshiko / AP

Dat hebben pandaminnende Japanners ervoor over, want over een maand zit Japan voor het eerst in vijftig jaar zonder panda’s. Pas als de woede in Beijing is bekoeld, kan er weer worden gepraat over een nieuw koppeltje zeldzame beren voor een Japanse dierentuin. Zover is de Chinese regering voorlopig niet.

De belangrijkste les die Chinezen trekken uit de Tweede Wereldoorlog? ‘Onze generatie moet kracht tonen’

Een film over het Bloedbad van Nanjing trekt tientallen miljoenen bezoekers in China. Tussen de decorstukken vergapen gezinnen zich aan het gruwelijkste hoofdstuk uit de Chinese geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. ‘Kom, vertel deze mevrouw eens wat je voelde na het zien van Dead to Rights. Je voelde je boos, toch?’

Hoe oerconservatief Japan zijn oorlogsverleden verbloemt

Na decennia van publieke spijt en wroeging over de brute oorlogsmisdaden in de Tweede Wereldoorlog, lijkt Japan klaar te zijn met sorry zeggen. De rechtse regering en nog rechtser lobbyisten poetsen het verleden op en laten troostmeisjes weer uit het curriculum halen. 

Op deze Japanse eilandjes nabij Taiwan komt oorlog met China dichtbij: ‘We zijn in elk scenario doelwit’

De dreiging van een militair conflict met China wordt steeds concreter, merkt verslaggever Marije Vlaskamp op de Japanse eilandjes Yonaguni en Ishigaki nabij Taiwan. Niet ver daarvandaan kwamen Chinese raketten neer. ‘De overheid belooft ons een schuilkelder. Dat vind ik een angstwekkend signaal.’

Source: Volkskrant

Previous

Next