Fotografen Ari Versluis en Ellie Uyttenbroek plukken al drie decennia lang passanten van straat om hen te portretteren, vervolgens plaatsen ze hen met vergelijkbare kleding in een grid bij elkaar. Zo ontstonden hun bekende en baanbrekende collages. ‘Niets zo verleidelijk als de mode op straat.’
is schrijver en kunstjournalist
Dertig jaar Exactitudes, dat vertaalt zich dus naar een kleine 2,5 kilo boek. Drie decennia van kijken, kennis vergaren, scouten, casten en fotograferen, van buurten en straten afschuimen op zoek naar twaalf (altijd meer, om tot een zorgvuldige selectie te komen) ‘types’ die samen een groep met een eigen esthetische dresscode en identiteit vormen. Van de allereerste serie Gabbers uit 1994 (bestaand uit veertig portretten van kaalgeschoren jongemannen in kleurige trainingspakken) tot de recent bij elkaar gezochte serie Femme (trans vrouwen en crossdressers die het fijn vinden om zich als vrouw te kleden) – alsjeblieft, ruim tweehonderd subculturen, van jong tot oud en in beeld gebracht op die o zo herkenbare typologische manier: in een strak grid van drie bij vier portretten van mensen die in een identieke houding staan tegen een witte achtergrond.
‘Het is voor het eerst dat het volume en het gewicht zo bij elkaar horen’, zegt Ari Versluis (64, in de jaren zeventig voor altijd geïnspireerd geraakt door de Do It Yourself-mentaliteit van de Rotterdamse punkscene). Hij en Ellie Uyttenbroek (60, nooit bij een groep gehoord, voelt zich het meest thuis bij de klassieke preppy-college-stijl), intensief samenwerkend sinds die eerste serie, brachten eerder boeken uit, altijd vormgegeven door Pieter Vos van designstudio 75B en altijd met de nieuwste series bovenop. ‘Opdikken’, noemt Uyttenbroek dat.
In dit boek gebeurde dat ook. De series die het duo maakte, vanaf 2014 tot nu, vormen het begin, en op de cover kwam een sticker met ‘Exactitudes Final Edition’. Want ja, het moet eens stoppen, al is niet iedereen (zoals ondergetekende) het daarmee eens. Het is ook maar de vraag of dat echt gebeurt natuurlijk. Laat dit duo – Uyttenbroek is opgeleid als stilist, Versluis als fotograaf – een paar minuten over straat lopen of in een trein zitten en er rolt zo weer een nieuwe sub- of underground- of countercultuur uit.
‘Wat ons al die jaren heeft verbonden’, zegt Uyttenbroek, zittend in hun Rotterdamse studio aan de voet van de Erasmusbrug, ‘is onze blik. We kijken hetzelfde, we zien precies dezelfde dingen: de lengte van een broek, hoe het haar zit, de manier waarop een tas of een telefoon wordt gedragen. We kijken niet per se naar vluchtige mode, maar naar de lange golfbewegingen, naar de manier waarop mensen zich proberen te onderscheiden van de ander. Dat stopt inderdaad nooit; je kan blíjven kijken. Het is collectioneren en dat is verslavend.’
Versluis, videobellend vanuit zijn huis in Zeeuws-Vlaanderen, knikt. ‘Er is niets zo verleidelijk als de mode op straat. Laat mij maar in een bus zitten en mensen observeren. Soms wil je de dingen die je ziet gewoon te pakken krijgen, al is het alleen maar om je eigen nieuwsgierigheid te voeden.’
Niet dat alles wat ze zien meteen een trend of een subcultuur hoeft te zijn. Als er iets is wat ze in die dertig jaar hebben geleerd, is het wel hoe nauw het allemaal luistert. Er gaan uren aan studie aan vooraf. ‘Veldonderzoek’ noemen ze het zelf, want hun werk lijkt op wat antropologen doen. Het behelst zoveel méér dan alleen mensen aanspreken op straat (eerste zin: ‘Wat zie je er goed uit’, en – wijze les – de ander altijd met zijn tweeën van voren benaderen), meenemen naar de (mobiele) studio en fotograferen. Het is behalve goed kijken ook jezelf informeren, gebruik maken van mensen uit de subcultuur zelf, je tien keer afvragen of dit wel een subcultuur is, eindeloos praten, vragen stellen, aantekeningen maken en vertrouwen opbouwen.
Daarin zijn Versluis en Uyttenbroek altijd consequent aandachtig en netjes geweest. Het bewijs daarvoor is onder meer de indrukwekkende lijst met namen van hun modellen die achterin het nieuwe boek staat (op chronologische volgorde) en bijna zes pagina’s beslaat. Deze mensen zijn niet alleen ooit door de kunstenaars vastgelegd – in hun eígen kleren, benadrukt Uyttenbroek, en dus pertinent níét door hen aangekleed – ze maken nu deel uit van een, in de woorden van Versluis, ‘hele gekke community’, die over tijd, landsgrenzen en genres heen reikt.
Exactitudes, een samentrekking van ‘exact’ en ‘attitudes’, is fotografie, mode, identiteit ineen. De series gaan over de gekke tegenstelling van opvallen door ergens bij te horen, en dus niet, benadrukt Uyttenbroek, over mensen in hokjes plaatsen. ‘We laten juist zien dat er mensen zijn die zich onderscheiden van de massa door een bepaalde look te rocken.’
De serie die ongetwijfeld de meeste tijd in beslag nam, was July First uit 2023, over oudere Marokkaanse mannen gekleed in de fijne combinatie van authentiek hoofddeksel, jasje, gebreide trui en een jarenzeventigzonnebril. ‘Die liepen vaak over de Rotterdamse markt en zagen eruit als filmsterren. Ze hadden zo’n vanzelfsprekend, casual gevoel voor styling, die moésten we portretteren.’ Maar die mannen lieten zich niet zomaar fotograferen, ze dachten hoezo? en wat? en wisten Versluis en Uyttenbroek jarenlang vriendelijk af te wimpelen. Uiteindelijk kwam het er toch van, toen het vorig jaar geopende Fenix, het Rotterdamse museum voor migratie, de serie financierde. ‘Toen konden we er veel meer tijd aan besteden.’
Ook de laatste serie Femme kwam niet zomaar op een namiddag tot stand. Voor het fotograferen van de laatste twee modellen reisde Versluis recentelijk nog naar Groningen. Want dat is ook zoiets: als het even kan, moeten de series topografisch gezien zo divers mogelijk zijn, en zo min mogelijk een Randstedelijk feestje. ‘De mensen die wij fotograferen – we hebben nog steeds geen goed alternatief voor ‘gewone mensen’, dat klinkt zo stom, maar goed, dat is wel wat ze zijn – komen echt overal vandaan. En ja, soms hebben wij dan ook wel zoiets van: waarom kunnen we nou nooit gewoon even een snel kiekje op straat maken?’
Hun beeldbepalende werk is vanaf het eerste moment opgepikt. Niet alleen door kranten en tijdschriften, ook door (mode)merken als Hema, Gucci, Helmut Lang, Balenciaga, én jonge modeontwerpers. Duran Lantink, tegenwoordig creatief directeur bij het Franse modehuis Jean Paul Gaultier, studeerde in 2013 af met onder meer collages die hij had gemaakt van de beroemde Exactitudes-grids. Ze waren afgelopen november tijdens de internationale fotobeurs Paris Photo te zien bij de galerie Madé van Krimpen en binnenkort in de Amsterdamse galerie zelf.
‘Toen we die collages onder ogen kregen’, zegt Uyttenbroek, ‘werd ik bijna jaloers. Ze waren zó mooi, ik dacht: ‘Waarom heb ik dat zelf niet gedaan?’ Ik kreeg meteen zo’n zin om ook weer van alles te maken. We waren er echt enthousiast over.’
Ze willen maar zeggen: Exactitudes mag dan stoppen, de series en de manier van kijken zoals Versluis en Uyttenbroek die dertig jaar lang hebben gebezigd, werken nog altijd door. Nu is het weer tijd voor hun eigen, afzonderlijke projecten.
Nou. Vooruit dan maar.
Ari Versluis & Ellie Uyttenbroek: Exactitudes – Final Edition. nai010 publishers, Rotterdam. Vormgeving: 75B. 65 euro.
Een selectie uit Exactitudes en de collages van Duran Lantink zijn vanaf 20 december te zien in The Green Room, de projectruimte van Madé van Krimpen galerie in Amsterdam. madevankrimpen.com
Boekpresentatie Exactitudes – Final Edition: 14 december in Fenix, Rotterdam. fenix.nl
Dit is een artikel uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant