Miljoenen tieners verslinden de avonturenromans van Katherine Rundell, haar serie Onmogelijke wezens (deel 2 is net vertaald) wordt door Disney verfilmd. Een gesprek over mythische wezens, lezen om de democratie te redden en de kracht van een goeie scheetgrap.
schrijft voor de Volkskrant over kunst, cultuur en moderne mores.
Kinderboeken schrijven is een risicovol vak. Katherine Rundell, de 38-jarige Britse leverancier van avonturen die inmiddels door miljoenen jonge tieners worden verslonden, houdt schouderophalend haar arm omhoog tijdens het interview via Google Meet; om haar linkerpols zit een verstevigd verband.
Het tweede deel van haar romanserie Impossible Creatures, The Poisoned King (vertaald door Jenny de Jonge als Onmogelijke wezens – De vergiftigde koning) is net verschenen, en ze werkt nu aan deel drie. Bij wijze van vooronderzoek ging ze de afgelopen dagen indoor skydiven, ‘vliegen’ in een windtunnel. Haar personages gaan namelijk vliegen door de wolken, en Rundell moest toch weten hoe dat voelt. Op de vraag of het de moeite waard was, zegt ze diplomatiek: ‘Als het over een maand nog niet is genezen, niet.’
Voor eerdere boeken kreeg ze les op de trapeze (De goede dieven), reisde ze naar de Amazone om piranha’s te vangen en te zwemmen met wilde dolfijnen (De ontdekkingsreiziger). Haar grote succes Rooftoppers (vertaald als Sofie op de daken) kwam voort uit een hobby die ze als student had: ’s nachts op de daken van Oxfords eeuwenoude gebouwen klimmen. Het is een oude traditie in Cambridge en Oxford, die Rundell, zelfs nu ze fellow is in Oxford, soms nog beoefent. Er zit een hoop magie en fantasie in haar boeken, maar om het te geloven moeten de details natuurlijk kloppen.
Rundell schrijft kinderboeken sinds de dag na haar 21ste verjaardag, toen ze katerig wakker werd en besloot dat het maar eens moest gebeuren met dat plan in haar hoofd. Daarnaast schrijft ze voor volwassenen; in 2022 publiceerde ze de biografie Super-Infinite over de 17de-eeuwse Britse dichter John Donne, waarvoor ze de prestigieuze Baillie Gifford Prize won; het prijsbedrag van vijftigduizend pond gaf ze aan vluchtelingenhulp en klimaatdoelen.
Ze schreef enkele vlammende betogen over de noodzaak kinderboeken te blijven lezen tot je 100ste, en haar eerste boek in de serie Impossible Creatures (2023), dat losjes is geïnspireerd op Donnes onafgemaakte gedicht Metempsychosis, over een immer reïncarnerende ziel, kwam in het Verenigd Koninkrijk direct op de bestsellerlijst van verschillende kranten. In de VS belandde het op de eerste plaats van de kinderboekenbestsellerlijst van New York Times, waaruit het sindsdien nog niet is verdwenen.
Ondertussen is hoofdpersoon Christopher, die in een archipel belandt vol echte en mythische wezens die hij moet redden van vernietiging, al een nieuw avontuur aangegaan in Onmogelijke wezens – De vergiftigde koning. Daarin wordt hij begeleid door een minuscule draak met een napoleoncomplex en een woedende prinses. De parallelle wereld bevat waternimfen en vuurvogels, kleine eekhoornachtige ratatosks die bijzonder goed zijn in het verspreiden van roddels, sfinxen, feniksen en chimaera’s met de hoofden van een slang, een geit en een leeuw die het zelden met zichzelf eens kunnen worden.
Tussen de aanvraag voor dit eerste Nederlandse interview met Rundell en het gesprek kwam er bovendien nieuws: filmgigant Disney heeft de rechten gekocht van de hele serie Impossible Creatures, waarvan vijf boeken en dus ook vijf live-actionfilms zullen verschijnen. Rundell schrijft zelf de scripts voor de eerste twee delen.
In uw betoog Waarom je kinderboeken moet lezen, zelfs al ben je oud en wijs, sprak u over de geschiedenis van de scheetgrap. Wat is de kracht van de fart joke?
‘Als je voor kinderen schrijft, probeer je ze mee te trekken naar het diepe plezier in verhalen en ideeën. Maar je moet ze ook tegemoetkomen. Een goede grap is een saluut aan de intelligentie van een kind. Je zou een academische studie kunnen verrichten naar de scheetgrap, die inderdaad al voorkwam in de oudste verhalen, en ook in het werk van Shakespeare. Hoe het de schone ruimte verstoort, hoe een kind dat geen invloed heeft op zijn omgeving er toch de kamer mee kan opschudden. Maar voor kinderen is de scheetgrap gewoon hilarisch.’
Uw vader werkt in de internationale hulpverlening, u groeide op in drie landen: Zimbabwe, België en het Verenigd Koninkrijk. Werd er in die landen verschillend met kinderen omgegaan?
‘Wij vertrokken rond mijn 8ste vanuit Engeland naar Harare, waar mijn moeder opgroeide. Tot mijn 14de woonde ik er, en het had invloed op me omdat het er zo schitterend en vrij is. Dat komt ook door de Zimbabwaanse houding ten opzichte van de kindertijd; ze zijn er veel ontspannener. Mijn moeder liet ons vrij buiten spelen zonder dat er veel op ons werd gelet. Dat vereist grote moed van ouders.
‘Als kinderen zelf spelen, bedenken ze hun eigen vermaak. Natuurlijk zijn er dan risico’s. Maar er is ook meer vrijheid en autonomie, je leert met de wereld omgaan. Als er in Zimbabwe iets gebeurde met een kind, werd de schuld ook niet bij de ouders gelegd. Engeland is inmiddels zo ver verwijderd van die norm, dat als een kind iets overkomt, zelfs iets eenvoudigs als een pols breken omdat ie uit een boom valt, de ouders de schuld krijgen, in plaats van dat men zegt dat dat gewoon bij de ervaring van de jeugd hoort.’
De overgang naar Brussel zal een verrassing zijn geweest.
‘Ja, daarom zit er in elk van mijn boeken wel een grap over België. België heeft fantastische architectuur, heerlijk eten en een sterke burgerlijke moraal – dingen die totaal niet interessant zijn voor een tiener. Ik voelde me verslagen. Het was ook de eerste keer dat ik in aanraking kwam met westerse pubercultuur, die ik moeilijk te begrijpen vond. Ik zat op een internationale school met veel rijke leerlingen, waar cool en cynisch zijn de norm was en geld belangrijker dan moraal. Het zal je niet verbazen dat ik vluchtte in boeken.’
Welke boeken hielden u overeind?
‘Ik sprong van Aldus sprak Zarathoestra van Nietzsche naar Jane Austen en Camus, ik las dikke 19de-eeuwse Anthony Trollope-romans en wisselde dat alles af met Beertje Paddington en jeugdromans. De eerste herinnering aan een eigen ontdekking was Nabokov.’
Wat doen de boeken van Nabokov met een tiener?
‘Mijn favoriet was Bleek vuur (1962), en ik denk dat het zit in de eenvoudige aanname van gelijkwaardigheid met de lezer. Nabokov gaat ervan uit dat je jezelf naar zijn niveau trekt, dat je de grappen gaat begrijpen en doorziet wat personages zeggen en wat er eigenlijk gebeurt. Als kind haatte ik het om neerbuigend behandeld te worden, meer dan wat ook, en ik merkte dat Nabokov de lezer aansprak op diens emotionele intelligentie. Kinderen hebben misschien nog geen kennis, maar wel intelligentie, dat hebben volwassenen niet altijd door.’
De Onmogelijke wezens-serie gaat over een parallelle wereld. In het eerste deel verdwijnt de magie uit de archipel, wat het leven aan alles dreigt te onttrekken. Waar kwam het idee van een wereld vol mythische wezens vandaan?
‘Ze bieden een spectaculaire mogelijkheid om na te denken over schoonheid en over de levende wereld. In mijn academische werk over de renaissance kom ik overal mythische dieren tegen. Ik ging ze op een gegeven moment verzamelen.
‘Mythische wezens worden soms ingezet om ons angst in te boezemen, soms om over genot en geluk te denken. We hebben de kraken (een zeemonster uit de Noorse mythologie, red.) omdat we bang waren voor de zee. We hebben de eenhoorn omdat er in de echte wereld de narwal is, met zijn gedraaide rechte hoorn, maar ook omdat we geloofden dat zo’n briljant wezen mogelijk was.
‘De lijn is ook dun. Eenhoorns zijn niet echt, en de feniks ook niet. Maar als ik je vertel dat er een vogel is die 2 miljoen kilometer vliegt zonder te stoppen en die, als ie zich wil wassen, met gestrekte vleugels door een regenwolk zweeft, dan lijkt dat ook onwerkelijk. Maar het is gewoon de gierzwaluw, die zien we elke zomer.’
De dreiging van vernietiging is steeds aanwezig. In deel twee zegt een van de personages: ‘De mens is niet te vertrouwen met bulken goud. Het vergiftigt hem.’ Hoe politiek is deze serie?
‘Heel. In Engeland is het woord ‘politiek’ soms een belediging, maar ik denk juist dat we meer politiek nodig hebben. Op zijn best komt politiek neer op het groepsgewijs oplossen van de grootste problemen van de mensheid, zonder geweld. In al mijn boeken zitten personages die zich verenigen om iets te fiksen.’
De vergiftigde koning is een soort wraakroman. Hoofdpersoon Anya is woedend – een vurige, obsessieve razernij. Het boek lijkt een ode aan de woede van een meisje.
Rundell schiet in de lach. ‘Dat is precies hoe ik het wilde. Zoals je misschien hebt gemerkt, is het in de kern een gendergespiegelde Hamlet. Er is een oom Claude die de koning vermoordt, en Anya, de kleindochter, zint op wraak. Hamlet doet of hij gek is, maar Anya doet dat niet. Zij doet alsof ze lief is. Ik ben dol op jonge vrouwen, ik ontmoet er veel, en ik heb nog nooit één meisje ontmoet dat door en door lief en schattig is. Ze hebben allemaal een vleugje furie. En terecht.
‘Hamlet kon geoorloofd woedend zijn. Maar we leven in een wereld waarin jonge vrouwen niet de ruimte voelen om hun boosheid te voelen en te uiten. Woede kan een mens vernietigen. Maar je kunt haar ook leren kennen en zorgen dat je haar de baas bent.
‘Alle jonge mensen hebben recht op woede, gezien de wereld die ze erven. En jonge vrouwen vooral, omdat hun vrijheden achteruithollen. AI werkt als een turbomotor op vrouwenhaat, jonge mannen worden met algoritmes gemanipuleerd tot seksisme. Meiden hebben goede redenen om te zoeken naar manieren waarop hun woede een schild en wapen kan zijn, en een gereedschapskist.’
In de meeste van uw boeken komen er behoorlijk volwassen problemen op de jonge personages af: lijden, wreedheid, corruptie, onrecht, sadisme. Hoeveel van de echtewereldproblemen kun je in een kinderboek stoppen?
‘Ik denk hier veel over na. Want ik wil waarachtig zijn en kinderen ook niet overweldigen. Maar we moeten kinderen niet onderschatten. Ze denken tóch wel na over de wreedheden in de wereld, ze worden er op allerlei manieren aan blootgesteld.
‘Deels neem ik het mee in mijn boeken omdat ik zelf verlies heb meegemaakt. Mijn pleegzus Alison stierf toen ik 10 was, zij was 16. Ze was een jaar ziek en het was verwoestend, ik heb moeten leren uit dat verdriet te kruipen. Sommige kinderen hebben zelf verlies en leed meegemaakt, sommige hebben reële angst om het mee te maken.
‘Boeken kunnen hoop bieden. Geen kleinzielige of neerbuigende woorden, maar robuuste hoop die weerbaar maakt en de belofte biedt dat er aan de achterkant van diep verdriet ook weer schoonheid en vreugde kan wachten.’
Op het moment van Anya’s wraak schrijft u: ‘Dapperheid is een onvoorspelbaar beest’. Vertel.
‘Dapperheid is zo’n dierbare deugd. Moeilijk aan te leren, en misschien geven we kinderen ook te weinig ruimte om daarin te oefenen. Literatuur is daar een prima plek voor, want kinderen leven met de personages mee. Dapperheid is onvoorspelbaar, omdat je nooit weet welke vorm zij zal aannemen als het eenmaal nodig is. Je hebt er moed voor nodig en ook een beetje grit, koppigheid om voorbij het comfortabele te gaan.’
Uw essay Waarom je kinderboeken moet lezen is onder meer een ode aan de kracht van sprookjes. U neemt het daarin op tegen schrijvers die neerkijken op kinderboeken. Zoals Martin Amis.
‘Ja, Martin Amis deed de beruchte uitspraak dat hij misschien een kinderboek zou schrijven als hij hersenletsel had. Een grove belediging van mensen die kinderboeken schrijven en van mensen met hersenletsel. Ik bewonder zijn werk, hij heeft een vastberaden geest. Maar hier maakt hij een denkfout. Natuurlijk zijn er ook slechte kinderboeken. Maar als je Alice in Wonderland of Max en de maximonsters of Pippi Langkous of alles van Ursula Leguin afwijst, negeer je verhalen die behoren tot het beste wat ooit op papier is gezet.
‘Die inschatting wordt vaak gemaakt. Mensen reageren anders als ik zeg dat ik aan Oxford renaissanceliteratuur onderzoek, dan wanneer ik zeg dat ik kinderboeken schrijf. Soms vragen ze doodleuk wanneer ik een écht boek ga schrijven. Maar ik kan niet zeggen dat ik me er druk om maak. Als we er niet in slagen kinderen te betoveren met het geschreven woord als bron van schoonheid, kennis en vrijheid, zijn we overgeleverd aan despoten.’
Er staat veel op het spel, stelt u in een recent pleidooi in The Times. Als kinderen stoppen met lezen, schrijft u, komt de democratie in gevaar.
‘We hebben geschreven teksten nodig om ingewikkelde ideeën uiteen te zetten en een echt debat te kunnen voeren. Lezen en schrijven vormen de kern van denken.
‘Als ik met mijn studenten spreek over het gebruik van ChatGPT, zeg ik: zou een atleet die wil leren sprinten, samenwerken met een bus? Natuurlijk leg je 10 kilometer sneller af in een bus dan wanneer je rent. Maar het ging nooit om die 10 kilometer. Het ging om stamina, conditie, kracht, en dat je leert waar je lichaam toe in staat is. Als we het vermogen verliezen om een intensieve tekst te lezen, en dat dreigt nu bij jongeren wereldwijd, vallen we ten prooi aan populisme en autoritaire leiders.’
Opmerkelijk is dat u in het pleidooi juist plezier tot de kern van lezen verklaart.
‘Zonder plezier blijft een vaardigheid niet bestaan. Dat is in Engeland onderzocht; toen onder premier Tony Blair de focus in educatie volledig op technisch lezen kwam te liggen, ging de leesvaardigheid aanvankelijk enorm vooruit. Maar acht jaar later las dezelfde groep jongeren nauwelijks meer. Dat was een schok. Daarom denk ik dat we plezier moeten gaan beschouwen als iets politieks, het moet de kern van een pedagogisch systeem zijn.
‘Ik hoor ouders geregeld zeggen tegen hun kind: dat moet je niet lezen, daar ben je te oud voor, of: dat is een stripboek en dat telt niet. Maar als je leert lezen door Het leven van een loser – heerlijke boeken vond ik dat – leer je ook.
‘Plezier is ook niet alleen lachen. Je kunt plezier ervaren in ontdekken, in merken dat je kennis en begrip opdoet. Boeken kunnen je nieuwe manieren aanreiken om stout te zijn of brutaal, om uitbundig te zijn en vrij.’
Uw boeken worden verfilmd door Disney, het bedrijf dat u in 2019 nog fel bekritiseerde vanwege de financiële drijfveren en omdat ze eeuwenoude sprookjes ‘schoonpoetsen’ tot brave versies.
‘Daarom schrijf ik de scripts zelf en produceer ik mee. Disney heeft een paar van de beste films aller tijden gemaakt, zoals Mary Poppins, en ik hoop dat deze films recht zullen doen aan mijn boeken, zonder dat de rauwe randjes eraf gezandstraald worden.’
We leven ook in een tijd dat auteurs soms hevige kritiek krijgen van lezers. Uw boeken hebben een duidelijke moraal. Vreest u dat uw lezers verwachtingen hebben van u als persoon, op basis van de boodschap in uw boeken?
‘Het is onvermijdelijk dat lezers de ideeën van de auteur willen verenigen met die in hun boeken. Niet dat dat ooit kan, want boeken representeren vaak het beste van ons. George Saunders zei ooit dat zijn boeken vriendelijker, grappiger en slimmer zijn dan hij. Ik ken hem en hij is dat in het echt ook allemaal, maar ik begrijp wat hij bedoelt.
‘Ik denk wel dat kinderen het recht hebben om iets te verwachten van de mensen die hun boeken schrijven. Het klimaat houdt mij het meest bezig, dus ik probeer daarnaar te leven. Niet omdat ik een rolmodel wil zijn, maar om ethische redenen.’
Rundell denkt al pratende na en pauzeert even.
‘Maar ik wil hier wel aan toevoegen dat we ook klem zitten. De nadruk die op individuele verantwoordelijkheid wordt gelegd, is een spectaculair geschenk voor overheden, banken, de fossiele industrie en grote bedrijven. Voor hen is het een triomf dat wat een systemisch, mondiaal, politiek en structureel probleem is, op de schouders is gelegd van individuele consumenten. Dus is op welke partij je stemt, uiteindelijk belangrijker dan je engagement.’
Katherine Rundell: Onmogelijke wezens – De vergiftigde koning. Uit het Engels vertaald door Jenny de Jonge. Luitingh-Sijthoff; 285 pagina’s; € 19,99.
CV Katherine Rundell
1987 Geboren in Kent, Verenigd Koninkrijk.
2005-2008 Studeerde Engelse literatuur aan Oxford.
2011 Cartwheeling in Thunderstorms (vertaald als Het wilde meisje, 2022).
2013 Rooftoppers (Sophie op de daken, 2020), Waterstones Children’s Book Prize, Blue Peter Book Award.
2015 The Wolf Wilder (Feo en de wolven, 2018).
2017 The Explorer (De ontdekkingsreiziger, 2019), Waterstones Children’s Book Prize.
2017 One Christmas Wish (De Kerstwens, 2024).
2019 The Good Thieves (De goede dieven, 2021).
2019 Why You Should Read Children’s Books, Even Though You Are So Old and Wise,(Waarom je kinderboeken moet lezen, zelfs al ben je oud en wijs, 2025).
2022 The Golden Mole (een bestiarium); Super-Infinite: The Transformations of John Donne (biografie), Baillie Gifford Prize voor non-fictie.
2023 Impossible Creatures (Onmogelijke wezens, 2024), Barnes & Noble Children’s Book of the Year, Waterstones Book of the Year.
2025 Impossible Creatures: The Poisoned King (Onmogelijke wezens – De vergiftigde koning, 2025).
Rundell is Domus Fellow aan St. Catherine’s College in Oxford en woont in Londen met haar partner, film- en literair agent Charles Collier en zijn 14-jarige dochter.
Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant