Home

Van de liefde resteert altijd nog een schaduw in geestige en poëtische scheidingsfilm

Liefde in IJsland Wat beklijft? Een nazi-zeemijn, akkoord, maar hoe zit het met de liefde en het collectieve gezinsgeheugen? Hlynur Pálmason maakt het geestige, persoonlijke ‘The Love that Remains’ over een gezin in scheiding.

'The Love that Remains' stelt de vraag wat er beklijft van het gezinsgeheugen, van de paddenstoelenjacht en al die wandelingen in de natuur.

Komisch drama

The Love that Remains. Regie: Hlynur Pálmason. Met: Saga Garðarsdóttir, Sverrir Gudnason, Þorgils en Grímur Hlynsson. 109 min.

In mei kan The Love that Remains van Hlynur Pálmason één prijs nauwelijks mislopen op het filmfestival van Cannes: de IJslandse hond Panda is torenhoog favoriet bij de ‘Palm Dog’ voor beste hond-acteur. Ik feliciteer de regisseur vier dagen tevoren alvast, en inderdaad: Panda wint. Het juryrapport noemt hem „een groot acteertalent”: „Hij onderstreept de essentiële rol van de hond binnen een gezin en heeft een krachtige emotionele band met alle gezinsleden.”

Panda is  Pálmasons eigen hond. Dat geldt ook voor het pluimvee en de kinderen – zoon Þorgils, die zijn tweelingbroer Grímur per ongeluk verwondt bij het boogschieten. Maar hun geestige dialogen over liefde en seks zijn allerminst spontaan, zegt Pálmason. „Ik moest ze echt dwingen het te zeggen. Hè gatsie pap! Ik herinnerde ze eraan dat ze betaalde acteurs zijn die gewoon hun werk moeten doen.” Wat hij zijn zonen dan betaalt? „Een percentage van de winst. Maar ze vonden het leuk hoor. We filmden met een piepkleine crew, allemaal huisvrienden.”

Hlynur Pálmason maakte in 2023 veel indruk met het grimmige, majestueuze Godland, waarin een Deense predikant medio 19de eeuw de  toenmalige kolonie IJsland komt opmeten en inkaderen, maar opgeslokt wordt door het barse landschap en zijn bewoners. The Love that Remains is totaal anders: charmant, dromerig, arty. Pálmason filmde zeven jaar te hooi en te gras rond eigen huis en gezin. Zo werkt zijn brein, vertelt hij: altijd met allerlei projecten tegelijk bezig.  

The Love that Remains is een van de grappigste scheidingsfilms ooit. De opening – waar een dak van een huis wordt gerukt – suggereert een traumatische breuk: er volgt een jaar uit het leven van een koppel in scheiding. Het is geen vechtscheiding, de fut lijkt er gewoon uit bij Anna, een kunstenaar. Magnús, die werkt op een vissersboot, lijkt dat pas nu door te hebben en doet pathetische pogingen haar terug te winnen. Hij fantaseert over een lome blik onder Anna’s opwaaiende zomerjurk, probeert haar in bed te praten, hangt uit het niets opeens de strenge vader uit of slaat een agressief haantje dood om haar te behagen, een moord die hem achtervolgt in komische nachtmerries.

Verrukkelijk staaltje poëtische vergelding

Die droom past naadloos in een subjectieve film die het alledaagse mixt met beeldmontages, magisch realisme of een fragment uit de B-horrorfilm Creature from the Black Lagoon. Magnús is bang er alleen voor te staan, de stoere Anna heeft andere problemen: zij moet zich – naast Magnús – kerels van het lijf houden die weten dat zij weer op de markt is. In een venijnig grappig segment komt een Zweedse galeriehouder haar werk keuren, een zelfingenomen kwast die slachtoffer wordt van een verrukkelijk staaltje poëtische vergelding. Is dat echt of fantasie? Pálmason laat dat in het midden in dit vaak betoverende gezinsportret. 

The Love that Remains gaat over tijd. Wat beklijft? Een tachtig jaar oude nazi-zeemijn in een vissersnet blijkt nog springlevend, maar hoe zit dat met de liefde? Kinderen groeien te snel op, wat beklijft er van het gezinsgeheugen, van de paddenstoelenjacht en al die wandelingen in de natuur? De artistieke zijprojecten waarmee Pálmason de film kruidt, geven een gedeeltelijk antwoord. Het zijn ‘time lapses’ van ontbindende dierenlijken: „eerst mooi, dan macaber, dan weer een prachtig wit skelet”, aldus Pálmason. Of moeder Anna’s onbegrepen kunst, die eigenlijk van Pálmason zelf is: metalen vormen die in het open veld op grote lappen stof wegroesten. „Ik laat de winter erop inwerken en oogst mijn kunst in de lente.” De tijd vervaagt alles, een schaduw resteert.

Wat is dat toch met IJsland? Een bevolking van pakweg Utrecht, toch zoveel sterke films. Regisseur Runár Runársson van het prachtige When the Light Breaks vertelde me vorig jaar dat IJsland geen eigen markt voor kunst heeft en kunstenaars daarom niet jong leren om compromissen te sluiten. Dus doen Björk en Sigur Rós gewoon hun rare ding in een schuurtje en ontdekken later dat er in de grote buitenwereld wél een enorm publiek is voor experimenten.  

Hlynur Pálmason houdt het eerder op een evocatief landschap en een traditie van lange winters en tijdloze verhalen; denk aan de Edda, 13de-eeuwse Viking-sages. „Het kan ook gewoon zijn dat de elven ons die verhalen influisteren hoor. Maar serieus, er wonen veel Poolse mensen in IJsland en hun verhalen hebben naar mijn gevoel een veel eigentijdsere focus dan wat IJslanders elkaar vertellen.”

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Film

De beste filmstukken interviews en recensies van de nieuwste films

Source: NRC

Previous

Next