Home

Diyaa uit Syrië is herenigd met vrouw en kinderen: ‘Het voelt hier veilig. En we zijn eindelijk weer samen’

De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Deze week: Diyaa is na bijna vijf jaar wachten eindelijk herenigd met zijn gezin.

is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie en de multiculturele samenleving.

De eerste dagen nadat zijn gezin was gearriveerd, kon Diyaa Ghanem het nog niet geloven. ‘Ik werd steeds midden in de nacht wakker’, zegt hij lachend. ‘Dan stond ik op om te kijken of mijn kinderen echt hier in bed lagen.’

Ze zijn er echt en ze zitten op deze zonnige middag naast Diyaa op de grijze hoekbank in zijn rijtjeshuis in Noordwijkerhout. Na bijna vijf jaar van hen gescheiden te zijn geweest, sloot Diyaa zijn vrouw Rania (46) en hun kinderen Nour (21), Bisan (22) en Shams (9) op 29 oktober op Schiphol weer in de armen. Voor het keukenraam hangen nog altijd de blauwe en zilveren ‘welkom thuis’-ballonnen.

‘Die laatste dagen voor vertrek waren heel stressvol’, vertelt Nour. De Nederlandse autoriteiten hadden al toestemming gegeven voor gezinshereniging, maar het Syrische paspoort van Nour was niet lang genoeg meer geldig om mee te kunnen reizen. En het bleek nog een heel gedoe om een geldig reisdocument te regelen. Dat moest vanuit Libanon, waar Diyaa’s gezin een half jaar geleden naartoe was gevlucht vanwege gewelddadige aanvallen op druzen, de etnische minderheid waar zij toe behoren.

Naam: Diyaa Ghanem
Leeftijd: 53
Komt uit: Al Suwayda
Woont in: Noordwijkerhout
Beroep: radiodiagnostisch assistent
In Nederland sinds: februari 2022

Beren op de weg

Diyaa was inmiddels wel gewend aan beren op de weg. Na zijn vlucht uit Syrië verbleef hij een jaar in Turkije, voordat het hem lukte naar Europa te reizen. Eenmaal in Nederland wachtte hij vijftien maanden op een asielstatus, de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) had nog eens twee jaar nodig om te beslissen over de aanvraag voor gezinshereniging. Tot slot duurde het nog enkele maanden voor Diyaa’s vrouw en kinderen hun visum bij de Nederlandse ambassade in Libanon konden ophalen.

Maar het is gelukt en het gezin kijkt vol optimisme naar de toekomst. ‘Ik had gehoord dat het moeilijk kan zijn voor vluchtelingen in Nederland’, vertelt Nour, die dankzij een onlinecursus die hij in Libanon volgde al een aardig woordje Nederlands spreekt. ‘Maar tot nu toe is iedereen heel vriendelijk.’ Bisan knikt instemmend: ‘Het voelt hier veilig. En we zijn eindelijk weer samen.’

Over deze serie
De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Alle afleveringen vindt u hier.

Ook de kleine Shams is bijzonder goed gemutst, niet in de laatste plaats omdat er een kerstboom in de woonkamer staat die ze mag versieren met lichtjes en glimmende ballen. Het is voor het eerst dat de Ghanems een kerstboom hebben. ‘We zijn niet christelijk of anderszins gelovig’, zegt Bisan lachend, ‘maar we vinden het een mooie traditie.’

Leren fietsen

‘Ik heb twee kinderen uit de buurt ontmoet in de speeltuin’, vertelt Shams, terwijl ze bij haar vader op schoot kruipt. ‘Ik kan nog niet met ze praten maar ik zei ‘hoi’ en ze zeiden ‘hoi’ terug.’ En ze heeft een step: ‘Fietsen moet ik nog leren.’ Bisan is blij dat haar zusje zo opgewekt is. ‘Ik heb haar in tijden niet zo ontspannen gezien. Het lijkt alsof ze ineens voelt dat ze weer kind kan zijn.’

Eind november hebben Rania en de kinderen hun burgerservicenummers gekregen, nu is het alleen nog wachten op de IND-identiteitspasjes. ‘Daarna kunnen we Shams op een school inschrijven’, aldus Diyaa. Shams gezicht betrekt als ze dat hoort. ‘In Syrië zijn leraren heel streng, ze slaan de kinderen en schelden ze uit, daarom wil Shams niet naar school’, legt Diyaa uit. Hij richt zich tot zijn dochter: ‘Hier zijn de scholen anders, je hoeft niet bang te zijn.’

Bisan en Nour kunnen juist niet wachten om naar school te gaan. ‘Ik denk erover om architectuur te gaan studeren’, zegt Bisan. ‘Of medische technologie.’ In Syrië deed ze economie, maar moest haar studie afbreken, omdat het te onveilig was om naar de universiteit te reizen. ‘En economie was niet mijn eigen keuze’, zegt ze. ‘In Syrië bepaalt de regering wat je studeert.’

Nour droomt er al zijn hele leven van om piloot te worden, maar dat is een dure opleiding. ‘Ik heb gehoord dat KLM beurzen heeft, dus ik wil naar een open dag om me daarvoor aan te melden.’ Een andere optie is eerst ict studeren, zoals hij ook in Syrië heeft gedaan. ‘In de ict-sector kan ik geld verdienen om te sparen voor een pilotenopleiding.’

Love will always find a way

Rania, gekleed in een witte trui met de tekst ‘love will always find a way’, is allereerst van plan om Nederlands te leren. ‘Daarna kijk ik verder.’ Ze is technisch tekenaar, in Syrië maakte ze bouwtekeningen voor overheidsgebouwen. ‘Maar de afgelopen vijftien jaar lag dat stil’, zegt ze. ‘Na het uitbreken van de oorlog werd er niet meer gebouwd.’

Rania heeft malfouf gemaakt, gevulde koolbladeren, voor de lunch. Er is ook kip, in de oven gebraden met paprika en kruiden, en aardappeltaart met walnoten. Over Nederland is Rania vooralsnog zeer te spreken. ‘Het is magisch hier’, vindt ze. Neem alleen al Noordwijkerhout: ‘Alles is opgeruimd, netjes en georganiseerd. En er is veel groen.’

‘Ik was helemaal vergeten dat Bisan geen kool lust’, zegt Diyaa, terwijl hij zijn bord vol salade schept. ‘Dat gebeurt als je elkaar lang niet ziet. Dan vergeet je dat soort dingen.’ Glimlachend kijkt hij hoe Shams met haar vork een stuk aardappeltaart ontleedt. ‘Ik heb mijn kinderen naar een veilig en gezond land gebracht’, zegt hij zacht. ‘Dat was de belangrijkste taak die ik als vader had.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next