Home

Gekmakend, als de wereld jouw seksuele verlangens als probleem ziet, zegt deze queer auteur

Justin Torres leidde als twintiger een leven van armoede en betaalde seks, tot bleek dat hij kon schrijven. In zijn nieuwste roman Blackouts, over een onderzoek naar homoseksualiteit uit de jaren veertig, vermengt hij fictie, naaktfoto’s en poëzie. ‘Ik heb een levenslange obsessie met queer geschiedenis.’

is mediaverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft vooral over televisie, podcasts en boeken.

Het levensverhaal van Justin Torres (45) is bijzonder. Hij groeide op in de jaren tachtig als jongste van drie zonen in een gezin in Baldwinsville, een gehucht in de staat New York. Rond zijn 17de vond zijn moeder zijn dagboek, ze sloeg het open en las daarin zijn fantasieën. Nadat die bleken te gaan over ruige seks met mannen, lieten zij en zijn vader hem een aantal maanden opnemen in een psychiatrische inrichting.

Zijn twintiger jaren bracht Torres grotendeels door in New York, waar hij arm was, veel drugs gebruikte en af en toe sekswerk deed om de rekeningen te betalen. Nadat een oudere man tegen hem had gezegd dat hij niet zijn hele leven cute zou blijven, besloot hij rond zijn 25ste mee te doen aan een schrijfcursus. Hij bleek getalenteerd en werd toegelaten tot de Iowa Writers’ Workshop, de oudste schrijfopleiding van de Verenigde Staten.

Zijn debuut, de autobiografische coming-of-ageroman We the Animals, katapulteerde hem naar literaire roem. Het boek is in vijftien talen vertaald, en ook de verfilming ervan werd lovend ontvangen. Cute zal Torres misschien niet zijn hele leven blijven, maar dat was hij toen het boek uitkwam, in 2011, nog wel: het tijdschrift Salon benoemde hem toen tot een van de meest sexy mannen van het jaar.

Het contrast tussen zijn vorige en huidige leven, waarin hij korte verhalen schrijft voor onder meer The New Yorker en voor literaire festivals de wereld rondreist, is groot. ‘Ik ben nu veilig’, zegt Torres – roestbruin jasje over lichtblauw spijkeroverhemd – in het Haagse cultuurcentrum Amare.

Dat neemt niet weg dat hij soms met weemoed terugdenkt aan de onveilige tijd. Met wijdopen ogen: ‘I am the queen of nostalgia. Mijn hele leven bestáát uit nostalgie, ik denk nostalgisch terug aan de glory days, maar ook aan de pijn. Pijn maakt de wereld overzichtelijker, je zintuigen verscherpen zich. Je denkt alleen maar: hoe ga ik mijn huur betalen? Hoe ga ik mezelf voeden?’

Hij wil de armoede en het drugsgebruik niet romantiseren, benadrukt hij. ‘Maar het is wel zo dat de momenten waarop je het meest lééft, vaak ook de momenten zijn waarop alles het meest instinctief is.’

Vliegt u nog weleens uit de bocht?

‘Nee, ik ben nu zo ongelofelijk saai. Ik woon nu even in Wannsee, het rijke deel van Berlijn. Dat is een heel ander Berlijn dan waar ik als twintiger naartoe zou zijn gegaan. Aan de American Academy werk ik daar aan mijn derde roman. Het kan allemaal niet respectabeler.’

Torres, universitair hoofddocent Engels aan de Universiteit van Californië – Los Angeles (UCLA), is in Den Haag op uitnodiging van het muziek- en literatuurfestival Crossing Border, waar hij komt vertellen over zijn tweede roman, Blackouts. Opnieuw is de ontvangst uitzinnig. Blackouts won een van de meest prestigieuze literaire prijzen van de Verenigde Staten, de National Book Award.

Blackouts zwelgt in de groteske schoonheid van menselijk verval’, schrijft The Guardian. ‘Het is een roman vol barmhartigheden en vernederingen, blauwe plekken en botten, de erotische verwevenheid van leven en dood.’ ‘Zonder twijfel de meest sexy roman van 2023’, aldus The Star Tribune, een krant uit Minneapolis.

Een beetje een puzzel

Het beschrijven van het boek, dat eind november in de Nederlandse vertaling van Gerbrand Bakker is verschenen, is ingewikkeld, zegt zelfs de schrijver ervan. Volgens hem is het ‘een beetje een puzzel’.

Behalve fraaie zinnen (‘Een zwerver ligt als een expert te slapen op een te smalle bank’) bevat het boek, en dit is een kleine greep, veel erasure poetry (pagina’s waarvan delen zijn weggelakt, waardoor een nieuwe tekst ontstaat), foto’s van naakte mannen en vrouwen, een anatomisch beeld van een vagina, een ‘mannelijkheids-vrouwelijkheidstest’, brieven en tekeningen uit kinderboeken.

‘Romanschrijvers verliezen de concurrentiestrijd van het scherm’, zei Torres in een eerder podcastinterview. ‘Maar wat een roman wel kan en een tv-serie niet, is een actieve houding vragen. Iedereen zal mijn boek op een andere manier lezen.’

Centraal in het verhaal van Blackouts staat een gesprek tussen twee personages: de verteller, een jongeman die nene wordt genoemd, en diens mentor, Juan Gay. Plaats van handeling is het sterfbed van Gay in ‘het Paleis’, een psychiatrische instelling in de woestijn. Om Gay te vermaken en in leven te houden, vertelt nene hem zijn ‘hoerenverhalen’. Op zijn beurt vraagt Gay aan nene om zijn grote project af te maken.

Waaier aan queers

Dat project draait om Sex Variants: A Study of Homosexual Patterns, een onderzoeksrapport uit 1948 dat echt heeft bestaan. Torres stuitte erop toen hij als twintiger in een boekhandel werkte. ‘Het voelde alsof ik een hele waaier aan queers ontmoette’, zegt hij. ‘De manier waarop zij met tederheid en ongefilterde openhartigheid over hun seks en seksualiteit spraken, vond ik fascinerend.’

De interviews waren met liefde afgenomen, viel Torres op. ‘De deelnemers spraken duidelijk in hun eigen taal. Er waren bijvoorbeeld hustlers die op straat sekswerk deden, die je kon herkennen aan hun rauwe, directe taalgebruik. Daarna volgde iemand uit een hogere klasse die veel netter sprak.’

Zo openlijk spreken over homoseksualiteit was eind jaren veertig zeldzaam, zegt Torres. ‘Het was baanbrekend. Ik raakte benieuwd naar de totstandkoming ervan en leerde dat de drijvende kracht hierachter Jan Gay was.’

Net als Torres heeft Jan Gay een bijzondere levensloop. Ze werd in 1902 geboren als Helen Reitman, de dochter van ‘zwerversarts’ Ben Reitman, de grote liefde van de beroemde anarchist Emma Goldman. Gay, die in 1927 voor een genderneutrale naam koos, stichtte een nudistenkolonie, schreef in 1932 het spraakmakende boek On Going Naked en woonde enige tijd samen met Andy Warhol. Torres: ‘Wat een leven hè?’

Had u het uzelf niet gemakkelijker kunnen maken door een fictieve versie van haar leven te schrijven?

‘Veel makkelijker! Ik kon alleen niet zo veel informatie over haar vinden. Met die geweldige figuren stond ze slechts zijdelings in contact. Haar vader verliet haar toen ze 2 was. En ja, Andy Warhol was een huisgenoot, maar ook zij kenden elkaar niet goed. In het nudistenkolonieboek zijn glimpjes van haar persoonlijke leven te vinden, maar ook niet meer dan dat.

‘Er zijn zoveel geweldige historische queerfiguren over wie veel meer materiaal te vinden zou moeten zijn. Als Jan Gay niet queer was geweest, als haar werk niet tegen haar gebruikt was, zou er over haar veel meer in de archieven hebben gestaan.’

Niet Jan Gay is de geschiedenisboeken ingegaan als de auteur van Sex Variants, maar de psychiater George Henry. In plaats van homoseksualiteit te vieren, zoals Gay had gewild, maakte Henry er een ziekte van. Torres: ‘Hij ging met haar onderzoeksmateriaal aan de haal en probeerde ermee te achterhalen hoe de pure, natuurlijke seksualiteit – de heteroseksualiteit – gecorrumpeerd kon raken.’

‘Het uiteindelijke onderzoek bestaat uit twee delen’, vervolgt hij. ‘Eerst wordt het verhaal van de geïnterviewde in de eerste persoon verteld. Daarna volgt een samenvatting van een arts die alles pathologiseert. Er was een stroming artsen die dacht dat de oorzaak van homoseksualiteit in het lichaam zat, dat het een genetische afwijking was. Eindeloos veel lichamen en genitaliën werden gemeten – puur eugenetisch denken. Anderen dachten dat de oorzaak psychologisch was en spraken bijvoorbeeld van ‘een geperverteerd moedercomplex’.

‘Ik raakte zo gefrustreerd door die giftige teksten dat ik ze met een markeerstift begon weg te strepen. Ik dacht: waarom maak ik er geen gedichten van, waarom laat ik de tekst geen dingen zeggen die nooit zo bedoeld zijn – precies wat de onderzoekers destijds óók met hun materiaal deden. Zo is de blackout of erasure poetry ontstaan.’

Bent u zelf met een markeerstift in de weer geweest?

‘Ja, in het boek ben ik daar ambigu over, maar dat kan ik nu wel toegeven.’

Als je goed kijkt, kun je de weggestreepte tekst soms net lezen.

‘Ik weet het, ik had hier nog een discussie met mijn redacteur over. Mensen gaan het proberen te lezen omdat je het een beetje transparant hebt gelaten, zei hij. Maar dat vind ik alleen maar leuk en kinky.’

Omdat u voortdurend feit en fictie vermengt, heb je als lezer geen idee wat wel en niet waargebeurd is.

‘Zekerheid vind ik een plaag. Kijk naar de hedendaagse politiek in mijn land. Je ziet daar alleen maar mensen die zeker zijn van hun zaak. Ze zijn er zeker van dat er maar twee genders zijn, ze zijn er zeker van dat ze anderen moeten demoniseren, er is geen enkele openheid voor ambiguïteit. Wat we volgens mij nodig hebben, is dat meer mensen durven zeggen dat ze iets gewoon niet weten, dat ze ergens langer over moeten nadenken.’

Op Crossing Border sprak ik kort uw vertaler, Gerbrand Bakker…

Hij onderbreekt. ‘Hij is geweldig! Op het festival hebben we gedronken en sigaretten gerookt. Hij was jurylid bij de Dublin Literary Award, waarbij je een gigantisch bedrag kunt winnen: 100 duizend euro, tien keer zoveel als bij de National Book Award. Ik was genomineerd, maar won helaas niet. Maar Gerbrand heeft er wel bij de uitgeverij op aangedrongen dat mijn boek naar het Nederlands werd vertaald.’

Bakker wilde weten in hoeverre de psychiatrische inrichting lijkt op die waarin u heeft gezeten.

‘Het Paleis, waarin het grootste deel van het boek zich afspeelt, lijkt er helemaal niet op. Dat is een dromerige, onaardse ruimte waarvan ik alleen maar wilde dat de lezer zou denken: wat ís dit voor plek?

‘Maar de instelling waar Juan en nene elkaar ontmoeten – tien jaar vóór het moment waarmee het boek begint – lijkt wel heel erg op die waarin ik zat toen ik een tiener was.’

Torres omschrijft de instelling als een gekkenhuis met een ‘litanie aan regelgevende geboden’. Schoenveters en scherpe voorwerpen als teennagelknippers worden achter slot en grendel bewaard en mogen alleen onder toezicht worden gebruikt. ‘Het was een chaotische omgeving met allemaal intense figuren’, zegt hij. ‘Wel was daar een oudere, zachtaardige man die op me lette. We hebben het er nooit over gehad, omdat ikzelf enorm worstelde met mijn schaamte, maar hij was duidelijk gay. Ik denk dat in hem een kiem van het personage van Juan zat.’

Moest u daar echt heen omdat u homo was?

‘Het was niet zo simpel. Alles was verwarrend, het is moeilijk er een duidelijke verhaallijn van te maken. Ik was in die periode erg depressief en mijn ouders waren overstuur, maar dat ik op jongens viel, had daar wel veel mee te maken.

‘Ze zeiden niet: ‘O, hij is homo, hij moet naar een gesticht.’ Het was meer: ‘Hij heeft het heel moeilijk en we zijn doodsbang, want we begrijpen niet wat er gebeurt.’

‘Toen vond ik dat een afschuwelijke fout. Ik was woedend en heb lang niet meer met ze gesproken. Het wás ook een verschrikkelijke beslissing, maar ik kijk daar nu milder op terug. Naarmate ik ouder word, ben ik minder zeker over alles. Ik heb nu veel meer empathie voor de angst die ze moeten hebben gevoeld om zo’n drastische stap te zetten.’

Voor de angst dat u homo zou zijn of depressief?

‘Beide, denk ik. Het was vooral de onzekerheid die ze niet aankonden.’

Torres’ ouders kwamen achter zijn geaardheid door zijn dagboek. ‘Ik had een catalogus geschreven van ingebeelde perversies en gewelddadige porno, met mezelf in het middelpunt’, schrijft hij in We the Animals. ‘En nu lag hij daar, op de schoot van mijn moeder.’

Schreef u daar in uw dagboek over in de wellicht onderbewuste hoop dat het zou worden ontdekt?

‘Bij ons thuis geloofde niemand in privacy. Mijn broers en ik leefden door onze stapelbedden letterlijk bovenop elkaar. Het zou absurd zijn geweest als ik had gedacht dat iets privé zou blijven.

‘Jaren geleden verloor ik het manuscript van een roman. Het stond op een laptop die ik in een trein heb laten staan. Toen kon ik niet geloven dat ik zoiets stoms had gedaan, maar later realiseerde ik me dat ik het toch een slecht manuscript vond. En als je iets niet durft weg te gooien, kan je onderbewustzijn heel krachtig zijn, toch?

‘Het omgekeerde kan denk ik ook waar zijn. Het kan goed dat je onderbewuste wíl dat iets wat je verborgen houdt, uiteindelijk gevonden wordt.’

U bent geboren in 1980, een jaar voordat aids werd ontdekt. Welke rol heeft dat gespeeld?

‘Het was een tijd van wreedheid en venijn, vanwege de aidsepidemie specifiek gericht op homoseksuele mannen. Ik groeide op in een klein stadje waar niemand ooit iets positiefs over ze zei. Zelfs de president van de Verenigde Staten maakte denigrerende grappen. Er waren ook geen inspirerende voorbeelden. Het eerste queer personage in een bekende tv-serie was denk ik halverwege de jaren negentig te zien.

‘Over queer geschiedenis leerde ik nooit iets. Het enige wat ik hoorde, was dat er een ziekte was die door homoseksualiteit werd veroorzaakt.

‘Zodra ik het huis uit ging en mijn eerste seksuele ervaringen had, wilde ik praten met de generatie die de plaag had overleefd. Maar de oudere mannen wilden gewoon verder met hun bestaan en hadden helemaal geen zin om daarover met me te praten. Ik denk dat die frustratie bij me heeft geleid tot een levenslange obsessie met queer geschiedenis.’

Niettemin zei u in eerdere interviews dat uw gay mentors belangrijk voor u zijn geweest.

‘Zeker als ik weer eens in mezelf verstrikt was geraakt, als ik weer bezig was met de pijn die mij was aangedaan, mijn isolatie en eenzaamheid.

‘Mijn mentors vertelden me dan dat dat soort gevoelens al lang onderdeel zijn van de queer conditie. Misschien moet je je niet alleen afvragen hoe jíj hiermee omgaat, zeiden ze dan, maar hoe ánderen dat hebben gedaan. Dat is denk ik de mooiste wijsheid die ik heb meegekregen: het advies om naar buiten te kijken, juist op de momenten dat de verleiding het grootst is om je naar binnen te keren. Verdiep je in de geschiedenis, in de grotere ideeën. Over de queer geschiedenis is zo veel interessants geschreven.’

Zoals?

Stone Butch Blues van Leslie Feinberg. Of Bastard Out of Carolina van Dorothy Allison. Dat zijn romans, maar ze zijn geschreven vanuit persoonlijke ervaringen. Ze zijn verdrietig en zwaar, maar de stijl, het vakmanschap, de schoonheid van het schrijven – dat allemaal tilt het op. Daardoor voel je je verbonden met de wereld. Als je verdrietig bent, hoor ik vaak, moet je iets vrolijks lezen. Dat vind ik onzin.’

Hoe kwam u met die oudere mannen in contact?

‘Er was een tijd dat de gay bar dé plek was waar iedereen kwam. Echt iedereen. Daar ontstond contact dat zich daarbuiten kon voortzetten. Ik heb daardoor veel mentors leren kennen. Soms waren dat oudere mannen met wie ik sliep, sommigen waren professor of docent, anderen weer iets anders. Ik heb daar zoveel geluk mee gehad.

‘Helaas zijn de gay bars langzaam aan het verdwijnen, ook door datingapps. Ik maak me weleens zorgen dat generaties daardoor steeds meer van elkaar gescheiden raken. Mensen spreken vooral nog mensen die maximaal vijf jaar jonger of ouder zijn.’

Een thema in Blackouts is de geïnternaliseerde schaamte en zelfhaat van queers. Heeft u die al overwonnen?

‘Alle queer personen op de wereld moeten onder ogen komen dat het overgrote deel van de wereld hun seksuele verlangens als probleem ziet. Voor sommigen is dat makkelijker te boven te komen dan voor anderen, maar het kan gekmakend zijn.

‘In het boek vraagt Juan aan nene hoelang hij heeft gedacht dat hij gek was. Hierop antwoordt nene: ‘Ben ik dat niet dan?’ Zo is het bij mij ook. Nog steeds denk ik dat ik gek ben.

‘Tegelijkertijd kun je zeggen dat de samenleving ziek is, zeker mijn samenleving. En wanneer alles om je heen ziek is, geldt het dan als verdienste om níét gek te worden? Of is denken dat je gek bent dan de enige passende reactie?’

Justin Torres: Blackouts. Cossee; 320 pagina’s; € 27,99.

CV Justin Torres

1980Geboren in New York.
2010Afgestudeerd aan Iowa Writers’ Workshop.
2011Debuutroman We the Animals; Op drie na meest sexy man van het jaar, volgens tijdschrift Salon.
2016Doceert creatief schrijven en Engels aan Universiteit van Californië - LosAngeles (UCLA).
2018Verfilming We the Animals.
2023National Book Award voor Blackouts.
2025Nederlandse vertaling Blackouts.

Justin Torres woont tijdelijk in Berlijn, waar hij werkt aan zijn derde roman.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next