is tv-recensent voor de Volkskrant.
‘Mensen denken vaak dat de Nederlandse hiphop begon toen Osdorp Posse in 1995 op Lowlands speelde. Dat idee willen wij met onze serie echt even rechtzetten’, zegt Sacha Vermeulen tegen de VPRO Gids. Zij bedacht en maakte, samen met Ivan Barbosa, de monumentale documentaireserie 50 jaar hiphop in Nederland – Iemand moet het doen, waarvan zondag de tweede aflevering werd uitgezonden bij de VPRO.
Hiphop had namelijk al in de funky jaren 70 een bloeiend begin in ons land. Daarnaast laten de makers de Nederlandse hiphop in zijn volle breedte zien. Niet alleen de muziek, maar alle elements van de cultuur, waar ook kunstvormen als dans, mode en graffiti onder vallen, en ondernemerschap, zoals dat van modelabels Patta en Daily Paper.
Deze hiphop(geschiedenis)lessen bevatten een heerlijke mix van muziek(video’s), archiefbeelden en rake interviews, die in hoog tempo de revue passeren. Iedere aflevering wordt afgetrapt met de pompende beats (Delic) en snoeiharde lyrics (Duvel) van Iemand moet het doen – waar de serie zijn naam aan ontleende, en die de kijker meteen in de sfeer brengen. ‘Ik rij door de stad, eet m’n ijsje en geniet /Luister ernstige beats, drop die rhymes om niet.’
De makers spreken sleutelfiguren, inmiddels ‘hiphopopa’s’, uit de moeilijke en spannende begintijd, zoals Niels ‘Shoe’ Meuleman, Jeffrey Roberts van Electric Boogie Men en Extince, die met aanstekelijk enthousiasme vertellen over hun eerste, pionierende hiphopervaringen op straat en in buurthuizen, terwijl de nationale radio weigerde de muziek te draaien.
Maar ook (gevestigde) rappers en hiphopformaties zoals U-Niq, Opgezwolle, The Opposites, Winne en Akwasi komen voorbij. En deskundigen, onder wie presentatoren Sylvana Simons en Andrew Makkinga en platenbaas Kees de Koning. Schrijver Soortkill heeft een vertellersrol; hij spreekt bij wijze van docent de kijker toe vanuit een klaslokaal.
De VPRO-serie doet denken aan het Amerikaanse standaardwerk over de ontstaansgeschiedenis van hiphop in de Verenigde Staten, Fight the Power: How Hip-Hop Changed The World, dat eerder door Omroep Zwart werd uitgezonden. Ook in Iemand moet het doen wordt de Nederlandse hiphop geschetst in de sociale, maatschappelijke en politieke context.
De komst van migranten vanaf de jaren 70 naar Nederland, de armoede en het racisme waarmee die gemeenschappen moesten dealen, en de vreugdevolle herkenning die migrantenjongeren vonden in de (in de VS ontstane) hiphop en die jongeren een stem, een identiteit en een thuis gaf. Het fenomeen ‘browning’ ontstond, naar de dansmoves van James Brown. En graffiti, dat al bekend was uit de punkscène, nam een vlucht.
‘Er is een nieuwe rage overgekomen uit Amerika: electric boogie en breakdance’, zien we Ivo Niehe vertellen in misschien wel het eerste Nederlandse televisieprogramma dat aandacht aan hiphop besteedde. Hiphop werd zo lange tijd (en nog steeds vaak) gezien als een niet serieus te nemen modegrill. Niet als de invloedrijke cultuur, beweging en kunstvorm die het is en die – gelukkig – wereldwijd inmiddels niet meer weg te denken is.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant