Home

Van zilver op de NK naar een debuut in Salt Lake City: voor Anna Boersma (24) is deze weken alles nieuw

Voor schaatser Anna Boersma (24) kan het seizoen al niet meer stuk. Ze werd verrassend tweede op de 500 meter bij de NK afstanden en plaatste zich voor de World Cup-wedstrijden. Het dagboek van een wereldbekerdebutant.

is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, zwemmen en tennis.

Zaterdag 1 november, NK afstanden in Thialf

‘Er zijn weinig mensen die mij op de 500 meter op het podium hadden verwacht, denk ik. Ik moest het zelf ook even dubbelchecken toen ik mijn tijd op het scorebord zag, maar het is echt zo. Ik ben geplaatst voor de World Cup. Het voelt als een grote waas, maar ik ben ook superblij.

‘Ik wilde achterlangs het stadion door, naar onze sponsors, maar toen werd ik ineens teruggeroepen voor interviews. Dat is nieuw voor me, en wel een beetje gek. Ik ben 24, dat is al wat ouder voor een debuut, maar ik heb geen makkelijke jaren gehad. Eind augustus vorig jaar scheurde ik tijdens een krachttraining mijn voorste kruisband af. Ik dacht eerst dat er een gewicht van de stang viel, tegen mijn rechterknie aan, dus ik zat te kijken van: wat gebeurt hier? Toen kwam de pijn.

‘Sindsdien rij ik zonder kruisband. Dat kan. Met een operatie had ik er sowieso anderhalf jaar uit gelegen. Dat kan altijd nog, besloot ik. Mijn vader heeft ook geen kruisband meer, en die heeft er een Elfstedentocht mee gereden. Die gedachte gaf motivatie. Ik heb er alles aan gedaan om terug te komen en ben er heel trots op dat ik hier nu na heel hard revalideren sta. Ik ben eigenlijk alleen maar beter gaan rijden zonder kruisband.

‘Ik rij bij een nieuw team, Staan-CTS Group. Met Ian Steen, die al mijn trainer was bij het gewest en vertrouwen in me had. En met Hein Otterspeer, die zelf net gestopt is als schaatser en veel ervaring heeft. Bij dit team heb ik echt een stap gezet. Het is een stuk professioneler dan bij het gewest, het niveau is hoog.

‘Ik hoef mijn agenda niet om te gooien, nu ik naar Salt Lake City ga. Ik doe al alles voor het schaatsen. Maar de komende weken zal ik thuis in Sint Nicolaasga geen Fun & Fit-lessen – een soort gezellige circuittraining – geven.’

Woensdag 5 november, thuis in Sint Nicolaasga

‘Het huis is ontploft, want ik ben mijn koffer aan het inpakken. Het is nu woensdag, drie dagen geleden reed ik nog op de NK afstanden en morgenochtend vertrek ik vroeg naar Salt Lake City. Ik laat het allemaal maar over me heenkomen, maar er is in de tussentijd wel veel op me afgekomen.

‘Er moesten snel veel wasjes worden gedaan. Ik moest een fietskoffer regelen, zodat mijn fiets ook mee kan in het vliegtuig. Gisteren heb ik schaatspakken gepast; de kleding van het nationaal team is van een ander merk dan de pakken van onze ploeg. En vanmiddag kan ik de rest van de kleding in Thialf ophalen.

‘Hoe doe je dat eigenlijk?, vroeg ik vanmorgen bij de schaatstraining aan mijn trainer Hein Otterspeer. Ik heb een nieuwe set reserve-ijzers geregeld, die had ik nog niet – elke schaatser reist met een extra paar.

‘Maar je kunt schaatsen niet zo meenemen het vliegtuig in. Nu heeft mijn vriend Daan Alexander van der Elst, die ook schaatst en in Salt Lake City voor België debuteert, van die ronde plastic buizen voor ons gehaald. Daarin worden onze schaatsijzers beschermd, en die verdeel je dan over twee koffers ruimbagage, zei Hein. Zo heb je een alternatief als een koffer zoekraakt. Mijn schoenen schroef ik eraf en neem ik apart mee in mijn handbagage.

‘Het wordt mijn eerste wereldbekerwedstrijd, maar het is ook mijn eerste keer naar Amerika. De zaterdagavond nadat ik me op de 500 meter had gekwalificeerd, kon ik amper slapen. Maar ik heb er heel veel zin in. Ik heb filmpjes gezien van de baan, het ziet er mooi uit. Om daar te mogen schaatsen is echt een heel grote droom die uitkomt.’

Dinsdag 11 november, in de zon voor de ijsbaan van Salt Lake City

‘Hoe het is om mezelf in oranje kleding te zien? Nou, daar kan ik wel aan wennen, hoor. Het is bijzonder om hier in Salt Lake City te zijn. De ijsbaan zag ik al vanuit de lucht. Ik zat in het vliegtuig naast een man die in Nederland geboren is, maar in de buurt van Salt Lake City woont. Hij wees van alles aan, waaronder de ijsbaan.

‘Het is hier supermooi. Bergen in de verte, ruime wegen; alleen is het buiten fietsen hier wel eng. Soms moesten we over een soort snelwegen, tussen alle auto’s. Gelukkig hebben we inmiddels een mooie, rustige route gevonden.

‘De eerste keer tijdens de warming-up, voordat we het ijs opgingen, keek ik wel even om me heen. Leuk om al die mensen te zien die ik hiervoor alleen op televisie zag. Maar, ik moet zeggen: ik ben eigenlijk vooral gefocust op mezelf en mijn eigen trainingen. Die moeten goed gaan. Op anderen let ik niet zo.

‘Ik zit in een hotel met mijn ploeggenoten en de afvaardiging van de KNSB, zoals de sportarts en bondscoach Rintje Ritsma. Ook de Canadezen, de Italianen en de Chinezen zitten bij ons. Dat geeft wel extra sfeer, nog meer het gevoel dat je bij een wereldbekerwedstrijd bent. Al maak ik geen praatje met de buitenlanders; we zitten altijd met de Nederlanders aan tafel.

‘Yvonne van Gennip, de teamleider, heeft een auto. Daarmee rijden we van en naar de ijsbaan. Op de rustdag, zondag, zijn we naar het Capitool van Utah in Salt Lake City gegaan. Dat was heel mooi van binnen. Ik had Salt Lake Temple (de bekendste kerk van de mormonen, red.) ook graag gezien, maar die was gesloten door een verbouwing, helaas. Het is af en toe toch leuk om ook nog wat anders te zien dan de ijsbaan.

‘Vandaag deden we een tempotraining op het ijs, daardoor voelde ik wel wat spanning opkomen. Maar echte wedstrijdspanning heb ik nog niet. Dat hoeft zaterdag pas te komen.’

Zondag 16 november, Salt Lake City, na de 500 meter

‘Het was zo gaaf om hier te rijden. Je gaat zo hard. Op de kruising voelde ik echt een verschil met wat ik gewend was van laaglandbanen. Ik had nu zo veel meer snelheid. Dat is tegelijkertijd lastig, want als je harder gaat dan ooit, vraagt dat andere coördinatie van je lijf.

‘Van de KNSB krijgt elke debutant een beeldje van een schaats. Heel leuk. Maar ik ben vooral heel trots op hoe het hier is gegaan. Vandaag werd ik vijfde en reed ik 37,11. Gisteren was ik zevende en schaatste ik 37,27. Dat zijn twee persoonlijke records. Terwijl ik bijna onderuitging bij de start. Doorgaan, doorgaan, doorgaan, dacht ik toen. Dan krijg je een extraatje: voor je gevoel wil je het goedmaken. Natuurlijk geef je altijd alles, maar na zo’n missertje denk je toch extra van: kom op.

‘Morgenavond vlieg ik naar Calgary. Daar heb ik ook veel zin in, een nieuwe omgeving. Ik ben nu gewend aan het schaatsen van wereldbekerwedstrijden. Ik weet nu hoe het is, hoe het gaat. Wat me het meest opviel, is dat je hier relaxed aan de start kunt staan. Bij een NK moet je je zien te plaatsen, hier is dat anders. Natuurlijk wil ik hard rijden, maar de druk van het kwalificeren is eraf. Terwijl ik vooraf had verwacht dat ik hier juist heel zenuwachtig zou zijn. Maar ik voelde eigenlijk maar een beetje spanning.

‘En ja, ik was erbij, bij het wereldrecord van Femke (Kok, red.). Heel gaaf om te zien, kippenvel. Dat wil iedereen wel. Of het voor mij ooit haalbaar is? Nou, dit is wel heel hard. Maar aan de andere kant: ik begon dit seizoen met een tijd van 38,1, dus ik heb er in een paar weken al een seconde van afgehaald. Als ik daarover nadenk, klinkt dat best gek. Mijn seizoen kan eigenlijk al niet meer stuk. Ik ben heel blij.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next