Handbal Handballer Lois Abbingh (33) schoot Nederland in 2019 naar een unieke WK-titel. Het WK in eigen land, dat donderdag begon, wordt haar laatste toernooi. „Lois wil zich te allen tijde bewijzen. Maar niet om in het middelpunt te staan, júíst niet.”
Lois Abbingh viert een doelpunt tijdens een wedstrijd tegen Angola op de Olympische Spelen in Parijs, vorig jaar.
Op papier was het een prachttransfer. In 2018 vertrok handballer Lois Abbingh (33) naar Rostov-Don, een Russische topclub. Ze zou er goed gaan verdienen, maar nog belangrijker: ze zou er Champions League kunnen spelen, een lang gekoesterde wens.
Joost Lieder – toen nog haar vriend, nu haar man – verhuisde met haar mee. Al snel merkten ze dat het leven in Rusland niet makkelijk was. Rostov bleek, ondanks een aantrekkelijke promotievideo, nogal grauw. „Erg Sovjet”, blikt Lieder terug, bij thee en speculaasjes in hun nieuwbouwwoning in Middenbeemster. Samen moesten ze met een vertaal-app in de weer, want niemand sprak Engels. De afstanden waren gigantisch. De sporthal, die ook dienst deed als ijshockeybaan, was koud. En geregeld viel de stroom uit, al was dat volgens Lieder ook wel weer knus. „Dan deden we kaarsjes aan en gingen we yahtzeeën.”
Haar nieuwe club presteerde in Abbinghs eerste jaar weliswaar goed, ze grepen net naast de winst in de Champions League, maar haar ontvangst was er koeltjes. „Die meiden speelden haar in het begin niet eens aan”, zegt Martine Smeets, die samen met Abbingh in het Nederlandse team handbalde en een goede vriendin werd. „Er was haat en nijd, veel onderlinge concurrentie.”
Nog vervelender was dat Abbinghs Spaanse trainer haar amper meer opstelde nadat hij ook bondscoach van Rusland was geworden. Haar Russische ploeggenoten hadden zijn voorkeur. Abbingh vond dat „heel moeilijk”, zegt Lieder. „Maar ze dacht ook: hoe ga ik hier kracht uit putten? Toen heeft ze echt haar zinnen op dat WK gezet.”
Hij bedoelt: het WK van 2019. Voor het eerst werden de handbalvrouwen toen wereldkampioen, Abbingh werd topscorer van het toernooi. Nog altijd is ze een van de dragende spelers in de Nederlandse ploeg: bij het WK in eigen land, dat donderdag begon, is ze aanvoerder van Oranje. Vrijdagavond is Argentinië de eerste tegenstander. Maar hierna stopt ze. Niet alleen als international, maar ook bij haar Duitse club Borussia Dortmund, als het seizoen voorbij is. Ook Estavana Polman kondigde aan dat ze na dit toernooi stopt bij Oranje.
Abbingh zal herinnerd worden als de vrouw die in de WK-finale van 2019 het winnende doelpunt maakte tegen Spanje. Dat kenmerkende snoeiharde schot, met nog maar zes seconden op de klok. Toch was haar rol in de halve finale minstens zo opvallend, zegt Smeets. De handbalvrouwen kwamen uitgerekend tegenover Rusland te staan, op papier de sterkere ploeg. Smeets: „Lois was zó gebrand om die wedstrijd te winnen. Ze nam ook echt de leiding: dit is hoe we ze gaan verslaan.”
Die vrijheid had ze van de bondscoach gekregen, zegt Lieder, want zij had de Russinnen van dichtbij meegemaakt. „Dan zet je Lois in haar kracht. Ze heeft een heel groot verantwoordelijkheidsgevoel.” Nederland won nipt, met 33-32. Abbingh – later topscorer van het toernooi – maakte er acht. „Dat was natuurlijk een vette sportieve revanche.”
Lois Abbingh (33) groeide op in Ten Boer, een dorp net buiten Groningen. Ouders, zusje, ooms, tantes, opa: in haar familie deed bijna iedereen aan handbal. Al snel bleek dat Abbingh wel érg goed was. Joop Fiege, handbalcoach bij de de club E&O in Emmen, werd over haar getipt door een andere trainer. „Ze zei: ik heb nóu toch een meisje. Lois was toen dertien. Ik vond dat wel wat jong, maar zag meteen dat ze talent had.” Voor haar leeftijd had ze een geweldig schot, zegt Fiege. „Er zit veel meer rek in haar pols dan bij een normaal mens.” Ze ging spelen voor E&O en paste zich moeiteloos aan haar 18- tot 25-jarige teamgenoten aan. „Ze was haar leeftijd ver vooruit.” Omdat haar ouders niet wilden dat ze in een gastgezin kwam, verhuisde het gezin mee naar Emmen.
Niet veel later kwam Abbingh ook bij de nieuwe handbalacademie op Papendal, vanaf haar vijftiende zat ze daar intern. Het was een kweekvijver voor een zeer succesvolle generatie, die niet alleen wereldkampioen werd in 2019, maar ook zilver (2015) en brons (2017) won, nog steeds de enige Nederlandse WK-podiumplekken. Op de handbalacademie leerde Abbingh Tess Lieder (voorheen Wester) kennen, die jarenlang keepte voor het Nederlandse team. Ze werden beste vriendinnen, later zelfs schoonzussen: ze zijn met twee broers getrouwd. Tess Lieder had Abbingh aan Joost voorgesteld, hun eerste gesprek ging over hun beider gescheurde kruisband. In 2022 bevielen Abbingh en Wester allebei van hun eerste kind.
Tess Lieder vond Abbingh als jonge speelster al „echt fantastisch”. „De manier waarop ze zich bewoog, het gemak waarmee ze kon schieten…” Ze was ook een meisje dat haar zaken op orde had, zegt ze. „Had ik een vijf gehaald op school, ging Lois weer met een negen naar huis.” In zes jaar tijd haalde Abbingh haar vwo-diploma, „ondanks alle hectiek van het handbal”, zegt haar vader Jans. Het typeert haar „winnaarsmentaliteit”. „Lois wil zich te allen tijde bewijzen. Maar niet om in het middelpunt te staan, júíst niet.”
Lois Abbingh in actie tegen Denemarken op het EK in 2024.
Op haar zeventiende vertrok Abbingh voor het eerst naar het buitenland, naar het Duitse VfL Oldenburg. Daarna volgden nog zeven clubs, door heel Europa. Dat heeft haar veel gebracht, zegt haar vader. „Wij zijn van nature niet extravert, maar Lois is daarin wel veranderd. Als haar nu iets niet zint, dan zegt ze het. Met name in Roemenië heeft ze dat geleerd. Daar werd het salaris niet altijd uitbetaald. In het begin vond ze dat moeilijk, maar op het laatst belde ze met de baas van de club: ik moet geld hebben.”
Smeets zag hoe Abbingh in het Nederlandse team met de jaren „steeds uitgesprokener” is geworden. Uit verantwoordelijkheidsgevoel, zegt ze. „Ze is naar de status van vedette gegroeid.” Nog steeds op de haar kenmerkende rustige manier. „Als Lois iets zegt, dan luisteren mensen. Juist omdat ze zo evenwichtig is. Je weet: dit is doordacht, hier heb ik wat aan.”
„Ik weet dat het haar veel energie kost”, zegt Tess Lieder over de rol van aanvoerder, die Abbingh ook bij de Olympische Spelen in Parijs al had. „Het is makkelijker als je alleen aan jezelf hoeft te denken. Maar ze doet het voor het team, dat vindt ze het belangrijkste.”
Even was het onzeker of Abbingh het WK wel zou halen. Ze had last van haar knie, zoals zo vaak. Blessures hebben Abbingh haar hele handballeven achtervolgd. Ze scheurde onder meer twee keer haar voorste kruisband af (links en rechts) en één keer haar achterste. Tegenwoordig stapt Abbingh, die weinig kraakbeen over heeft in haar knieën, altijd met pijn uit bed, zegt haar man Joost Lieder. Elke drie maanden krijgt ze plasma-injecties, die de klachten moeten verlichten. „Ze vindt het spelletje zó leuk dat ze zich daar doorheen knokt. Maar je komt wel op het punt dat dat steeds moeilijker wordt.”
Haar blessures is Abbingh altijd „met discipline” te lijf gegaan, zegt Tess Lieder. „Ik kan zelfmedelijden hebben, maar Lois denkt altijd: hoe krijgen we het zo snel mogelijk weer zo goed mogelijk? We zien later wel wat de schade is.” Lieder vraagt zich wel steeds vaker af of dat met het oog op de toekomst nou wel zo verstandig is. „We willen nog op skivakantie straks, maar ze zei laatst tegen me: ik weet niet of ik dat nog kan.”
De „kwaaltjes” zijn een reden voor Abbingh om binnenkort te stoppen, zegt haar vader. „Ze merkt ook dat haar spel veranderd is. Ze heeft niet meer dat harde schot waarmee ze groot is geworden.”
Het is eigenlijk een wonder dat Abbingh het met al die blessures zo lang heeft volgehouden op topniveau, vindt Smeets. Dat lukt haar ook omdat ze van positie is veranderd. Ze speelt niet langer links, maar verder naar achteren, in het midden van de opbouw. Tess Lieder: „Vroeger ging ze meer de duels in, nu is ze zich gaan focussen op het creatieve deel. De buitenwereld denkt misschien dat ze minder brengt, omdat ze minder doelpunten maakt, maar heeft dan niet door wat Lois betekent voor het team.”
Abbinghs plan was om de laatste periode van haar carrière te spelen in Noorwegen, bij topclub Vipers Kristiansand. Het liep anders. Vipers ging begin dit jaar failliet. Abbingh vond onderdak bij het (minder prestigieuze) Borussia Dortmund, de club waar Lieder ook speelt. Het was een nogal turbulente periode, zegt haar man Joost. „Bij Dortmund zijn ze heel blij met haar. Alleen: zij komt uit een verknipte situatie. Je hebt je kind net van het kinderdagverblijf gehaald. Je moet je verzekeringen regelen, je uitschrijven, inschrijven, een appartement vinden. Het is niet zo makkelijk om meteen goed te presteren.”
Of Abbingh er een beetje klaar mee is? Ja, zegt hij. Zeker ook vanwege hun driejarige zoontje Lev. „Moet je wéér zeggen: mama gaat een toernooi spelen en is twee weken weg.” En dan rijdt het stel ook nog af en aan tussen hun huis in Middenbeemster en hun huurappartement in Dortmund. „Het klinkt misschien heel saai”, zegt Lieder, „maar ze heeft er behoefte aan om elke dag thuis wakker te worden.”
Nederland zit in een poule met Argentinië, Egypte en Oostenrijk. Vrijdagavond speelt Oranje de eerste wedstrijd tegen de Argentijnen, zondag wacht een duel met Egypte. Het Afrikaanse land debuteert op het WK, mede dankzij de uitbreiding van het toernooi naar 32 teams. Op dinsdag volgt de laatste wedstrijd in de poule tegen Oostenrijk. De beste drie landen plaatsen zich voor de hoofdfase van het toernooi, waarin 24 landen over vier groepen worden verdeeld. De beste twee landen per groep gaan naar de knock-outfase.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC