Home

Oud-Kamervoorzitter Bergkamp wordt vrijwel zeker niet vervolgd in zaak-Arib

De kans is uiterst klein dat voormalig Tweede Kamervoorzitter Vera Bergkamp (D66) door de Hoge Raad vervolgd wordt voor mogelijke betrokkenheid bij het lekken van informatie die tot de val van Khadija Arib heeft geleid.

is politiek verslaggever van de Volkskrant.

Dat blijkt uit een brief van de werkgroep onder leiding van Caroline van der Plas (BBB). Die moet namens de Tweede Kamer uitzoeken wat de rol van de politieke hoofdrolspelers is geweest in de affaire-Arib. Maar de werkgroep adviseert de Kamer ook welk traject doorlopen moet worden om tot een vervolging van Kamerleden over te gaan.

Dat Bergkamp met de schrik vrij lijkt te komen, heeft de Tweede Kamer aan zichzelf te danken. De Kamer is twee procedures begonnen, waarbij één procedure, het besluit tot vervolging, binnen vijf maanden tot een aanklacht moet leiden. ‘Zelfs met een heel krap tijdschema zal er te weinig tijd resteren om een adequate invulling te geven aan een commissie van onderzoek die de Wet Ministeriële Verantwoordelijkheid voorschrijft’, aldus Van der Plas.

Nieuw kookpunt

In september van dit jaar kwam de affaire tot een nieuw kookpunt. Uit onthullende feiten uit het strafdossier van de voormalig woordvoerder van Bergkamp bleek dat de rol van de oud-Kamervoorzitter in het lekken van vertrouwelijke informatie naar NRC groter was dan bekend. Zij bleek in de tijd rond het lekken veelvuldig contact gehad te hebben met de voormalige ambtelijke top en met haar woordvoerder, die samen intensief contact hadden met NRC. Ook wiste zij mails en appjes die relevant konden zijn voor het rijksrechercheonderzoek.

Het strafdossier is echter beperkt in het oordeel over de betrokkenheid van Bergkamp. Dit omdat het Openbaar Ministerie niet bevoegd is strafrechtelijk onderzoek te doen naar Kamerleden. Dat kan wel als ten minste vijf Kamerleden een aanklacht formuleren en een meerderheid van de Kamer besluit om de Hoge Raad tot vervolging te laten overgaan.

Ambtsmisdrijf

Op basis van het strafdossier en de gelekte verhoren vond in ieder geval PVV-Kamerlid Gidi Markuszower dat er genoeg aanleiding was om Bergkamp te vervolgen voor het plegen van een ambtsmisdrijf. Samen met vier andere PVV’ers formuleerde hij op 4 september het verzoek om de procedure te beginnen die tot vervolging bij de Hoge Raad moet leiden.

Volgens de wet zou vervolgens Bergkamp op deze aanklacht moeten reageren. Als een Kamermeerderheid besluit de Hoge Raad in te schakelen, moet een Kamercommissie met dezelfde bevoegdheden als een enquêtecommissie feiten en inlichtingen verzamelen, onder meer door mensen onder ede te horen. Vervolgens moet binnen vijf maanden een aanklacht geformuleerd zijn. Voor Bergkamp ligt de deadline op 4 februari 2026.

Deze stappen heeft de Kamer overgeslagen, omdat het de voorkeur gaf aan het BBB-voorstel om een werkgroep, zonder enquêtebevoegdheden, dat feitenonderzoek uit te laten voeren.

Geen tijd

De werkgroep-Van der Plas is deze dinsdag begonnen en concludeert nu dat twee trajecten elkaar doorkruisen: die van de werkgroep en van een nog op te richten commissie. In de brief komt de werkgroep tot de conclusie dat er nagenoeg geen tijd meer is om een ordentelijk proces te doorlopen dat moet leiden tot strafrechtelijke stappen richting Bergkamp.

De Kamer moet nu drie routes afwegen. Als eerste: afzien van de aanklacht tegen Bergkamp. Een andere optie is alsnog akkoord gaan met het instellen van een commissie. De tijd is dan wel beperkt: slechts een aantal weken om een goede aanklacht te formuleren waar de Hoge Raad iets mee kan.

Als laatste kan de Kamer er niet over stemmen. Dan vervalt de aanklacht. Alleen het volgende kabinet, zeer waarschijnlijk onder leiding van Rob Jetten (D66), zou dan een besluit tot vervolging van Bergkamp kunnen nemen.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next