Home

Buitenlandstrategie van Jetten en Bontenbal verdient nu al steun, ook zonder coalitie

Nederlandse diplomatie

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

Een land dat over de dijken kijkt. Nederland moet dat weer worden, als het aan Rob Jetten (D66) en Henri Bontenbal (CDA) ligt. In het gezamenlijke document dat ze eerder deze week presenteerden, wordt de terugkeer beloofd van de schwung die de Nederlandse diplomatie ooit had, maar door bezuinigingen en kortzichtigheid deels verloren is gegaan. In de tekst, de mogelijke opmaat van een nieuw regeerakkoord, wordt gesproken over het investeren in internationale relaties. Over het spelen van een voortrekkersrol in multilaterale fora zoals de EU en de VN. Over het herstel van ontwikkelingssamenwerking. En, misschien wel het belangrijkste: over het weer stevig omarmen van het internationaal recht.

De grote behoefte aan nieuw diplomatiek elan blijkt wel uit de rel rond Nexperia, een van oorsprong Nederlands bedrijf dat in 2017 in Chinese handen kwam. Minister van Economische Zaken Vincent Karremans (VVD) greep eind september hard in bij de chipmaker, uit vrees dat er bedrijfsgeheimen verdwenen naar China. Op zichzelf kunnen er legitieme argumenten zijn om daar een stokje voor te steken, maar de wijze waarop Karremans dit deed, zonder afstemming met Europese partners, wekt alom verbazing. Toen China terugsloeg met een exportverbod ontstonden er acuut grote chiptekorten, en klonk er in Berlijn en Brussel felle kritiek op het wereldvreemde gedrag van dat land achter de dijken.

Had deze faux pas voorkomen kunnen worden met meer of betere diplomatieke inbedding? Misschien niet: de wereld staat nu eenmaal onder hoogspanning. Aan de andere kant: uit het debat over de kwestie, afgelopen donderdag, rees het beeld op van een minister met een beperkt besef van de Nederlandse verbondenheid met de rest van de wereld. En een minister die, los van een verkeerd uitgepakt interview in een grote Britse krant, weinig spijt lijkt te hebben van zijn handelen. Dat maakt het pleidooi voor een stevig diplomatiek apparaat alleen maar sterker en urgenter, om verdere ongelukken en economische schade te voorkomen.

Al jaren wordt in een keur aan rapporten gewaarschuwd dat de Nederlandse voelhorens in de wereld zijn verzwakt. Die verslapping is niet alleen het resultaat van bezuinigingen, maar ook van luiheid: jarenlang was de diplomatie verwend, met een langzittende, en dus herkenbare premier die kon glimlachen en netwerken als geen ander. Dat Mark Rutte een gat in de Nederlandse invloed zou achterlaten, is door menigeen voorzien, maar er is nooit echt iets aan gedaan. Integendeel: bezuinigingen werden doorgezet.

Met diplomatie is het net als met verzekeringen: als alles goed gaat, lijkt het overbodig, maar als er brand uitbreekt, is het nut ervan evident. Die brand is er nu, met grootmachten die geweld niet schuwen (Rusland), nadrukkelijk van zich laten horen (China) of volledig onbetrouwbaar zijn geworden (VS). Zo bezien zou het goed zijn als de buitenlandstrategie van Jetten en Bontenbal snel wordt omarmd, ongeacht de samenstelling van de toekomstige coalitie.

Over luiheid gesproken: ook de onverwoestbaar geachte band met de VS zat het eigen strategische denkvermogen jarenlang in de weg. Nu Trump het concept van ‘het Westen’ heeft opgeblazen – de president behandelt de EU als een hinderlijke vlieg – zit er ook voor Nederland niets anders op dan elders houvast te zoeken. In een recent rapport zegt de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV): kijk eens naar het Mondiale Zuiden. Samenwerking met uiteenlopende landen als India, Indonesië, Brazilië, Zuid-Afrika, Nigeria en tientallen kleinere landen „is essentieel om tegenwicht te bieden aan ongewenste geopolitieke ontwikkelingen”.

Het geeft inderdaad geen pas om ambassades en consulaten in het Mondiale Zuiden te sluiten, terwijl concurrerende ‘invloedssferen’ (China, Rusland, Iran, Turkije) hun positie daar juist versterken. Als relatief klein en economisch open land is Nederland als geen ander gebaat bij een stabiele internationale rechtsorde. En bij warme banden met landen die niet per se op zitten te wachten om te worden gedomineerd door grootmachten met een (al dan niet volledige) autocratische inborst.

Invloed uitoefenen gaat niet alleen over ambassades en diplomaten, maar ook over geloofwaardigheid. Als het om asielzoekers gaat is Nederland, ook in de versie van Jetten en Bontenbal, voorstander van ‘opvang in de regio’. Nog los van de vraag of dit realistisch of redelijk is, kan zo’n concept alleen maar slagen op basis van oprechte samenwerking en met oog voor de grondoorzaken van migratie. Daarom is het goed dat Jetten en Bontenbal zich committeren aan de VN-norm voor ontwikkelingssamenwerking van 0,7 procent (waar Nederland al sinds 2013 onder zit) en erkennen dat opvang in de regio „een langetermijn opgave” is. Het is niet het toverstokje wat er vaak gemakzuchtig van gemaakt wordt.

Ook op het terrein van het internationaal recht spreken Jetten en Bontenbal ambities uit. De positie van Nederland als voorvechter van dat recht, met Den Haag als thuishaven van internationale gerechtshoven, wordt versterkt. Heel goed, maar de reputatie van Nederland heeft op dit vlak door Gaza een zware knauw gekregen. Hoe kun je het Russisch geweld in woord en daad veroordelen en tegelijk nauwelijks in actie komen als Israël straffeloos Palestijnen doodt? Juist in dat Mondiale Zuiden, bij die potentiële partners, wordt dit – terecht – onverteerbaar gevonden. Extra diplomatie is daar dubbelhard nodig.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Source: NRC

Previous

Next