Aan de grens tussen Thailand en Cambodja hebben zondag opnieuw gevechten plaatsgevonden. Ondanks internationale bemiddelingspogingen maken beide landen melding van aanvallen langs het front.
De Maleisische regeringsleider Anwar Ibrahim had de twee landen opgeroepen om vanaf zaterdagavond (lokale tijd) een staakt-het-vuren in te stellen, maar daar is dus niet op ingegaan. Een dag eerder had ook de Amerikaanse president Donald Trump een vergeefse poging gedaan om een einde te maken aan de gevechten.
De Thaise minister van Buitenlandse Zaken Sihasak Phuangketkeow stelt op X wel dat zijn land zich ‘onverminderd inzet voor vrede’. ‘Maar vrede moet echt en duurzaam zijn en gebaseerd zijn op acties die overeenkomsten respecteren, niet op loze woorden’, voegt hij daaraan toe.
Thailand en Cambodja zijn al decennialang verwikkeld in een conflict over hun onderlinge grens, die begin vorige eeuw tijdens de Franse koloniale tijd werd vastgelegd. In juli leidde dat tot een nieuwe uitbraak van geweld, maar na bemiddeling van Trump en de Maleisische premier werden de gevechten dezelfde maand nog beëindigd
Vorige week is het geweld langs de 817 kilometer lange grens opnieuw opgelaaid. Sindsdien heeft Thailand melding gemaakt van 15 gedode en ongeveer 270 gewonde soldaten in eigen rangen. Cambodja heeft geen cijfers bekendgemaakt van de verliezen bij de eigen strijdkrachten, maar het land spreekt wel van elf omgekomen en 59 gewonde burgers.
Honderdduizenden mensen zijn de regio ontvlucht. Het is veertien jaar geleden dat het geweld zo fel was.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant