schrijft over film en televisie en is eens in de vijf weken tv-recensent.
Is Sterren op het doek het ‘grootste ijdeltuiterijprogramma’ op de Nederlandse televisie, zoals gast Ruben Nicolai beweert in het introfilmpje van het programma?
Misschien komt het omdat ik nog in een Barney-roes zit, maar van de veel te vele interviewprogramma’s met Bekende Nederlanders is Sterren op het doek toch een van de meer doeltreffende. Zeker wanneer ze geconfronteerd worden met drie altijd opzienbarende geschilderde versies van zichzelf.
Maar het programma verdwijnt na dit seizoen (voorlopig), en dat is zonde. Ook de aflevering van zaterdag was haast een kunstwerk op zich. Zo’n programma valt of staat met een goede gast, en dat zat zaterdag met dartlegende Raymond ‘Barney’ van Barneveld helemaal goed.
Bij BN’ers bestaan er vaak meerdere gradaties in eerlijkheid. We zien meestal de sociaal plichtmatige ‘hoe ist met jou, met mij ist goed’-eerlijkheid, óf de ultieme tv-eerlijkheid: een ontroerend verhaal met een tranenquotum van minimaal drie minuten.
Ik zou daar vanaf nu graag de Barney-eerlijkheid aan willen toevoegen, een heel eigen categorie waarin geen zielenroersel te gek is. Dat begon al in de openingsminuten. Barney vertelde vrolijk over het laten tatoeëren van zijn haar (‘één keer per jaar een apk’tje om het op te vullen’). En op de vraag van een van de kunstenaars of hij ‘meer is dan alleen darts’: ‘Jazeker, ik ben vijf keer opa en hou van hobby’s en verzamelen. Van die poppetjes van Marvel en Star Wars. En ik vind het leuk om met Lego te bouwen, lekker even tot rust komen.’
Maar vijfvoudig wereldkampioen Barney vertelde ook behoorlijk openhartig over al zijn worstelingen. Op school had hij eigenlijk nooit vriendjes en vriendinnetjes gehad, toen hij jong was lukte ‘niets’, en lang bleef hij een gefrustreerde postbode omdat een dartdoorbraak uitbleef. ‘Voor mijn gevoel was ik altijd een mislukkeling, ik kon nooit iets goed doen.’
Voor Barney leek het soms alsof hij geboren was voor het ongeluk: ‘Ik moet vandaag naar deze tv-opname en mijn auto start niet. Ik heb die auto anderhalf jaar en er is nooit iets geks gebeurd, tot vandaag.’
Presentator Özcan Akyol: ‘Denk je dan weleens: dit komt omdat ik Raymond van Barneveld ben?’
Van Barneveld: ‘Soms wel.’
Toen hij uiteindelijk een van de portretten moest kiezen, was hij bang om de kunstenaars teleur te stellen, maar kon hij zijn eerlijkheid wederom niet onderdrukken. Hij baalde ervan dat hij op elk schilderij opzij keek in plaats van vooruit. Op één schilderij vond hij zijn gezicht ‘een beetje AI’. Uiteindelijk koos hij voor een portret met een tijger. Dat was logisch, omdat hij meermaals had benadrukt dat hij ‘iets met tijgers heeft’ (Eye of the Tiger is zijn opkomstlied bij het darten).
Als het ‘grootste ijdeltuiterijprogramma’ op de Nederlandse televisie zulke mooie, eerlijke gesprekken oplevert, heeft het programma wat mij betreft nog genoeg toekomst.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant