De EU-landen zijn akkoord met strengere regels om uitgeprocedeerde asielzoekers daadwerkelijk uit te zetten. De lidstaten maken het verder makkelijker om asielverzoeken ook buiten Europa af te handelen.
is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.
De aanscherping van het Europese asielbeleid kon maandag rekenen op brede steun van de Europese ministers van Binnenlandse Zaken en Asiel. Spanje, Frankrijk en Portugal stemden op onderdelen tegen, maar dat was niet genoeg om het nieuwe beleid tegen te houden.
Europees Commissaris Magnus Brunner (Migratie) sprak na afloop van het debat met de ministers over een historisch besluit. ‘We staan op een keerpunt’, aldus Brunner. De Deense minister Rasmus Stoklund voor Immigratie noemde het compromis ‘een heel belangrijke stap om weer grip te krijgen op migratie’. Minister David van Weel (Asiel) stelde tevreden vast dat er ‘een andere wind door Europa waait’.
Nu de lidstaten hun positie hebben bepaald, kan het overleg met het Europees Parlement beginnen. De instemming van de parlementariërs is nodig voordat de nieuwe regels in werking kunnen treden. EU-ambtenaren hopen dat het parlement en de lidstaten het begin volgend jaar eens worden. Daarna hebben de EU-landen twee jaar om de nieuwe regels om te zetten in nationale wetten.
De Groenen in het Europees Parlement noemen de gekozen aanpak van de EU-landen ‘inhumaan’ en een knieval voor radicaal-rechts. De Stichting Vluchteling zegt ‘verontwaardigd’ te zijn over wat nu op tafel ligt. Volgens de stichting ondermijnt de EU hiermee het recht op asiel en de mensenrechten.
De terugkeer van vreemdelingen die geen recht hebben op verblijf in de EU, verloopt al jarenlang ronduit stroef. Een op de vijf uitgeprocedeerden die van de rechter moeten vertrekken, doet dat ook. De rest verdwijnt in de illegaliteit of blijft zitten in de asielopvang, waardoor er niet genoeg plek is voor nieuwe asielzoekers.
Om het terugkeerpercentage te verhogen, wordt het terugkeerbeleid van de EU-landen meer geharmoniseerd. Lidstaten worden geacht elkaars uitzetbesluiten over te nemen en uit te voeren om asielshoppen te voorkomen. Een verplichting daartoe, waarom de Europese Commissie had gevraagd, ging de lidstaten een stap te ver.
Uitgeprocedeerde asielzoekers die niet meewerken aan hun terugkeer, kunnen worden gestraft met het intrekken van de eventuele financiële of materiële hulp die ze krijgen. Ook mogen ze worden vastgezet (maximaal 24 maanden) om te voorkomen dat ze verdwijnen. Personen die een veiligheidsrisico vormen, kunnen langer dan die twee jaar worden vastgehouden.
De nieuwe terugkeerregels maken het verder mogelijk om uitgeprocedeerden over te brengen naar een veilig land buiten Europa van waaruit ze dan naar hun thuisland moeten vertrekken. Voorwaarde is dat de opvang in deze terugkeerhubs goed is geregeld en de mensenrechten worden gerespecteerd. Nederland heeft onlangs met Oeganda een intentieverklaring getekend over het opzetten van zo’n constructie.
Naast strengere regels om de terugkeer te bevorderen, stemden de ministers in met maatregelen die de instroom moeten verminderen. Het wordt makkelijker om asielzoekers terug te sturen naar een land waar ze eerder doorheen reisden, als dat ook geschikt is om asiel aan te vragen. De huidige voorwaarde dat de migrant een band moet hebben met dat land – familie, ooit gewerkt of gewoond – vervalt.
Verder komt er een Europese lijst met ‘veilige landen’. Asielzoekers uit deze landen komen in de versnelde asielprocedure omdat ze vrijwel geen kans maken op verblijfspapieren. Op de eerste ‘veilige’ lijst staan Marokko, Egypte, Tunesië, Bangladesh, Colombia, India en Kosovo; de lijst wordt regelmatig aangepast.
Brunner noemde de aangenomen asielvoorstellen ‘het ontbrekende stuk’ van het Europese migratiepact. Dat pact is vanaf volgende zomer van kracht, maar kent geen afspraken over terugkeer. De verdeeldheid tussen EU-landen daarover was destijds te groot.
Nu die overeenstemming er is, breekt de tijd aan voor ‘migratiediplomatie’, aldus Brunner. Het pact – dat voorziet in snelle asielprocedures aan de buitengrenzen – en de nieuwe terugkeerregels vallen of staan met de bereidheid van landen buiten Europa om de EU te helpen. Anders zitten de geplande opvangcentra aan de buitengrenzen en de terugkeerhubs in korte tijd overvol.
Om de zuidelijke EU-landen te ontlasten, mogen die komend jaar 21 duizend asielzoekers naar de andere lidstaten doorsturen. Landen kunnen hun quotum – voor Nederland ruim duizend migranten – ook afkopen met geld. Nederland kiest daarvoor. Dat kost volgens Van Weel maximaal 22 miljoen euro, maar dat bedrag gaat nog omlaag omdat Nederland redelijk wat asielzoekers herbergt die eigenlijk in Italië en Rome zouden moeten zijn. Die aantallen mogen van het quotum worden afgetrokken.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant