Doodstraf Iran executeerde vorige maand zeker 256 gevangenen. Daar zitten ook steeds meer politieke dissidenten bij. „Omdat ze niets meer te verliezen hebben, zijn verzetsmensen bereid om hun leven te geven.”
De Iraanse president Masoud Pezeshkian (rechts), het hoofd van de Iraanse Revolutionaire Garde Hossein Salami (midden) en het hoofd van de Al-Quds-Brigade Ismael Ghaani (links) in januari bij een herdenking van de dood van de Iraanse generaal Qassem Soleimani in Teheran.
In een maand tijd werden in november in Iran naar schatting zeker 256 gevangenen gedood, volgens waarnemers het hoogste aantal in 36 jaar. Het aantal executies neemt maandelijks toe. Het gaat om veroordeelde moordenaars en drugsdealers, maar in toenemende mate ook om politieke dissidenten. Iran is wereldwijd koploper in het uitvoeren van de doodstraf; van elke tien geëxecuteerden in de wereld komen er naar schatting zes uit Iran.
Het verhoogde aantal executies onder de regering van president Masoud Pezeshkian lijkt een reactie op de groeiende onvrede in het land. Er komt steeds minder water uit de kraan en stroom uit het stopcontact, veel mensen kunnen hun gezin niet onderhouden en pensioenen worden niet uitbetaald. Wie daartegen in het geweer komt, wordt al snel gezien als iemand die het regime ondermijnt.
Mensenrechtenorganisatie Amnesty International spreekt van een „schokkende reeks executies” en constateert dat ze uitgevoerd worden na „grof oneerlijke processen achter gesloten deuren, waarbij martelingen en gedwongen bekentenissen schering en inslag zijn”. Een deel van de geëxecuteerde politiek gevangenen was actief in de ‘Vrouw, Leven, Vrijheid’-beweging, die drie jaar geleden opgericht werd met als doel om de verplichte hoofddoek en andere discriminatoire wetten tegen vrouwen te beëindigen. Iran heeft deze beweging met geweld onderdrukt.
Op het eerste gezicht is het verrassend dat dit juist gebeurt onder Pezeshkian, die aanvankelijk als hervormer werd onthaald. Zijn voorganger, Ebrahim Raisi, stond bekend als de ‘slachter’ van politieke gevangenen, omdat hij in 1988, toen nog als rechter, de executie van duizenden dissidenten in enkele maanden tijd verordonneerde. Toch executeert Pezeshkian beduidend meer mensen dan zijn voorganger.
Volgens mensenrechtenactivist Sadegh Tangestani bewijst het hoge aantal executies dat het Iraanse regime in het nauw zit. Zelf vluchtte hij 33 jaar geleden naar Nederland, omdat hij als student zag dat vrienden en mede-activisten gearresteerd en geëxecuteerd werden. Sindsdien komt hij vanuit Nederland in actie tegen de theocratische ayatollahregering in zijn thuisland.
„Ik zie de executies als een middel dat het regime inzet om de bevolking angst aan te jagen”, zegt Tangestani telefonisch. „Zij merken ook dat de bevolking de tekorten niet langer pikt. In Teheran kregen bewoners na klachten over het watertekort het advies om de stad dan maar te verlaten.”
De Israëlische aanval op Iran, in juni van dit jaar, heeft volgens Tangestani de situatie nog verder verergerd. „Dat was weliswaar een grote klap voor het regime, maar het vertraagde het proces om veranderingen te bewerkstelligen. Het regime misbruikt de aanval om steeds meer mensen als Israëlische spion aan te merken en om die reden ter dood te brengen. Rechten worden aan de kant geschoven en de noodsituatie wordt ingezet ter rechtvaardiging van de executies.”
Vermeende spionage voor Israël is soms ook reden om al eerder veroordeelden opnieuw te berechten en hun vervolgens de doodstraf op te leggen. Dit is een schending van het juridische principe ne bis in idem – een verdachte kan nooit twee keer voor hetzelfde feit vervolgd worden.
Het Iraanse volk stond niet te juichen om de Israëlische aanvallen, aldus Tangestani. „Verandering kan niet van buitenaf opgelegd worden, maar moet vanuit het Iraanse volk zelf komen. De rest van de wereld kan natuurlijk wel iets doen: de sancties verharden. Iraanse olie financiert de Revolutionaire Garde.” Dat militaire elitekorps, dat rechtstreeks onder ayatollah Ali Khamenei valt, is verantwoordelijk voor de arrestaties en executies.
Vorige maand publiceerde het Iraanse persbureau Fars News Agency, dat gelieerd is aan de Revolutionaire Garde, een hoofdredactioneel commentaar waarin opgeroepen werd tot een ‘herhaling van 1988’. De speciale rapporteur van de Verenigde Naties voor de mensenrechten in Iran merkte de executies van 1988 vorig jaar aan als een genocide op Iraanse politieke en religieuze minderheden.
Volgens internationale waarnemers worden er ook nu weer steeds meer mensen ter dood veroordeeld om politieke redenen, en na schijnprocessen. Zo kreeg Zahra Tabari de doodstraf opgelegd in een proces van tien minuten, via een videoconferentie. Zij wordt ervan verdacht dat ze samengewerkt heeft met de Iraanse Volksmoedjahedien (MEK), een verzetsbeweging die zich ten doel stelt om het regime ten val te brengen. Het bewijsmateriaal bestond eruit dat ze in haar huis een spandoek toonde met de woorden ‘Vrouw, Verzet, Vrijheid’.
Een andere prominente terdoodveroordeelde is bokser Mohammad Javad Vafaei Sani. Ook hij wordt verdacht van steun aan MEK, naast het organiseren van prodemocratische protesten. Een reeks (voormalige) topsporters, onder aanvoering van de Tsjechisch-Amerikaanse oud-tenniskampioen Martina Navratilova, eist zijn vrijlating.
Ook tegen veel organisatoren van demonstraties is de doodstraf geëist. Deze straf moet toekomstige demonstraties afschrikken, maar Tangestani ziet dat de organisatoren zich desondanks niet laten tegenhouden. „De omstandigheden zijn zo nijpend dat het verzet blijft smeulen. Medicijnen zijn tien keer duurder geworden. Dokters krijgen zo weinig betaald dat ze de patiënten geld vragen voor operaties. Iran stort in. Omdat ze niets meer te verliezen hebben, zijn verzetsmensen bereid om hun leven te geven.”
Behalve voor de executies vragen activisten ook aandacht voor de inhumane omstandigheden in Iraanse gevangenissen. Er is sprake van gevangenen die vastgehouden worden in vochtige kelders, vol ratten en insecten. Bokser Javad zou al zes jaar in eenzame opsluiting zitten en gemarteld worden.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC