Arbeidsmigranten Demissionair minister Mariëlle Paul moet zich in de Tweede Kamer verdedigen voor haar plotselinge koerswijziging rond arbeidsmigranten, twee weken na haar aantreden. NRC weegt haar drie belangrijkste argumenten.
Woningen van KaFra Housing in Venlo, waar plek is voor 800 arbeidsmigranten om te wonen.
Een „smerige gedachte”. Zo noemde demissionair minister Mariëlle Paul (Sociale Zaken, VVD) de suggestie dat ze gezwicht is voor de uitzendlobby. Ruim twee weken na haar aantreden zette Paul een streep door nieuwe regels die arbeidsmigranten per 1 januari beter moesten beschermen. Het duurde vijf weken tot ze de Tweede Kamer daarover informeerde, één dag na de verkiezingen. „De uitzendlobby @work”, schreef Pauls voorganger Eddy van Hijum (NSC) op LinkedIn.
Onzin, reageerde Paul voor de camera van de NOS. „Ik ben niet vatbaar voor welke lobbyclub dan ook.” Ze had Van Hijums plan teruggedraaid, zei ze, na lezing van „stapels rapporten, documenten, adviezen” waarin „iedereen andere inzichten” had. Van Hijum wilde af van de regeling waarmee werkgevers een kwart van het minimumloon van arbeidsmigranten mogen inhouden voor hun huisvestingskosten. Vanaf januari zou die regeling in vijf jaar volledig worden afgebouwd.
Donderdag moet Paul zich hierover verdedigen in de Tweede Kamer, en die zal veel vragen voor haar hebben. Waarom schrapte zij een plan dat al zo lang voorbereid was? Waarom deed ze dit als dubbeldemissionaire minister zonder overleg met de Tweede Kamer en betrokken organisaties? En waarom maakte Paul het pas een dag na de verkiezingen bekend?
Maar de minister zal ook inhoudelijk moeten verdedigen waaróm ze het plan introk. Haar belangrijkste drie argumenten deelde ze afgelopen donderdag al in een Kamerbrief. Wat vinden deskundigen en betrokken organisaties van deze drie argumenten?
Met Van Hijums plan krijgt de werknemer de beschikking over zijn volledige minimumloon, schreven ambtenaren op 23 september in een nota voor hun pas aangetreden minister Paul. „Maar géén dak boven z’n hoofd”, schreef Paul in de kantlijn.
De minister vreest dat werkgevers, meestal uitzendbureaus, arbeidsmigranten niet meer aan een huis willen helpen zodra ze de huur niet meer op hun minimumloon mogen inhouden. Nu weten ze tenminste zeker dat ze hun huur krijgen. Een voordeel waar andere huisbazen jaloers op kunnen zijn: die lopen het risico dat de huurincasso mislukt als de huurder te weinig geld op zijn rekening heeft.
Een ander voordeel dat uitzendbureaus nu hebben: als zij de huur in mindering brengen op het loon, hoeven ze ook minder werkgeverspremies af te dragen. In eerste instantie wordt alleen het nettoloon hierdoor lager, maar via een andere regeling mogen de huurkosten verrekend worden met het brutoloon. Afschaffing van deze regeling „raakt enorm aan het winstmodel”, zegt arbeidsjurist Imke van Gardingen van vakbond FNV.
Iedereen is het er dus over eens dat de huidige regeling voordeliger is voor uitzendbureaus. Maar gaan ze na afschaffing ook echt stoppen met het aanbieden van huisvesting, zoals minister Paul vreest, waardoor arbeidsmigranten zijn overgeleverd aan de krappe huizenmarkt en dakloosheid dreigt?
In de eerste nota aan minister Paul relativeren haar ambtenaren dit risico: werkgevers zullen toch willen dat hun werknemers een dak boven hun hoofd hebben, zeker als ze daar nog steeds geld mee kunnen verdienen, zij het wat minder dan nu. Uitzendorganisaties bestrijden dat. Volgens Jurriën Koops, directeur van brancheorganisatie ABU, verdienen de meeste uitzenders helemaal niet aan huisvesting. „Niemand gelooft dat, maar neem het van mij aan.”
De winst zit bij de eigenaar van de huisvesting en dat is in veruit de meeste gevallen niet de uitzender, aldus Koops. Die eigenaar stelt deze huizen volgens hem beschikbaar via afspraken met grote vastgoedpartijen. En die vastgoedeigenaren, vreest Koops, zullen terughoudender worden als zij straks, net als andere verhuurders, het risico lopen dat de huur niet betaald wordt. „Dan zullen zij zeggen: ik kan ook aan asielzoekers of statushouders verhuren, als mijn inkomsten dan zekerder zijn.”
Vakbond FNV en de Arbeidsinspectie spreken allebei wél van een verdienmodel dat minder aantrekkelijk gemaakt moet worden. In de „stapels rapporten” die minister Paul heeft gelezen, schrijft de Arbeidsinspectie dat deze regeling het beste in één keer afgeschaft kan worden. De inspectie noemt het een „stimuleringsregeling voor arbeidsmigratie”. „Aan de huisvesting van arbeidsmigranten kunnen werkgevers verdienen”, aan werknemers „die al een huis in Nederland hebben niet”.
Zonder de inhoudingsregeling kunnen werkgevers nog prima hun arbeidsmigranten aan een huis helpen, zegt ook econoom en arbeidsmigratiedeskundige Malgorzata Bos-Karczewska. Zij ziet nu al uitzendbureaus die geen huur inhouden, maar gewoon het volledige loon uitbetalen. „Dat is niet zo ingewikkeld.” Ze noemt een uitzendbureau dat de huisvesting via een dochterbedrijf regelt en alle werknemers vraagt aan dat bedrijf de huur te betalen. Om het risico op mislukte incasso’s af te dekken, vraagt het bedrijf een borg van 150 euro. „Dat is een voorbeeld van een goede uitzender”, zegt ze.
Het is van alle tijden: werkgevers die kosten inhouden op het loon van hun werknemers voor bijvoorbeeld lunch of vervoer. Maar die route kan ook misbruikt worden om kwetsbare werknemers onder te betalen. Want wat durven zij in te brengen tegen degene die verantwoordelijk is voor hun baan én hun bed? Bij een conflict dreigen ze beide kwijt te raken.
Daarom geldt sinds 2017 de regel: het minimumloon moet in ieder geval volledig uitbetaald worden. Maar er zijn twee uitzonderingen: huur en zorgpremie mogen onder voorwaarden wel ingehouden worden op het minimumloon. „Dat was een heel bewuste keuze”, zegt Koops van uitzendkoepel ABU. „Vóór deze wet waren er allerlei misstanden”, zegt hij. Controle was ingewikkeld, bijvoorbeeld omdat huur en zorgkosten contant of via online betaalverzoeken werden geïnd.
Nu zijn er duidelijke voorwaarden: niet meer dan een kwart van het minimumloon mag worden ingehouden, het moet duidelijk op de loonstrook staan en de huisvesting moet een kwaliteitskeurmerk hebben. Koops: „Daarmee is het transparant en kan er toezicht gehouden worden.” Ook minister Paul bedient zich van dat argument. Zij vreest dat uitzendbureaus na afschaffing van deze regeling nog steeds huurkosten zullen verrekenen, maar dan contant en illegaal. Nu kan de Arbeidsinspectie alles netjes in de gaten houden.
De Arbeidsinspectie zelf ziet dat anders: dat illegale, contante circuit is er allang, schreef de inspectie in de interne nota’s die de minister las, ondanks het verplichte kwaliteitskeurmerk. Sommige werkgevers houden zich in de papieren werkelijkheid aan de regels, maar blijken bijvoorbeeld het maximale bedrag in te houden voor alleen een bed. Of ze laten de huurder naast de verrekening op de loonstrook ook verborgen contante betalingen doen.
De gevolgen van die afhankelijkheid ziet Joost van Woelderen van de Stichting Bewonersbelangen Arbeidsmigratie regelmatig. „Bijvoorbeeld als je terechtkomt in een beschimmeld hok waar de verwarming het niet doet en koud water uit de douche komt.” Een arbeidsmigrant kan dan niet zomaar zeggen: ik ga pas weer betalen zodra ik hier fatsoenlijk kan wonen. Andere huurders hebben dat drukmiddel wel.
Maar deze misstanden zijn niet het belangrijkste argument om de regeling te beëindigen, benadrukt de Arbeidsinspectie in de nota’s. Het breken van een verdienmodel dat arbeidsmigratie aanjaagt, vindt de inspectie belangrijker. En het doorknippen van de grote afhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgever: „Baan kwijt, huis kwijt, dakloos.”
Dakloosheid onder arbeidsmigranten is door deze afhankelijkheid een enorm probleem geworden, zien hulporganisaties als het Leger des Heils. En die afhankelijkheid wordt volgens hen versterkt door deze inhoudingsregeling.
Demissionair minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Mariëlle Paul (VVD).
Een invloedrijke commissie onder leiding van oud-SP-leider Emile Roemer drong er vijf jaar geleden op aan arbeidsmigranten minder afhankelijk te maken van hun werkgever. Minister Paul benadrukt graag dat Roemer daarbij niet expliciet de inhoudingsregeling noemde en dat het kabinet de afhankelijkheid al op andere manieren vermindert.
FNV’er Van Gardingen vindt die verdediging onbegrijpelijk. „Iedereen vindt het scheiden van bed en baan belangrijk. En dan zou je daar géén financiële scheiding van willen maken? Juist dat is cruciaal. Al het andere is ondergeschikt.”
De bezwaren van de minister en de uitzendbranche zijn niet principieel: beide zeggen dat het nú onverstandig is om Van Hijums plan door te zetten. Allebei vinden zij dat eerst het effect afgewacht moet worden van verschillende wetten die recent zijn ingevoerd, of de komende jaren verwacht worden. Nu wegen de „nadelige gevolgen” nog het zwaarst, schreef Paul aan de Tweede Kamer, maar „op termijn” kan die weging „anders uitpakken”.
Ze heeft het bijvoorbeeld over de wet die gemeenten binnenkort meer te zeggen geeft over welke woningen er gebouwd worden, en voor welke doelgroepen. Daarmee kunnen gemeenten ervoor zorgen dat er genoeg huizen zijn voor arbeidsmigranten. Tot die tijd, redeneert de minister, moet je niet willen riskeren dat uitzendbureaus stoppen met het regelen van huisvesting.
Paul wil ook wachten op de invoering van het ‘toelatingsstelsel’ voor uitzendbureaus in 2027, dat het grote aantal malafide uitzenders moet inperken. En op een plan van haar collega Mona Keijzer (Volkshuisvesting, BBB), dat arbeidsmigranten met een huurwoning beter moet beschermen. Keijzer wil misbruik van short stay-constructies, bedoeld voor vakantiewoningen, tegengaan. Door zo’n constructie missen arbeidsmigranten reguliere huurbescherming en kunnen ze bij verlies van hun baan plotseling uit hun huis gezet worden.
Vakbond FNV en de Arbeidsinspectie vinden ook dat al die andere regels nodig zijn. Maar dat is voor hen geen argument om nu niks te doen. „Hoe is het mogelijk dat we het normaal vinden dat een baas een deel van het loon van arbeidsmigranten naar zich toe mag trekken, terwijl dat in andere situaties niet mag?”, zegt FNV-beleidsadviseur Elmar Smid. Ook arbeidsmigratiedeskundige Bos-Karczewska vindt het opvallend dat de bezwaren van de minister vooral „van praktische aard” zijn. „Wat zou moeten tellen, zijn principiële overwegingen.”
Maar minister Paul heeft een opvallende medestander, die ze graag benoemt. Ook vakbond CNV is niet voor afschaffing van de inhoudingsregeling en gebruikt hiervoor dezelfde praktische argumenten als de minister. Deze regeling nu afschaffen „jaagt het grijze circuit aan”, zegt voorzitter Piet Fortuin. „Werkgevers die verkeerd willen doen, krijgen dit via de pin en contante betalingen toch wel geregeld.” Volgens Fortuin gaat de discussie nu over „een klein dingetje”. Veel belangrijker vindt hij dat de minister de Arbeidsinspectie versterkt. „Als je geen toezicht houdt, kun je de mooiste regels met elkaar bedenken, maar gaat het niet werken.”
Grote vraag is of de Tweede Kamer Paul donderdag gaat dwingen de inhoudingsregeling tóch af te bouwen. Een Kamermeerderheid vond de eerdere plannen van Van Hijum een goed idee. Maar dat wil niet zeggen dat ze de nieuwe minister nu ook willen terugfluiten.
Vooral de opstelling van D66 en CDA zal cruciaal zijn. Ook zij steunden Van Hijum, maar klinken nu terughoudend: zij willen eerst de argumenten van Paul horen. D66 en CDA kunnen een snelle beslissing forceren, maar ze kunnen het onderwerp ook meenemen in de kabinetsformatie waar ze allebei bij betrokken zijn.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC