nieuwsbriefKlimaat
Klimaat Valt er ook nog wat positiefs over Belém te zeggen? In deze nieuwsbrief lees je hoe experts en enkele andere media de top beoordelen.
Bij de inmiddels afgelopen klimaattop in het Braziliaanse Belém protesteerde de inheemse bevolking voor klimaatrechtvaardigheid.
Dat COP30, de klimaattop in Belém, niet heeft gebracht waar velen op hoopten, is wel zeker. Nog steeds wordt er niet serieus nagedacht over het einde van het gebruik van kolen, olie en gas. Terwijl twee jaar geleden tijdens de COP in Dubai al werd besloten dat landen gezamenlijk iets moeten bedenken om ‘afstand te nemen van fossiele brandstoffen’.
Je leest hier een verkorte versie van onze nieuwsbrief Klimaat. Voor iedereen die goed geïnformeerd over het milieu wil meepraten, versturen we die elke woensdag. Inschrijven (voor Plus-abonnees) doe je hier:Inschrijven voor Klimaat
„Het gat tussen de doelen die landen zichzelf stellen en het pad naar maximaal 1,5 graden opwarming is onverminderd groot. En geen enkele verwijzing naar een plan voor het stoppen met fossiele brandstoffen, cruciaal om dat gat te dichten, haalde de slotverklaring”, schreven mijn collega’s Laura Bergshoef en Laura Wismans in hun analyse.
Ook het commentaar van NRC ging over het feit dat sommige landen (lees: Saoedi-Arabië en Rusland) weigerden fossiele brandstoffen ter discussie te stellen. Met instemming werd Daniela Durán González, een afgevaardigde uit Colombia, geciteerd. Vlak voor het eind probeerde ze – zonder succes – nog met een interventie in de plenaire vergadering de zaak te laten kantelen: „een COP van de waarheid kan geen uitkomst accepteren die de wetenschap negeert. Volgens het [wetenschappelijk klimaatpanel] IPCC wordt bijna 75 procent van de CO2-emissies veroorzaakt door fossiele brandstoffen. Er is geen mitigatie mogelijk als we niet eens mogen praten over afstand nemen van fossiele brandstoffen.”
Je kunt je dus afvragen of klimaattoppen nog zin hebben. De visies daarop lopen sterk uiteen. Sommige experts denken dat de huidige onderhandelingen niet langer geschikt zijn voor de praktische aanpak van klimaatverandering die nu nodig is. Anderen vrezen juist dat zonder COP de kwetsbare landen helemaal geen stem meer zullen hebben.
In deze nieuwsbrief kijk ik hoe experts en enkele andere media de top beoordelen. Valt er ook nog wat positiefs over Belém te zeggen?
Brazilië wilde zich in COP30 niet langer richten op wat er moet gebeuren in de strijd tegen de opwarming van de aarde, maar op hoe het moet worden uitgevoerd. Dat schrijft de gerenommeerde denktank IISD, het Internationaal instituut voor duurzame ontwikkeling, in zijn analyse. Dit zou de COP van de ‘implementatie’ worden. Ambities omzetten in daden, daar ging het om.
Dat is maar half gelukt, vindt IISD-directeur Patricia Fuller. „Ondanks de diepe verdeeldheid in Belém, zagen we ook een sterke ambitie van landen om te blijven samenwerken aan de transitie weg van fossiele brandstoffen”, aldus Fuller. „Dit werk zal verder gaan na COP30.”
Brazilië is er niet in geslaagd om het woord fossiele brandstoffen in de slotverklaring op te nemen. Zelfs een verwijzing naar de discussie over de hervorming van subsidies voor fossiele brandstoffen heeft de eindtekst niet gehaald. Het IISD wijst wel op de ‘Belém Mission to 1.5’, waarin Brazilië en Australië (het land dat de onderhandelingen zal leiden in de aanloop naar de volgende top, die zal worden gehouden in de Turkse badplaats Antalya) samen nadenken over een manier om de ambitie en implementatie te vergroten van alle nationale plannen voor het terugdringen van broeikasgassen (NDC’s) en voor het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering (NAP’s). Maar het is, schrijft het IISD, nog volstrekt onduidelijk hoe de uitkomst van dit proces een plek zal krijgen in de formele onderhandelingen.
Datzelfde geldt voor de ‘Global Implementation Accelerator’, die de wereld zou moeten helpen om zicht te houden op een maximale opwarming van 1,5 graden. „Deze twee processen zouden, mits goed ontworpen en uitgevoerd, nog steeds stappen kunnen bieden op weg naar een routekaart voor de transitie weg van fossiele brandstoffen”, schrijft het IISD optimistisch.
The New York Times benadrukte in zijn analyse dat de Verenigde Staten de klimaattop hebben geboycot en dat juist die afwezigheid gevolgen heeft gehad voor de top zelf. Door het belang van klimaatonderhandelingen te bagatelliseren gaven de VS indirect een impuls aan de fossiele industrie.
De krant citeerde oud-vicepresident Al Gore, die in Belém zei: „Oliestaten en hun politieke bondgenoten doen er alles aan om te voorkomen dat de wereld vooruitgang boekt bij het oplossen van de klimaatcrisis. Ze verzetten zich fel tegen wat de belangrijkste stap voorwaarts zou zijn geweest tijdens COP30: de ontwikkeling van een routekaart om af te stappen van fossiele brandstoffen.”
Bovendien hadden de Amerikanen een belangrijke rol tijdens klimaattoppen, zelfs als hun eigen beleid niet erg was gericht op het reduceren van broeikasgassen. Ze probeerden altijd andere grote landen, vooral China, te bewegen om hun uitstoot sneller te verminderen. Op deze COP kon China nu vrijwel onzichtbaar blijven.
„De VS hebben zichzelf schade toegebracht door zich uit het proces terug te trekken”, concludeerde David Waskow van het World Resources Institute. „Ze waren er niet bij om een aantal andere economieën, zoals China, onder druk te zetten.”
Een woordvoerder van het Witte Huis had een heel andere kijk op de positie van de VS. Ze liet in een verklaring aan de NYT weten dat de president met zijn streven naar het gebruik van fossiele brandstoffen een sterk voorbeeld heeft gegeven. „President Trump is duidelijk geweest”, aldus de woordvoerder. „Hij zal de economische en nationale veiligheid van ons land niet in gevaar brengen door vage klimaatdoelen na te streven die andere landen de das omdoen.”
„Tientallen overeenkomsten werden op de laatste dag afgehamerd”, schrijft Jonathan Watts, verslaggever van The Guardian, „terwijl het meest collectieve deel van de mensheid werkte aan het oplossen van de meest complexe en gevaarlijke uitdaging waarmee onze soort ooit te maken heeft gehad.”Het onderhandelingsproces verliep chaotisch, aldus Watts, en dreigde uit te lopen op een mislukking. Pas na wanhopige onderhandelingen die tot in de vroege zaterdagochtend duurden werd er alsnog een akkoord bereikt. „Ervaren waarnemers vertelden me dat het Klimaatakkoord van Parijs aan de beademing lag. Maar het leeft nog. In ieder geval voorlopig.” Watts oordeelt uiteindelijk tamelijk mild over het resultaat. Want, schrijft hij, „elk beoordeling moet rekening houden met het geopolitieke mijnenveld waarin deze gesprekken plaatsvonden.”
Ook nieuwswebsite Bloomberg wees op de moeilijke politieke omstandigheden waarin deze top plaatsvond. De onderhandelingen hebben weliswaar een akkoord opgeleverd, „maar het uiteindelijke resultaat – het vermijden van een expliciete verwijzing naar fossiele brandstoffen – zal grote vragen oproepen over de effectiviteit van de internationale klimaatpolitiek.”
De gesprekken in Belém waren ook bedoeld als een soort weerlegging van het idee dat klimaatmultilateralisme niet langer houdbaar is, aldus Bloomberg. Ook al stemden bijna tweehonderd landen uiteindelijk in met „een document van acht pagina’s dat oproept tot sterkere inspanningen om nationale emissiedoelen te behalen en tot het verhogen van de financiële steun aan arme landen die hulp nodig hebben om zich te beschermen tegen toenemende hitte, stormen en droogtes”, de uitkomst kan de diepe breuken tussen de partijen niet verhullen.
Europa was op zichzelf aangewezen nu de VS, die in het verleden vaak gezamenlijk optrok met de Europeanen, de klimaattop aan zich voorbij lieten gaan, concludeert ook Politico. Volgens de nieuwswebsite had de EU „moeite om zich te verweren tegen de gezamenlijke druk van China, India, Saoedi-Arabië en andere opkomende economische grootmachten”.
Europa dreigde met een veto tegen de uitkomst, dat het op het laatste moment toch niet durfde door te zetten. Juist ook om het multilateralisme, dat het op dit moment zo moeilijk heeft, niet nog een extra klap te geven – waarmee in feite Donald Trump in de kaart zou worden gespeeld.
Politico citeerde Wopke Hoekstra, Eurocommissaris voor Klimaat, die zei: „We leven in ingewikkelde geopolitieke tijden. Dus het heeft intrinsieke waarde, hoe moeilijk ook, om te proberen er samen uit te komen. We gaan niet verbergen dat we liever een beter resultaat hadden gehad. Maar de wereld is zoals ze is, de conferentie is zoals ze is, en we denken dat dit per saldo een stap in de goede richting is.”
„Tien jaar geleden gingen wereldleiders een historische weddenschap aan”, schrijven klimaatwetenschappers John Rockström en James Dyke op wetenschapswebsite The Conversation. „Het Parijsakkoord uit 2015 had tot doel de mensheid te helpen om gevaarlijke klimaatverandering af te wenden. Nu de klimaatconferentie in Belém zonder daadkrachtige actie is beëindigd, kunnen we definitief zeggen dat de mensheid deze weddenschap heeft verloren.”
De opwarming kan niet langer onder de 1,5 graden worden gehouden, en Rockström en Dyke vragen zich af wat er komt „na deze mislukking”. Met ‘The Earth League’, een groep wetenschappers die samenwerken in onderzoek naar planetaire processen en duurzaamheid, zochten ze naar een antwoord. De resultaten publiceerden ze onlangs in een artikel getiteld Living beyond limits.
Daarin wordt uitgelegd dat de risico’s van het overschrijden van 1,5 graden veel verder gaat dan meer extreem weer. Het kan ook onomkeerbare gevolgen hebben voor grote ecosystemen als de Amazone, Groenland en West-Antarctica, die voor een stabiel klimaat van essentieel belang zijn. Het gaat hierbij al lang niet meer om gevolgen in de verre toekomst, maar om gebeurtenissen in de komende jaren en decennia.
André Nollkaemper, hoogleraar internationaal recht en duurzaamheid aan de Universiteit van Amsterdam, beoordeelt het resultaat van de COP op basis van de recente uitspraak van het Internationaal Gerechtshof over klimaat. Hij verbaast zich erover dat de slotverklaring met geen woord rept over het oordeel van het Hof.
Volgens Nollkaemper zijn vooral de bevindingen van het Hof over NDC’s in Belém genegeerd. Het Hof zegt dat NDC’s de hoogst mogelijke ambitie moeten weerspiegelen, in de loop der tijd veeleisender moeten worden en de wereld op koers moeten houden voor maximaal 1,5 graden opwarming. „Het advies maakt van NDC’s, die vaak werden gezien als louter vrijwillige beleidsinstrumenten, een vorm van wettelijke verplichting”, concludeert Nollkaemper. „De landen in Belém erkenden geen van deze juridische argumenten.”
In Belém was er veel aandacht voor het belang van bossen en er is een voorzichtig begin gemaakt met een fonds dat moet bijdragen aan de bescherming ervan. Wouter Peters, hoogleraar koolstofkringlopen in Wageningen, noemt het als een van de lichtpuntjes van de klimaattop.
Bossen nemen ongeveer een kwart van de menselijke CO2-uitstoot op en zijn dus onmisbaar in de strijd tegen klimaatverandering, schrijft collega Liza van Lonkhuyzen in de rubriek ‘Als het maar verandert’. Maar die sponswerking van bossen moet volgens Peters niet worden overschat. We mogen ons niet te gemakkelijk rijk rekenen.
„Het is ongelooflijk belangrijk bossen te beschermen en nieuwe bomen aan te planten. Netto verdwijnen er elk jaar nog altijd miljoenen hectare bos. Maar tegelijk kunnen we er minder van uitgaan dat bossen klimaatopwarming voor ons verzachten”, luidt de dubbele boodschap van Peters. Enerzijds kunnen bossen helpen klimaatverandering te voorkomen, anderzijds kan klimaatverandering de groei van bossen verstoren.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid
Source: NRC