Van een glimmende Premier League-beker naar een gifbeker die maar niet leeg lijkt te raken: in een halfjaar tijd is de stemming bij Liverpool radicaal omgeslagen. De vraag is nu of het trainer Arne Slot nog op tijd lukt het tij te keren.
Terwijl de spelers en de complete bank van PSV elkaar na het vierde doelpunt van pure vreugde in de armen vallen, staat Arne Slot een paar meter verderop in zijn eentje verstijfd langs de zijlijn. Alleen zijn ogen schieten van links naar rechts, wanhopig op zoek naar iets van houvast.
Een shock, zo omschrijft de zichtbaar aangeslagen trainer van Liverpool de 1-4-vernedering tegen PSV niet veel later, als hij in de krappe persruimte van het indrukwekkende Anfield is aangeschoven voor de persconferentie. Een shock voor iedereen: voor zijn spelers, voor hemzelf en ook voor de vele journalisten tegenover hem, zo vermoedt hij.
‘Dit had niemand verwacht’, zegt Slot voordat hij voor het eerst in zijn trainersloopbaan vragen over zijn positie op zich afgevuurd krijgt. Na jaren van voorspoed bij Cambuur, AZ, Feyenoord en ook in zijn eerste seizoen bij Liverpool staat hij plots voor de grootste beproeving in zijn carrière, amper zes maanden na het glansrijk behalen van de landstitel. Hoe zeker is hij nog van zijn positie? Voelt hij nog het vertrouwen van de clubleiding?
‘Het is niet zo dat de clubleiding elke dag drie keer belt om te zeggen dat ze me steunen, dat zou ook gek zijn’, zegt Slot. ‘Ik voel het vertrouwen, maar het zou wel prettig zijn als we dat kunnen omzetten naar goede resultaten, zoveel is duidelijk.’
De nederlaag in de Champions League tegen PSV is de zoveelste ferme tik die Slot en zijn ploeg in korte tijd moeten incasseren. Liverpool verloor zes van de laatste zeven duels in de Premier League en is afgezakt naar de twaalfde plek. Voor het eerst in elf jaar staat de club na twaalf speelronden zo laag, nog onder stadsgenoot en aartsrivaal Everton, en dat doet pijn in het rode gedeelte van Liverpool.
Na de afstraffing tegen PSV typeren de Britse media de implosie van Liverpool als een van de ‘grootste ineenstortingen in het moderne tijdperk’ en vragen ze zich af of de geplaagde trainer het tij nog kan keren.
‘Als je veel verliest, ga je op zoek naar antwoorden. Maar dat is niet zo makkelijk als het lijkt’, zegt Slot. ‘Anders had ik die antwoorden wel gebruikt om ervoor te zorgen dat we weer zouden winnen.’
Het contrast met ruim een jaar geleden is levensgroot. Slot werd aangesteld als de opvolger van de immens populaire Jürgen Klopp, die met Liverpool de Premier League en de Champions League had gewonnen. Maar tot ieders verbazing overtrof Slot alle verwachtingen door zonder noemenswaardige versterkingen als eerste Nederlandse trainer direct de landstitel in Engeland te veroveren.
Liverpool wilde dit seizoen doorbouwen op het succes. Mede daarom investeerde de club voor bijna 500 miljoen euro in voornamelijk aanvallende spelers. Met het aantrekken van onder anderen Hugo Ekitike (95 miljoen), Florian Wirtz (125 miljoen euro) en Alexander Isak (145 miljoen) streefde Slot ernaar nog dominanter te zijn en wedstrijden makkelijker te winnen, met meer doelpunten verschil.
Maar tot dusver leveren de peperdure nieuwelingen niet, of is het Slot nog niet gelukt om ze goed in te passen. Tegen PSV ontbrak Wirtz vanwege een blessure, terwijl de ingevallen Isak zich een halfuur lang als een spook over het veld bewoog.
‘Het is een van de onverwachte problemen waar Slot momenteel tegen aanloopt’, zegt de Britse journalist Andy Hunter, die Liverpool namens kwaliteitskrant The Guardian al jarenlang op de voet volgt, in een van de smalle vertrekken van Anfield.
Dat ziet ook James Worthy. De Nederlandse auteur met een Britse vader is al zijn hele leven fervent Liverpool-fan; hij schreef vorig jaar het boek De eerste 100 dagen van Arne Slot, waarvoor hij drie maanden lang op en neer pendelde tussen Liverpool en het Overijsselse Bergentheim, de geboorteplaats van Slot. ‘Ik had niet verwacht dat door het toevoegen van betere muzikanten het orkest slechter zou gaan spelen’, zegt hij over de neergang van zijn club.
En dan is er nog de beoogde topmuzikant, Mohamed Salah. De 33-jarige Egyptenaar, voor wie de club afgelopen zomer alles in het werk stelde om hem te behouden, is nog maar een schim van de speler die hij vorig seizoen was. Slot houdt vooralsnog aan hem vast, terwijl Salahs prestaties al wekenlang voer voor discussie zijn. Tegen PSV sjokte hij het grootste gedeelte van de wedstrijd over het veld en in aanloop naar de 1-2 deed hij nauwelijks moeite om Mauro Junior af te stoppen.
Het heeft er mede voor gezorgd dat de goede sfeer weg is, meent de 45-jarige Worthy. ‘Dat is ook niet gek, natuurlijk. De laatste keer dat ik Liverpool zo slecht heb zien voetballen, had ik nog geen baardgroei. Het kampioenschap van vorig jaar lijkt een mensenleven geleden, zo snel gaat het in het voetbal. Daarom ben ik er ook zo gek op. Het ene jaar sta je met een glimmende beker op een dubbeldekker, en nog geen zes maanden later sta je in een leeg stadion met een gifbeker.’
Daarnaast passen tegenstanders zich tegen Liverpool aan, zeker in de Premier League, ziet Andy Hunter wekelijks. Om zich te wapenen tegen het vlotte combinatiespel bewegen de op papier mindere ploegen de andere kant op. Ze vallen terug op het aloude Engelse voetbal, met veel lange ballen, razendsnelle counters, fysieke duels en spelhervattingen.
‘Slot weet de problemen haarfijn te benoemen, maar heeft nog geen oplossing gevonden, dat is de voornaamste kritiek’, zegt de journalist. Het zorgt voor zichtbare twijfels bij de trainer, die een mindere fase bij zijn voorgaande clubs altijd snel een halt wist toe te roepen.
‘Ook nu dacht ik dat het wel goed zou komen door tactisch wat aan te passen, of met een enthousiasmerende speech’, zei Slot een dag voor de wedstrijd tegen PSV.
Het is de tol die Liverpool betaalt voor het eigen succes, meent Worthy. ‘Liverpool is net als Feyenoord een underdogclub. We zijn het sterkst als men ons onderschat. Maar niemand onderschat de landskampioen. Alle clubs hebben dit seizoen een waterdicht tactisch plan dat ons gemakkelijk tot zinken brengt. Arne is geen mysterie uit Bergentheim meer. Ze hebben hem bestudeerd, waardoor voorspelbaarheid op de loer ligt.’
In zijn boek vraagt Worthy zich af hoe Slot zich zal presenteren als het iets minder goed gaat en de kranten een krater in zijn vertrouwen schrijven. Het antwoord volgt tijdens de persconferenties rond de wedstrijd tegen PSV. Ook in het oog van de storm blijft hij kalm, blijft hij in volzinnen spreken en de boel analyseren. Hij vindt het ‘niet overdreven moeilijk om de rust te bewaren’. Het zit naar eigen zeggen een beetje in zijn karakter.
‘In Nederland zijn we daar dol op, dat nuchtere. Maar in Engeland kan kalmte ook als desinteresse gezien worden’, zegt Worthy. Volgens hem storen veel fans zich aan de kalmte van Slot. ‘Als je verdwaald bent, moet je gaan schreeuwen en hopen dat iemand je hoort. Daarom waren de fans zo dol op Klopp. Hij was theatraal en episch. Alles was opera bij de Duitser. Er was vuur, er waren vonken. Slot blijft koel, hij blijft zichzelf.’
In Liverpool waart de geest van Klopp nog altijd rond. Zijn beeltenis prijkt op de gevel van een van de arbeidershuizen die letterlijk in de schaduw van Anfield liggen. En voor de wedstrijd tegen PSV kunnen fans buiten het stadion voor 5 pond op de foto met de Champions League- en Premier League-beker die de club onder zijn leiding won. Op een rode wand prijkt de tekst ‘Jürgen reminded us of who we’ve always been’.
Onderwijl klinkt steeds nadrukkelijker het geluid dat Slot in zijn eerste seizoen heeft geprofiteerd van het fundament dat zijn voorganger legde. De waardering die Slot kreeg voor het behalen van de titel zonder grote aankopen, keert zich nu als een boemerang tegen hem.
‘Hij was vorig jaar wel de trainer, maar het was niet zijn team dat de titel pakte’, zegt Liverpool-supporter Shaun Kelly. ‘Hij werd kampioen met het elftal van Klopp. Nu hij het zelf moet doen, lukt het niet.’
Jarenlang had de 38-jarige fan een seizoenkaart op The Kop, de befaamde tribune achter het doel waar de fanatiekste aanhang zich ophoudt. Tussen de big boys, zoals Kelly het zelf omschrijft. Maar nu hij twee kinderen heeft, heeft hij minder tijd en gaat hij nog een paar keer per seizoen kijken. Een dag voor de wedstrijd blijkt hij over een voorspellende gave te beschikken. ‘Ik denk dat we verliezen tegen PSV. We zijn shit op dit moment.’
Toch is er ook waardering voor het werk van Slot. Terwijl in de slotfase tegen PSV een deel van de supporters het stadion al heeft verlaten, zetten de fans die trouw op hun stoel zijn blijven zitten massaal You’ll Never Walk Alone in.
‘We blijven vechten om ons te verbeteren’, belooft Slot na afloop. Een dag ervoor heeft hij al gezegd: ‘Onze prestaties zijn ver beneden de standaard van Liverpool, en ver beneden de standaard die ik mezelf opleg.’
Maar het zijn niet de tegenvallende sportieve prestaties die de grootste schaduw over het seizoen werpen. Afgelopen zomer verongelukte Liverpool-speler Diogo Jota. Voor het stadion is er nog altijd een grote herdenkingsplek voor de aanvaller.
Ook de selectie van PSV legde er een dag voor de wedstrijd een krans, te midden van talloze andere bloemen, shirts, sjaals en zelfs een gamecontroller – behalve van voetbal was de 28-jarige Portugees gek van gamen.
Hoewel Slot al vaker benadrukte dat hij de dood van Jota niet wil opvoeren als excuus voor de tegenvallende resultaten, heeft het verlies de club tot in het diepst van haar ziel geraakt. Bij elke thuiswedstrijd gaat het publiek in de twintigste minuut – naar het rugnummer van Jota – staan en wordt er massaal voor hem geklapt. Ook tegen PSV.
‘Deze club is niet alleen gewend aan glorieuze momenten, maar ook bekend met moeilijkere tijden, zowel op als naast het veld’, zegt Slot, waarmee hij ook verwijst naar de Hillsborough-ramp in 1989, waarbij 96 Liverpool-supporters het leven lieten. ‘Hoe moeilijker de club het heeft, hoe meer de mensen hier samenkruipen.’
Hij ervaart het naar eigen zeggen zelf, nu hij in een sportieve crisis is beland. Ridiculous, noemt hij de resultaten van de afgelopen maanden – belachelijk, dus. ‘Maar als je het ergens moet meemaken, dan graag bij Liverpool. Al had ik zelf ook niet verwacht dat ik ooit in deze situatie terecht zou komen. Zeker niet bij Liverpool, waar ze niet gewend zijn om te verliezen, laat staan regelmatig te verliezen.’
Daarbij vertrouwt Slot op de steun van de clubleiding, die er niet om bekendstaat dat ze een trainer snel op straat zet, meent Hunter. Maar volgens de journalist van The Guardian hebben de afgangen in eigen stadion tegen Nottingham Forest (0-3) en PSV (1-4) de druk wel flink opgevoerd.
Worthy: ‘Als we zo doorgaan, wordt de kans steeds groter dat ik De laatste 100 dagen van Arne Slot moet gaan schrijven.’
De tijd dringt, beseft ook de hoofdpersoon zelf. ‘In de voetballerij is het normaal dat er over de positie van een trainer wordt gesproken als een club zo veel wedstrijden verliest’, zegt Slot, die zondag in de Premier League op bezoek gaat bij West Ham United. ‘Je kunt niet blijven zeggen: we zijn vorig jaar kampioen geworden. Dus ja, het wordt tijd dat we weer wedstrijden gaan winnen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant